Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 131-140 van de 38598 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2022:157 Hof van Discipline 's Gravenhage 210317

    Klacht over eigen (door de deken aangewezen) advocaat. Het hof is met de raad van oordeel van dat niet is gebleken dat de kwaliteit van de door verweerder verstrekte bijstand onder de maat was. Voor zover de klacht betrekking had op de aanwijzing van verweerder door de deken is de klacht niet-ontvankelijk. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2022:151 Hof van Discipline 's Gravenhage 220235

    Artikel 13 beklag. Het hof leidt uit de stukken af dat klaagster bijstand wenst van een advocaat voor het beëindigen van een zorgmachtiging en dat zij hiervoor een kortgedingprocedure bij de rechtbank wil starten. De deken heeft in dat verband terecht aangevoerd dat een kortgedingprocedure niet de geschikte weg is, maar dat klaagster een aanvraag tot beëindiging van de zorgmachtiging moet indienen bij de geneesheer-directeur (zie artikel 8:18 Wvggz). Voor het indienen van zo’n aanvraag geldt geen verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat. Indien de geneesheer-directeur het verzoek tot beëindiging van de maatregel heeft afgewezen, kan wel de vraag rijzen of de deken een advocaat zou moeten aanwijzen. Die situatie is nu nog niet aan de orde. Het beklag van klaagster is in dit stadium ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2022:223 Raad van Discipline Amsterdam 22-774/A/A

    Voorzittersbeslissing; De gedragingen die klager verweerster verwijt, en die bovendien door verweerster worden betwist dan wel in een ander licht worden geplaatst, hebben zich volledig voltrokken in de privésfeer van verweerster en houden geen verband met verweersters praktijkoefening als advocaat. De klacht is kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:159 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3745

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager is van mening dat de psychiater werkzaam in een TBS Kliniek waar klager verbleef, de verstrekking van Ritalin medicatie zonder deugdelijk onderzoek heeft gestaakt. Ook is klager van mening dat de psychiater door zowel de rol van psychiater als die van hoofd behandeling te vervullen, aan klager een onafhankelijk oordeel van een psychiater heeft onthouden. De psychiater heeft de klacht bestreden. Het college is van oordeel dat de psychiater, die ook als hoofd behandeling op een opname- en diagnostiekafdeling werkzaam is, en in die hoedanigheid het intakegesprek heeft gevoerd met klager, niet betekent dat hij klager niet als psychiater kan behandelen en onderzoeken. Niet valt in te zien waarom de psychiater na het voeren van het intakegesprek geen onafhankelijk oordeel als psychiater zou kunnen geven. Gelet op het gebrek aan een eenduidige indicatie voor het gebruik van Ritalin, is de handelswijze van de psychiater om dit middel om te zetten in een langwerkend methylfenidaatpreparaat en nader onderzoek te doen naar de indicatie niet onzorgvuldig. Het college ziet geen reden om te twijfelen aan de deugdelijkheid van het onderzoek van de psychiater. Klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2022:224 Raad van Discipline Amsterdam 22-768/A/A

    Voorzittersbeslissing; niet-ontvankelijk, omdat de klacht buiten de driejaarstermijn van artikel 46g lid 1 onder a Advocatenwet is ingediend.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:160 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/3554

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager is sinds 2001 bekend bij een GGZ instelling waar de psychiater werkzaam is. Sinds 2009 heeft klager onafgebroken een rechterlijke machtiging opgelegd gekregen (sinds 2020 heet dit een zorgmachtiging). De psychiater heeft klager een aantal keren beoordeeld voor de verlenging van de rechterlijk machtiging. Klager verwijt de psychiater dat zij geen onafhankelijk psychiater is en dat zij bij de rechter dingen beweert over het ziektebeeld van klager zonder hem te zien of te spreken. Ook verwijt hij haar dat ze zich schuldig heeft gemaakt aan insluiping en dat zij zonder toestemming bijna in zijn woning stond. Het college is van oordeel dat de psychiater, die in het geheel niet betrokken is geweest bij de behandeling van klager, onafhankelijk een oordeel kon geven over de verlenging van de zorgmachtiging, ook al was zij in dienst bij de instelling waar klager onder behandeling staat. Op basis van de stukken bestaat er geen aanleiding om te twijfelen aan de zorgvuldigheid en de juistheid van de beoordeling van de psychiater ook al heeft zij bij niet alle beoordelingen voorafgaand met klager gesproken. Voorts is het handelen van de psychiater waarbij zij tot aan de voordeur van klager kwam zodat zij hem- door de deur heen- van informatie kon voorzien niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TSCTS:2022:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart Amsterdam Uitspraak 2022-03 (zaak 2022.V2-BEAUMAIDEN)

    Op maandag 18 oktober 2021, om circa 3:27 uur LT is het schip Beaumaiden aan de grond gelopen nabij het Deense eiland Bornholm. Deze gronding is dezelfde dag door de rederij aan de Inspectie gemeld (bijlage 5 bij het verzoekschrift). Het schip was volledig beladen met kunstmest en had een maximale diepgang van 5.50 m. Betrokkene had op 17 oktober 2021 de wacht van 20:00 tot 24:00 uur. Er was in deze periode geen uitkijk op de brug aanwezig. Tussen 19:00 en 21:00 uur heeft betrokkene circa een liter wijn gedronken. Rond 23:40 uur is hij in zijn hut naar het toilet gegaan. Daarna is hij op zijn bed gaan liggen en in slaap gevallen. Hij heeft de 3de stuurman niet gebeld om hem te wekken voor diens wacht van 00:00 tot 4:00 uur. Het schip heeft circa vier uur met een onbemande brug gevaren, op de automatische piloot, voordat het schip bij Bornholm, met een snelheid van tien knopen, aan de grond gelopen is.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2022:225 Raad van Discipline Amsterdam 22-764/A/A 22-765/A/A 22-766/A/A 22-767/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk-ongegronde klacht van een advocaat over een advocaat. Betreft een conflict over de financiële afwikkeling bij vertrek van verweerder naar een ander kantoor.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:161 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4088

    Kennelijk niet ontvankelijke klacht. Klaagster verwijt de psychiater dat zij uit naam van een cliënte van klaagster een bezwaar op een indicatiebesluit CIZ heeft opgesteld, en dat zij deze cliënte gedwongen heeft dit bezwaar te ondertekenen. Klaagster stelt dat zij en haar organisatie in dit bezwaar vals beschuldigd zijn en zij wil dat haar naam wordt gewijzigd bij het CIZ. De psychiater verzoekt de klacht niet ontvankelijk te verklaren, omdat het verwijt de individuele gezondheidszorg niet raakt. Het college is van oordeel dat de klaagster, als professional, geen concreet belang heeft dat verband houdt met de individuele gezondheidszorg. Zonder verder toelichting- die klaagster niet heeft gegeven- valt echter niet in te zien hoe haar klacht verband houdt met de individuele gezondheidszorg. De klacht is kennelijk niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2022:226 Raad van Discipline Amsterdam 22-763/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond. Verweerder heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door een kort geding jegens klager aan te kondigen (en ook daadwerkelijk aanhangig te maken) nadat klager een nieuwe tuchtklacht over hem had ingediend. Het stond verweerder vrij om in kort geding nakoming van de schikkingsovereenkomst van 7 augustus 2019 en dus intrekking van de nieuwe tuchtklacht te vorderen