Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 31-40 van de 16517 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:115 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 210131

    Klacht tegen verzetsbeslissing van de raad. Klager heeft zijn beroepschrift niet binnen 30 dagen ingediend. Aan het Hof is niet gebleken van omstandigheden die in dit geval de (ruime) overschrijding van de beroepstermijn verschoonbaar maken. Gelet hierop is voor het hof geen taak weggelegd de zaak van klager inhoudelijk te beoordelen. De klacht is niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:130 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-508

    Klacht van de advocaat en van diens cliënt tegen de advocaat van de wederpartij. Met de bewoordingen van verweerder in zijn e-mail aan de advocaat-klager waarin hij deze van grove misleiding van de voorzieningenrechter heeft beschuldigd, is naar het oordeel van de raad niet onnodig grievend geweest. In confraternele correspondentie is een stevige zakelijke toonzetting aanvaardbaar en deze bewoordingen waren in de door verweerder geschetste context ook in het belang van zijn cliënte nodig. Verweerder mocht zonder nader onderzoek ook afgaan op de feitelijke mededeling van zijn cliënte dat het beslag geen doel had getroffen. Na weigering van toezending van een processtuk door de advocaat-klager stond het verweerder vrij om de ontbrekende stukken bij de rechtbank op te vragen. Gedragsregel 21 is daarop niet van toepassing. De in een processtuk van verweerder gebruikte bewoordingen over klager, uitgedrukt in beeldspraak en met uitdrukkingen, zijn niet onnodig grievend. Verweerder heeft ook niet opzettelijk feitelijke onjuistheden in zijn processtuk alsnog aangepast. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:116 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 210113

    Artikel 13 beklag. Klaagster heeft de deken om aanwijzing van een advocaat verzocht om een civiele procedure te starten tegen haar voormalig advocaat. Het hof is van oordeel dat de deken gegronde redenen had om het verzoek van klaagster af te wijzen. Klaagster had een advocaat die haar in deze procedure wilde bijstaan. Dat klaagster niet tevreden is over de (voorgenomen) rechtsbijstand van deze eerdere advocaat brengt, gezien de bevindingen in het kader van de second opinion, niet mee dat de deken alsnog een advocaat moet aanwijzen. Hiervoor is de vangnetvoorziening van artikel 13 niet bedoeld.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:131 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-509

    Klager heeft als partijdeskundige opgetreden voor partij B in een civiel geschil tussen B en de cliënte van verweerder. Verweerder mocht klager rechtstreeks benaderen zoals gedaan, nu daaraan geen (gedrags)regel in de weg staat. Alhoewel de inhoud van de gewraakte e-mail van verweerder aan klager een scherpe toonzetting had, heeft verweerder daarmee niet de grenzen van het betamelijke overschreden. Niet is gebleken dat verweerder opzettelijk voor toezending van die e-mail een ander zakelijk e-mailadres van klager heeft gebruikt met de intentie om hem zakelijk te schaden. Het stond verweerder vrij om contact te zoeken met de beroepsverenigingen van klager zoals door hem gedaan. Klacht in zoverre ongegrond.  

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:117 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 210073

    Artikel 13 beklag. Klaagster heeft de deken voor de derde keer verzocht om aanwijzing van een advocaat. Het hof is van oordeel dat de deken zich voldoende heeft ingespannen om klaagster te informeren over wat van haar wordt verlangd om haar verzoek in behandeling te kunnen nemen en de deken heeft klaagster voldoende tijd gegeven om de gevraagde stukken aan te leveren. Klaagster heeft slechts een lijst met namen van advocaten verstrekt die zij zou hebben benaderd, zonder nadere bewijsstukken en toelichting. Ook heeft ze niet aangetoond dat er sprake is van een procedure waarbij bijstand van een advocaat is voorgeschreven. Het verzoek van klaagster wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:132 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-021 20-022

    Verweerder sub 1 heeft klagers bijgestaan in hun geschil met een bouwbedrijf. De (al dan niet) door verweerder sub 1 aan klagers gestuurde opdrachtbevestiging voldeed niet aan het bepaalde in art. 7.5 Voda, nu daarin niet de te verrichten werkzaamheden en de duur ervan vermeld stonden en evenmin was vermeld wat was afgesproken over een plan van aanpak en te volgen strategie met de mogelijke financiële risico’s van onder meer een arbitrageprocedure. Verweerder sub 1 heeft in strijd met Gedragsregel 16 klagers daar op een later moment ook niet schriftelijk op gewezen, terwijl hij daartoe ondanks de tijdsdruk wel de gelegenheid voor moet hebben gehad. In zoverre is verweerder sub 1 tekortgeschoten in zijn verplichtingen jegens klagers en zijn die klachten gegrond. Waarschuwing. De overige klachten en de klachten tegen verweerder sub 2 zijn ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:118 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200283

    Klacht tegen eigen advocaat in familiezaak ook in hoger beroep ongegrond.  

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:133 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-472

    Verzet ongegrond. Verweerder heeft klager naar behoren bijgestaan in zijn geschil.  

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:137 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-492/DB/LI

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Klaagster heeft geen eigen belang bij de klacht dat verweerder zich jegens klaagsters advocaat, de deurwaarder en de notaris, onnodig grievend en intimiderend heeft uitgelaten en bij de klacht dat verweerder onvoldoende op de hoogte was van de wettelijke procedures en inhoudelijke aspecten, zodat deze klachtonderdelen met toepassing van artikel 46j lid 1 sub b Advocatenwet kennelijk niet-ontvankelijk worden verklaard. Verweerder is met de wijze waarop hij is opgetreden en zich in die correspondentie heeft uitgedrukt gebleven binnen de grenzen van het toelaatbare, waarbij de voorzitter in aanmerking neemt de context waarbinnen de uitlatingen zijn gedaan, te weten een langslepend geschil waarbij partijen lijnrecht tegenover elkaar stonden. In zoverre is de klacht wel ontvankelijk, maar kennelijk ongegrond op grond van artikel 46j lid 1 sub c Advocatenwet.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:133 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-104/DB/ZWB

    Ne bis in idem. Klager heeft geen eigen belang bij klachten over de financiële afspraken tussen de verzekeraar en de rechtshulpverlener. Advocaat hoeft bij zijn advies over de aanpak van de zaak geen rekening te houden met de gevolgen die de rechtsbijstandsverzekeraar daar mogelijk aan verbindt. De advocaat is daarover geen verklaring verschuldigd.   Klacht gedeeltelijk ongegrond, gedeeltelijk niet-ontvankelijk.