Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 1-10 van de 101 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:105 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 193/2020

    Klacht tegen huisarts. De klacht heeft betrekking op het stopzetten van medicatie. Uit de informatie van de apotheker blijkt dat de betreffende medicatie (tijdelijk) niet geleverd kon worden. Deze leveringsproblemen vallen buiten de invloedssfeer van beklaagde als huisarts en kunnen haar dan ook niet worden verweten. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:120 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2175-2020/271

    Klagers hebben een klacht ingediend over de behandeling van wijlen hun moeder (patiënte) tegen meerdere artsen van de afdeling geriatrie. De klacht tegen verweerder houdt onder meer in dat 1) het te lang heeft geduurd voordat het behandelbeleid is gestart, 2) het postoperatieve beleid onvoldoende is gebleken en een verslechtering van de algemene toestand van patiënte tot gevolg heeft gehad, 3) behandelkeuzen niet werden bepaald op basis van de noodzaak voor patiënte, 4) het beleid teveel werd overgelaten aan de dienstdoende arts-assistenten, 5) sprake is geweest van een onzorgvuldig proces van versterving en 6) het medisch dossier bij het verweerschrift afwijkend is.Verweerder heeft primair een beroep gedaan op de niet-ontvankelijkheid van klagers, omdat het (aanvullend) klaagschrift niet aan de daaraan te stellen eisen voldoet en de klacht meer het karakter heeft van een algemene klacht tegen het ziekenhuis dat later is omgewerkt tot een tuchtklacht. Subsidiair heeft verweerder de klacht bestreden.Het college heeft de klagers ontvankelijk verklaard in hun klacht, nu (net) voldoende duidelijk is wat klagers verweerster verwijten. Het college heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard, nu verweerder geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt omtrent de medische behandeling van patiënte. Daarnaast heeft het college een aantal verwijten niet kunnen vaststellen. Voorts is verweerder niet bij alles betrokken geweest en hoefde dat ook niet te zijn. Van een onzorgvuldig proces van versterving is geenszins sprake. Het college ziet geen aanwijzingen van het (achteraf en ten onrechte) aanpassen van het medisch dossier van patiënte door verweerder.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:106 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 194/2020

    Klacht tegen psychiater. De klacht heeft betrekking op het stopzetten van medicatie. Uit bericht van de apotheek blijkt dat deze medicatie op korte termijn niet leverbaar was. Hiervan valt beklaagde geen verwijt te maken. Beklaagde heeft zorgvuldig gehandeld door klager een volwaardig alternatief te bieden. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3124

    Klacht tegen psychiater. Klagers rijbewijs is eerder door het CBR ongeldig verklaard in verband met middelenmisbruik. Enige tijd later is klager zelf een “Procedure Gezondheidsverklaring” gestart om een verklaring van geschiktheid te krijgen en een nieuw rijbewijs aan te vragen. In dit kader heeft beklaagde een psychiatrische expertise verricht en klager onderzocht. Vervolgens heeft hij een adviesrapport uitgebracht aan de medisch adviseur van het CBR. Daarbij heeft hij geadviseerd om klager geschikt te achten met een termijnbeperking van één jaar. De medisch adviseur heeft vervolgens om een toelichting op het rapport gevraagd en gevraagd daarin ook te betrekken dat klager in het jaar ervoor met alcohol op is aangehouden waarbij het resultaat van de meting 685 ug/l was. Omdat deze aanhouding bij beklaagde niet bekend was, achtte hij aanvullend onderzoek nodig, waarvoor hij klager persoonlijk wilde onderzoeken. Klager ging hier aanvankelijk mee akkoord maar heeft de afspraak uiteindelijk geannuleerd. Klager verwijt beklaagde dat hij van klager eiste dat hij opnieuw persoonlijk zou worden onderzocht. Vanwege het belang van de verkeersveiligheid én om het inzicht van klager in zijn alcoholgebruik te kunnen beoordelen, acht het college het begrijpelijk en zorgvuldig dat beklaagde klager aanvullend persoonlijk wilde onderzoeken om tot een weloverwogen advies te kunnen komen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2021:43 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2021/09

    Klacht tegen psychiater. Klager verwijt de psychiater dat zij - toen zij klagers behandelaar werd - hem niet langer het middel Efexor wilde voorschrijven, terwijl klager dat een goed medicijn vindt. Klager verwijt de psychiater ook dat zij hem antipsychotica heeft voorgeschreven. Klager wil geen antipsychotica gebruiken, omdat deze medicatie volgens hem leidt tot gewichtstoename en via dwang wordt toegediend. Het college is van oordeel dat uit het dossier in deze zaak niet blijkt dat de verwijten van klager terecht zijn. De klacht wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard.  

