Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 1-10 van de 26 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:80 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.203

    Klacht tegen kaakchirurg. Klaagster is door de kaakchirurg geopereerd. Zij verwijt de kaakchirurg dat bij een operatie een gaas is achtergebleven en dat voldoende begeleiding ontbrak, toen bij klaagster sprake was van gewichtsverlies. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:74 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.038

    Klacht tegen chirurg. De klacht heeft betrekking op de overleden echtgenoot van klaagster (verder te noemen patiënt). Patiënt is gezien op de polikliniek door een collega van verweerder i.v.m. een tumor. In het opvolgend multidisciplinair overleg werd besloten om direct te opereren. Een week later is patiënt gezien door een andere collega (C2020.040), hoofdbehandelaar, die weer vier dagen later patiënt heeft geopereerd. Twee weken later volgt een hersteloperatie en drie dagen nadien nog een. Deze laatste operatie wordt door een collega van verweerder (C2020.037) verricht. In de week na deze operatie wordt patiënt nog tweemaal geopereerd; de eerste van deze twee operaties wordt door verweerder, chirurg, verricht. Tien dagen na de laatste operatie overlijdt patiënt. Klaagster verwijt verweerder: 1. Het niet duidelijk communiceren met de patiënt en de familie; 2. Het niet doen van zorgvuldig onderzoek voorafgaand aan de operaties; 3. Het zonder toestemming en overleg opereren, aangezien de patiënt, gezien zijn verwardheid, geen beslissingen kon nemen; 4. Het niet noteren van de inhoud van zogenaamde gesprekken die met de familie zouden hebben plaatsgevonden; 5. Het schenden van de zorgplicht door patiënt direct na de operatie over te dragen aan de hoofdbehandelaar; 6. Het ontbreken van nazorg na het overlijden van de patiënt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster niet-ontvankelijk in het beroep voor zover daarbij de klacht is uitgebreid of aangevuld en verwerpt het beroep voor het overige.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:81 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.204

    Klacht tegen kaakchirurg. Klaagster is door de kaakchirurg geopereerd. Zij verwijt de kaakchirurg dat zij aan de verkeerde zijde van de mond is geopereerd, waardoor zij nog veel pijn heeft en de prothese niet goed zit, en dat voldoende begeleiding ontbrak, toen bij klaagster sprake was van gewichtsverlies. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:75 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.039

    De klacht heeft betrekking op de overleden echtgenoot van klaagster (verder te noemen: patiënt). Patiënt is gezien op de polikliniek door een collega van verweerder i.v.m. een tumor. In het opvolgend multidisciplinair overleg (m.d.o.) werd besloten om direct te opereren. Een week later is patiënt gezien door een andere collega (C2020.040), hoofdbehandelaar, die weer vier dagen later patiënt heeft geopereerd. Hij werd daarbij geassisteerd door verweerder, destijds chirurg in opleiding. Twee weken later volgt een hersteloperatie. Na het m.d.o. bespreekt verweerder de complicaties met patiënt en klaagster. Drie dagen later volgt nog een hersteloperatie. In de week na deze operatie wordt patiënt nog tweemaal geopereerd. Tien dagen na de laatste operatie overlijdt patiënt. Klaagster maakt verweerder de volgende verwijten: 1. Hij is onzorgvuldig met de patiënt omgegaan aangezien er een foutieve ingreep heeft plaatsgevonden waarna nog negen hersteloperaties nodig waren; en 2. Hij is onzorgvuldig met klaagster omgegaan door niet duidelijk te communiceren.  Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster niet-ontvankelijk in het beroep voor zover daarbij de klacht is uitgebreid of aangevuld en verwerpt het beroep voor het overige.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:82 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.205

    Klacht tegen kaakchirurg. Klaagster is door de kaakchirurg geopereerd. Zij verwijt de kaakchirurg dat zij aan de verkeerde zijde van de mond is geopereerd, waardoor zij nog veel pijn heeft en de prothese niet goed zit. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:76 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.040

    Klacht tegen chirurg. De klacht heeft betrekking op de overleden echtgenoot van klaagster (verder te noemen patiënt). Patiënt is gezien op de polikliniek door een collega van verweerder i.v.m. een tumor. In het opvolgend multidisciplinair overleg werd besloten om direct te opereren. Een week later is patiënt gezien door verweerder, chirurg. Verweerder was hoofdbehandelaar en heeft patiënt vier dagen later geopereerd. Twee weken later volgt een hersteloperatie, ook door verweerder, en drie dagen nadien nog een. Deze laatste operatie wordt door een collega van verweerder (C2020.037) verricht. In de week na deze operatie wordt patiënt nog tweemaal geopereerd. Tien dagen na de laatste operatie overlijdt patiënt. Klaagster maakt verweerder de volgende verwijten: 1. Hij is onzorgvuldig met de patiënt omgegaan aangezien er een foutieve ingreep heeft plaatsgevonden waarna nog negen hersteloperaties nodig waren; en 2. Hij is onzorgvuldig met klaagster omgegaan door niet duidelijk te communiceren. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster niet-ontvankelijk in het beroep voor zover daarbij de klacht is uitgebreid of aangevuld en verwerpt het beroep voor het overige.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:77 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.194

    Klacht tegen kaakchirurg. Klager is vanwege een slecht gebit met ontstekingen door zijn huisarts naar verweerder verwezen. Verweerder heeft klager in vier jaar tijd verschillende keren behandeld. Daarbij zijn onder meer de tanden van klager verwijderd en zijn verschillende implantaten geplaatst. Klager verwijt verweerder – kort gezegd – dat hij zijn zorgplicht niet is nagekomen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:78 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.195

    Klacht tegen tandarts. Verweerster heeft klager in eerste instantie op verwijzing van een kaakchirurg gezien in verband met problemen met zijn prothese in de bovenkaak. Later is klager bij verweerster op consult geweest in verband met een probleem met de vergoeding van implantaten in de bovenkaak en weer later vanwege kaakgewrichtsklachten. Klager verwijt verweerster – kort gezegd – dat zij in haar werk als tandarts tekort is geschoten. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:72 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2019.315

    Klacht tegen een ambulanceverpleegkundige. Klacht over het achterwege laten van immobilisatie door de ambulanceverpleegkundige na een ongecontroleerde val van een oudere man op een badkamervloer. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht deels gegrond en legt aan de verpleegkundige de maatregel van berisping op. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het beroep van de verpleegkundige gegrond en verklaart de gegrond verklaarde klachtonderdelen alsnog ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege schetst de bijzondere en onvoorspelbare omstandigheden waaronder een ambulanceverpleegkundige het werk verricht en benadrukt dat de ambulanceverpleegkundige geen diagnoses stelt, maar werkhypotheses aan de hand van een afgenomen anamnese en screening van de vitale functies.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2021:79 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.196

    Klacht tegen tandarts. Verweerster is als tandarts-gnatholoog werkzaam bij een centrum voor bijzondere tandheelkunde. Klager is naar haar verwezen in verband met klachten over de kauwmusculatuur. Klager verwijt verweerster – kort gezegd – dat zij in haar werk als tandarts tekort is geschoten. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.