Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 11-20 van de 16518 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:136 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-031

    Voorzittersbeslissing. In een geschil over een nalatenschap en verkoop van woning daaruit is de voorzitter niet gebleken dat verweerster in de omstandigheden van het geval met haar e-mail en bijlage ongeoorloofde druk heeft uitgeoefend op klager om snel te tekenen. Gezien de correspondentie is de voorzitter ook niet gebleken dat klager daardoor overvallen was. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:143 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-286

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Nu niet kan worden vastgesteld wat verweerder precies tegen zijn cliënt heeft gezegd, kan evenmin worden vastgesteld dat verweerder zijn cliënt onjuist heeft geïnformeerd en is een rectificatie ook niet aan de orde. 

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:137 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-074

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij over samenspannen met de advocaat die als vertegenwoordiger ex art. 20 Onteigeningswet is benoemd. Toetsing aan gebruikelijke criterium advocaat wederpartij. De samenspanning baseert klaagster op een mededeling van de beklaagde advocaat aan de vertegenwoordiger dat in geval van een schikking minder kritisch naar de kosten van onder meer de vertegenwoordiger zal worden gekeken. Verweerster legt uit dat en waarom de gemeente voor wat betreft de op te voeren kosten in het kader van een schikking tot meer bereid was dan in een procedure. Dit is aldus de voorzitter een alleszins begrijpelijke aanpak van de zaak namens de gemeente en daaruit kan in ieder geval niet de conclusie worden getrokken dat er sprake is geweest van samenspanning. Nu door klaagster daarnaast niet meer argumenten zijn aangevoerd dan de stelling dat “het wereldje van onteigening er één is van ons kent ons.” , wat zonder nadere toelichting en onderbouwing geen argument is waarop een klacht gebaseerd kan worden, wordt de klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:144 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-146 21-147

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaten van de wederpartij deels kennelijk ongegrond en deels kennelijk van onvoldoende gewicht. Onder meer niet vast te stellen dat verweerders een door hen ingediende productie op onrechtmatige wijze is verkregen en dat verweerders dat wisten, geen sprake van schending van gedragsregel 25 lid 1 en niet vast te stellen dat verweerders bewust onjuiste feiten hebben geponeerd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:138 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-084

    Voorzittersbeslissing. Klacht van advocaat over advocaat. Niet gebleken van handelen van verweerder in strijd met gedragsregels. Naar objectieve maatstaven geen sprake van onnodig grievende uitlatingen. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:139 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-086

    Klacht tegen de advocaat die de wederpartij bijstond in diverse familierechtelijke procedures is kennelijk ongegrond. Er zijn geen aanknopingspunten voor het oordeel dat verweerster de geldende maatstaf niet in acht heeft genomen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:172 Raad van Discipline Amsterdam 21-496/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Op grond van het klachtdossier kan niet worden vastgesteld dat verweerder feiten heeft geponeerd waarvan hij wist of redelijkerwijs had kunnen weten dat die onjuist zijn. Dat klaagster het niet eens is met de argumenten en stellingen van verweerder in zijn (proces)stukken, met name over de vraag of sprake is van paulianeus handelen, is inherent aan een gerechtelijke procedure. Het is aan klaagster om zich daartegen in die procedure te verweren, hetgeen zij ook heeft gedaan. Dat verweerder een op voorhand kennelijk onjuist standpunt heeft ingenomen, is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:138 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-480/DB/OV

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid van tuchtrechter. Klager klaagt over de wijze waarop verweerder in zijn hoedanigheid van lid-advocaat van de raad van discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden is omgegaan met het door klagers tegen de voorzittersbeslissing d.d. 3 september 2018 ingestelde verzet. Het tuchtrecht is echter niet bedoeld om het werk van een (andere) tuchtrechter te beoordelen. Een dergelijke klacht zal om die reden dan ook niet snel gegrond zijn. Dat zou alleen het geval kunnen zijn in zeer in het oog springende gevallen, zoals bij het aannemen van steekpenningen. Daarvan is in dit geval echter geen sprake. De klacht is dan ook kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:167 Raad van Discipline Amsterdam 21-154/A/A

    Het valt verweerster tuchtrechtelijk te verwijten dat zij onvoldoende duidelijkheid heeft verschaft over de hoedanigheid waarin zij optrad, klaagster op een agressieve en niet constructieve manier heeft benaderd en niet is ingegaan op het voorstel van klaagster om in gesprek te gaan terwijl dit meer dan aangewezen was. Verweerster heeft onvoldoende distantie betracht en zij heeft geen blijk gegeven van enig zelfinzicht of inzicht in haar verantwoordelijkheden als advocaat. Op de zitting van de raad is verweerster niet in staat gebleken te reageren op de verwijten die klaagster haar maakt en met een afstand naar de zaak te kijken. Zij heeft uitsluitend verwijten richting klaagster geuit en heeft geen blijk gegeven van inzicht in haar eigen aandeel in de ontstane situatie. Nu de verweten gedragingen hebben plaatsgevonden in de periode dat verweerster nog advocaat-stagiaire was en zij een blanco tuchtrechtelijk verleden heeft, zal de raad in dit geval volstaan met een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:139 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-481/DB/GLD

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid van tuchtrechter. Klager klaagt over de wijze waarop verweerder in zijn hoedanigheid van lid-advocaat van de raad van discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden is omgegaan met het door klagers tegen de voorzittersbeslissing d.d. 3 september 2018 ingestelde verzet. Het tuchtrecht is echter niet bedoeld om het werk van een (andere) tuchtrechter te beoordelen. Een dergelijke klacht zal om die reden dan ook niet snel gegrond zijn. Dat zou alleen het geval kunnen zijn in zeer in het oog springende gevallen, zoals bij het aannemen van steekpenningen. Daarvan is in dit geval echter geen sprake. De klacht is dan ook kennelijk ongegrond.