Zoekresultaten 661-670 van de 47834 resultaten
-
ECLI:NL:TNORAMS:2026:2 Kamer voor het notariaat Amsterdam 774069 / NT 25-25 774070 / NT 25-26
- Datum publicatie: 21-04-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TNORAMS:2026:2
Klaagster verwijt de notaris en de kandidaat-notaris [de notarissen] onder meer dat zij klaagster - een besloten vennootschap - niet hebben geïnformeerd over de wetswijziging ten aanzien van de overdrachtsbelasting bij een zuivere juridische splitsing. Daarnaast verwijt klaagster de notarissen dat zij de vennootschap niet hebben gewezen op de fatale termijn voor het deponeren van het splitsingsvoorstel. Volgens klaagster hebben de notarissen ook onjuist - en te laat - geadviseerd over de splitsing van de vennootschap en de stappen die daarvoor nodig waren. Dat de splitsing nadrukkelijk was ingegeven door de fiscale vrijstellingsregeling, waaraan een maximale termijn is verbonden, benadrukt dat de notarissen de vennootschap tijdig hadden moeten informeren over de volgens hen benodigde stappen.Klacht tegen de notaris - ongegrond. De kandidaat-notaris heeft in deze zaak alle contacten met betrokkenen onderhouden en alle correspondentie gevoerd. (...) Naar het oordeel van de kamer kan de notaris in dit geval dan ook geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Klachten tegen de kandidaat-notaris - ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:118 Hof van Discipline 's Gravenhage 250432
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:118
Beklag. Op grond van artikel 13 Advocatenwet kan door de deken alleen een advocaat kan worden aangewezen in zaken waarin vertegenwoordiging door een advocaat is voorgeschreven, dan wel bijstand uitsluitend door een advocaat kan geschieden. Klager heeft verzocht om aanwijzing van een advocaat in een huurgeschil. De kantonrechter is bij huurgeschillen absoluut bevoegd ongeacht de hoogte van de vordering. Voor een procedure bij de kantonrechter is geen bijstand van een advocaat vereist. De deken heeft klagers verzoek om aanwijzing terecht afgewezen. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:119 Hof van Discipline 's Gravenhage 250239
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:119
Klager heeft een geschil gehad met zijn zus, die naast hem woont. Het geschil had onder meer betrekking op de eigendom van een stuk grond dat kadastraal behoort tot het perceel van klager, maar ter zake waarvan de zus stelt dat zij door verjaring de eigendom heeft verkregen. Klager heeft een klacht ingediend over de advocaat van zijn zus. Dat is verweerder. De klacht komt erop neer dat verweerder nodeloos heeft geprocedeerd en een deurwaarder op klager heeft afgestuurd, omdat de vraag wie eigenaar was van het betwiste stuk grond volgens klager al was beantwoord. De raad heeft de klacht ongegrond verklaard. Klager is het daar niet mee eens en heeft hoger beroep ingesteld. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:98 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-047/AL/GLD
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:98
Raadsbeslissing. Hoewel verweerder klaagster al had verzocht zijn eerder gezonden facturen te betalen voordat de Raad voor Rechtsbijstand de toevoeging formeel had ingetrokken, heeft hij pas incassomaatregelen getroffen nadat de Raad de toevoeging ook daadwerkelijk had ingetrokken. Verweerder had wellicht beter kunnen of moeten wachten met zijn betalingsverzoek totdat de toevoeging was ingetrokken, maar gelet op het feit dat het resultaat in hoger beroep niet meer ter discussie stond en verweerder ook geen incassomaatregelen heeft genomen voordat de intrekking er was en gelet op het door verweerder genoemde verhaalsrisico nu klaagster naar China was vertrokken, is de raad van oordeel dat verweerder in dit geval geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:114 Hof van Discipline 's Gravenhage 250227
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:114
Klacht over de advocaat van de wederpartij in een ondernemingsrechtelijke en erfrechtelijke procedure. De klachten gaan over het in het geheim samenspannen met klaagsters advocaten, het bijdragen aan het overlijden van zijn cliënt, het geheim houden dat een zitting door zou gaan, de wijze waarop verweerder stukken in een kort geding heeft ingediend, liegen, schending van artikel 21 Rv, het doen van onnodig grievende uitlatingen en het overtreden van gedragsregel 15. De raad heeft de klacht in zijn geheel ongegrond verklaard. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:99 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-089/AL/GLD
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:99
Raadsbeslissing. De wederpartij van de cliënten van verweerder was een vaste klant van een kantoorgenoot van verweerder. Verweerder is ondanks die wetenschap verder gegaan dan hij had moeten gaan op grond van de regel dat het een advocaat, behoudens bijzondere omstandigheden, niet is toegestaan om tegen zijn eigen (voormalig) cliënt of die van zijn kantoorgenoten (advocaat of niet) op te treden. Klacht deels gegrond. Maatregel berisping.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:115 Hof van Discipline 's Gravenhage 250419
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:115
Beklag artikel 13. Het hof stelt voorop dat een herhaald verzoek in beginsel wordt afgewezen en dat een daartegen gericht beklag in beginsel ongegrond verklaard zal worden. Dit kan anders zijn als sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. Naar het oordeel van het hof heeft klaagster haar stelling dat sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden op grond waarvan alsnog een advocaat voor haar zou moeten worden aangewezen onvoldoende feitelijk onderbouwd. Het herhaalde verzoek is door de deken op juiste gronden afgewezen. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:116 Hof van Discipline 's Gravenhage 260002
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:116
Beklag artikel 13 ongegrond. Het hof is van oordeel, overeenkomstig het standpunt van de deken, dat de door klaagster gewenste procedure geen redelijke kans van slagen heeft.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:117 Hof van Discipline 's Gravenhage 250442
- Datum publicatie: 20-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:117
Beklag. De procedure waarvoor klaagster bijstand van een advocaat wenst is een bestuursrechtelijke procedure en in het bestuursrecht is bijstand door een advocaat niet verplicht. De situatie waarvoor artikel 13 Advocatenwet is geschreven doet zich dan ook niet voor. Reeds om die reden kan het beklag niet slagen. Zoals de deken ook heeft aangegeven, betekent dat niet dat bijstand door een advocaat niet (dringend) gewenst zou zijn, maar dat die rechtsbijstand niet langs de weg van artikel 13 Advocatenwet wordt geboden. De wenselijkheid om over een advocaat te beschikken, is niet het wettelijke criterium om voor toewijzing van een advocaat in aanmerking te komen. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8738
- Datum publicatie: 17-04-2026
- Datum uitspraak: 17-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:82
Gegronde klacht van operatie-assistente tegen plastisch chirurg. Klaagster verwijt de plastisch chirurg dat hij tijdens een operatie tegen haar is uitgevaren en haar daarbij ezel heeft genoemd. Tweede tuchtnorm van toepassing. De uitingen zijn niet alleen gedaan tegen de achtergrond van de arts-patiëntrelatie, maar hebben ook direct invloed op de (sociale) veiligheid van de werkomgeving waarbinnen deze zorg wordt verleend. Geen rechtvaardiging voor het gedrag van de plastisch chirurg. De plastisch chirurg is als operateur ook verantwoordelijk voor een veilige werksfeer. Een veilig werkklimaat is essentieel voor een goede patiëntenzorg. Het college heeft niet de overtuiging gekregen dat de plastisch chirurg in staat is tot een grondige reflectie op zijn gedrag. Berisping met publicatie opgelegd.