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2168-2020/267

    Klagers hebben een klacht ingediend over de behandeling van wijlen hun moeder (patiënte) tegen meerdere artsen van de afdeling geriatrie. De klacht tegen verweerster houdt onder meer in dat 1) het postoperatieve beleid onvoldoende is gebleken, 2) sprake is geweest van een onzorgvuldig proces van versterving en 3) het medisch dossier bij het verweerschrift afwijkend is.Verweerster heeft primair een beroep gedaan op de niet-ontvankelijkheid van klagers, omdat het (aanvullend) klaagschrift niet aan de daaraan te stellen eisen voldoet en de klacht meer het karakter heeft van een algemene klacht tegen het ziekenhuis dat later is omgewerkt tot een tuchtklacht. Subsidiair heeft verweerster de klacht bestreden.Het college heeft de klagers ontvankelijk verklaard in hun klacht, nu (net) voldoende duidelijk is wat klagers verweerster verwijten. Het college heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het college kan de verwijten niet vaststellen, het dossier bevat daarvoor geen aanwijzingen. Van een onzorgvuldig proces van versterving is geenszins sprake. Dat verweerster het medisch dossier ten gunste van zichzelf heeft aangepast, kan het college ook niet vaststellen.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2305-A2021/052

    Klager verwijt de arts die werkzaam was op de huisartsenpost dat hij 1) zeer nalatig en onzorgvuldig heeft gehandeld, 2) zeer slecht heeft gecommuniceerd en hij geen inlevingsvermogen heeft laten zien. Klager heeft zich op geen enkel moment serieus genomen gevoeld en moest naar eigen zeggen aandringen op een verwijzing naar de SEH. De arts heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het doen van nader onderzoek had volgens de arts geen meerwaarde. Hij heeft klager zo spoedig mogelijk doorverwezen, alleen twijfelde hij over verwijzing naar de MDL-arts of de chirurg.Het college heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Nu het college niet heeft kunnen vaststellen hoe de communicatie tijdens het consult precies is verlopen, aangezien de lezing van partijen van elkaar verschilt, heeft het college niet kunnen vaststellen dat de arts klachtwaardig heeft gehandeld. Ook anderszins heeft het college niet kunnen vaststellen dat de arts klachtwaardig heeft gehandeld. De arts heeft klager onderzocht en hem daarna doorverwezen naar de SEH. De arts heeft op goede gronden betoogd dat het doen van nader onderzoek niet zinvol was.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3044

    Verweerster is werkzaam als huisarts en praktijkhoudster. Klaagster staat ingeschreven als patiënt bij een collega van verweerster. Klaagster is in 2016 driemaal gezien door twee verschillende huisartsen die als waarnemer in de praktijk van verweerster werkzaam zijn. Tegen deze waarnemers heeft klaagster ook tuchtklachten ingediend, met het verwijt dat zij de diagnose "sudden deafness" hebben gemist. Volgens klaagster heeft verweerster als praktijkhoudster een passieve houding aangenomen nadat zij bekend was geworden met de gemiste diagnose en de ernstige gevolgen daarvan. Volgens klaagster had verweerster stappen moeten ondernemen en nader onderzoek moeten (laten) verrichten (o.a. een calamiteitenmelding). Het college oordeelt dat verweerster niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Van een calamiteit is naar het oordeel van het college geen sprake, omdat de gebeurtenis geen betrekking had op de 'organisatie van de zorg'. Verweerster heeft de situatie van klaagster binnen de praktijk voldoende kenbaar gemaakt en besproken. Verweerster hoefde geen contact op te nemen met klaagster, omdat de behandelend artsen dit zelf al hadden gedaan.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2142

    Gynaecoloog wordt verweten dat zij - nadat afwijkingen waren geconstateerd op een echo - onvoldoende uitleg heeft gegeven aan de ouders en geen aanvullend onderzoek heeft verricht. De baby is een paar dagen later (voor de geboorte) overleden. Bij autopsie is een draaiing van de navelstreng gezien. Kennelijk gegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2218-A2021/014

    Klager verwijt zijn ex-huisarts dat zij onzorgvuldig en onbetrouwbaar heeft gehandeld. Zo heeft zij 1) in strijd met vrije artsenkeuze klager ingeschreven bij de praktijk van een collega, 2) ondanks de beëindiging van de behandelrelatie contact blijven houden met klager, 3) zonder instemming klager verwezen naar derden voor hulp, 4) ondeskundig een diagnose gesteld in haar verwijzing en 5) informatie verstuurd naar een foutief adres. Verweerster heeft gemotiveerd verweer gevoerd, waarbij zij wel reflecterend op haar handelen van mening is dat zij eerst contact had moeten opnemen met klager alvorens de verwijzing te versturen. Deels gegrond. Waarschuwing.