We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

ECLI:NL:TGZCTG:2026:132 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3105

ECLI: ECLI:NL:TGZCTG:2026:132
Datum uitspraak: 24-06-2026
Datum publicatie: 24-06-2026
Zaaknummer(s): C2025/3105
Onderwerp: Onvoldoende informatie
Beslissingen: Niet-ontvankelijk
Inhoudsindicatie: Klacht tegen cosmetisch arts. Klaagster verwijt de arts a) schending van het informed consent, b) niet tijdig reageren op hulpverzoeken, c) onzorgvuldige uitvoering van de behandeling en d) vermelden van onjuiste informatie op de website van zijn huidige kliniek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klachtonderdelen a) en b) gegrond verklaard en aan de arts de maatregel van een waarschuwing opgelegd. De klachtonderdelen c) en d) zijn in eerste aanleg ongegrond verklaard. Klaagster is het niet eens met de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege. Het beroep van klaagster heeft tot doel dat klachtonderdeel d) alsnog gegrond wordt verklaard en dat aan de arts een zwaardere maatregel wordt opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster niet-ontvankelijk zover het beroep zich richt tegen de zwaarte van de in eerste aanleg opgelegde maatregel en verwerpt het beroep van klaagster.


C E N T R A A L  T U C H T C O L L E G E
voor de Gezondheidszorg


Beslissing in de zaak onder nummer C2025/3105 van:

A.,
wonende te B.,
appellante, klaagster in eerste aanleg,
hierna: klaagster,
gemachtigde: mr. F. Hansen,


tegen


C.,
arts,
(destijds) werkzaam te D.,
verweerder in beide instanties, 
hierna: de arts,
gemachtigde: mr. B. van der Kamp, werkzaam te Den Haag.


1.    Kern van de zaak

1.1    Klaagster heeft een behandeling met fillers en botox ondergaan bij de kliniek waar de arts als cosmetisch arts werkzaam was. Klaagster verwijt de arts dat geen sprake is geweest van informed consent, dat de behandeling die hij heeft uitgevoerd onzorgvuldig was, dat de nazorg onvoldoende was en dat er onjuiste informatie op de website van zijn huidige kliniek staat.

1.2    Het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle heeft de klacht gedeeltelijk gegrond verklaard en aan de arts de maatregel van een waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door klaagster ingestelde beroep tegen die beslissing en zal dat hieronder toelichten.

2.    Verloop van de procedure

2.1    Klaagster heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle met nummer Z2024/7451 (ECLI:NL:TGZRZWO:2025:140). De beslissing van het Regionaal Tuchtcollege is als bijlage toegevoegd aan deze beslissing.

2.2    Het Centraal Tuchtcollege heeft kennisgenomen van de stukken van de procedure in eerste aanleg, het beroepschrift van klaagster en het verweerschrift in beroep van de arts.

2.3    De zaak is op de zitting van 1 juni 2026 behandeld. Daar waren aanwezig mr. F. Hansen als gemachtigde van klaagster, en de arts, bijgestaan door mr. B. van der Kamp. Klaagster is, hoewel behoorlijk uitgenodigd, niet verschenen. Partijen hebben vragen van het college beantwoord en hun standpunten nader toegelicht. De spreekaantekeningen van mrs. Hansen en Van der Kamp zijn aan het dossier toegevoegd.

3.    Feiten

3.1    Net als het Regionaal Tuchtcollege gaat het Centraal Tuchtcollege uit van de volgende feiten. 

3.2     Klaagster, geboren in 1981, had op 9 januari 2020 een afspraak bij de kliniek waar de arts destijds werkzaam was. Zij had zich via de website aangemeld voor een intake consult met aansluitend behandeling van in totaal 45 minuten. Zij werd door de arts gezien. De arts besprak de behandelwensen en deed vervolgens een voorstel voor een combinatiebehandeling van fillers en botox. De arts noemde ook de prijs die klaagster voor de behandeling zou moeten betalen. Nadat klaagster akkoord ging met de voorgestelde behandeling, heeft zij het informed-consentformulier ingevuld en ondertekend. De arts heeft vervolgens botox en fillers op verschillende plekken in het gezicht van klaagster geïnjecteerd. De behandeling bestond uit: neuslippenplooi behandeld met 1 ml Radiesse, traangootfiller met 1ml Teosyal, regio wang- en jukbeenderen met 3 ml Radiesse en Botox 24E bij de kraaienpootjes rond de ogen. 

3.3     In de dagen na de behandeling kreeg klaagster klachten (zwelling en asymmetrie) 
en nam zij op 10 en 11 januari 2020 contact op met de kliniek via e-mail. Zij werd op 24 januari 2020 door de arts op controle gezien. Over deze afspraak is het volgende genoteerd in het behandeldossier:

’’Heeft forse zwelling gehad in de wangen ihkv radiesse behandeling. Foto’s vergeleken met before en after.
Mgl zwelling onder de ogen ivm combinatie btx krp en trg. Advies om trg filler oplossen. Mw ziet af van elke vorm van behandeling of oplossen. Wilt geen gebruik te maken van kosteloze correcties.
Beleid: afwachtend.’’

3.4     Op 27 februari 2020 vond een tweede controleafspraak plaats. In de periode daarna 
nam klaagster meerdere malen contact op met de kliniek over de door haar gevraagde terugbetaling en klacht. De kliniek liet weten het bericht van klaagster naar de arts te hebben doorgestuurd. Klaagster bleef vervolgens proberen om via de kliniek in contact te komen met de arts. Op 22 juli 2020 nam de arts telefonisch contact op met klaagster. Klaagster diende op 
14 augustus 2020 een schriftelijke klacht in bij de klachtencommissie van de kliniek wegens ontevredenheid. Hierop volgde berichtenverkeer tussen de kliniek en klaagster over een mogelijke oplossing en terugbetaling. Klaagster wilde geen herstelbehandeling. De art stuurde klaagster op 
6 december 2020 een e-mail met onder andere de eerder door haar gevraagde aanvullende informatie over de behandeling. 

3.5     In januari 2021 startte klaagster een procedure bij de Geschillencommissie Zorg 
Algemeen. De Geschillencommissie heeft de klacht deels gegrond verklaard (met betrekking tot informed consent en de duur van de klachtenprocedure) en een schadevergoeding vastgesteld van € 1.500,-. Hierna startte klaagster een procedure bij de kantonrechter. De kantonrechter wees de vorderingen van klaagster tot vernietiging van het bindend advies van de Geschillencommissie en tot betaling van schadevergoeding van € 25.000,- bij vonnis van 23 december 2022 af. 

3.6     Klaagster heeft de arts op 12 januari 2023 gemaild:

“Ik wil u zeggen dat ik u haat op de meest hatelijke manier mogelijk. U heeft mijn zelfvertrouwen kapot gemaakt door uw behandeling. (…) Ik haat u en zal niet rusten tot u krijgt wat u verdient. Ik zal zeker in hoger beroep gaan met een advocaat dit keer en naar de tuchtrechter. Al kost het me al mijn geld. Het kan niet zo zijn dat jullie mensen op deze wijze verminken en hiermee weg komen.! U bent een monster! En ik bid en hoop dat u of u gezin, zus broer, moeder of kinderen door een arts zo worden verminkt zodat u begrijpt wat u aanricht! Wij bidden in ons gezin er in ieder geval om en om karma!’’.
    
4.    Beoordeling van het beroep

4.1     Klaagster verwijt de arts a) schending van het informed consent, b) niet tijdig reageren op 
hulpverzoeken, c) onzorgvuldige uitvoering van de behandeling en d) vermelden van onjuiste informatie op de website van zijn huidige kliniek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klachtonderdelen a) en b) gegrond verklaard en aan de arts de maatregel van een waarschuwing opgelegd. De klachtonderdelen c) en d) zijn in eerste aanleg ongegrond verklaard. 

4.2     Klaagster is het niet eens met de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege. Het beroep van klaagster heeft tot doel dat klachtonderdeel d) alsnog gegrond wordt verklaard en dat aan de arts een zwaardere maatregel, namelijk de maatregel van een berisping, wordt opgelegd. Klaagster voert aan dat op de website van de kliniek ten onrechte wordt gesuggereerd dat Radiesse een hyaluronzuurfiller is.

4.3     De arts is niet in beroep gekomen van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege, acht het juist dat klachtonderdeel d) ongegrond is verklaard en verzoekt om het beroep van klaagster te verwerpen. 

4.4    Voor zover klaagster als zelfstandige beroepsgrond heeft aangevoerd dat aan de arts een zwaardere maatregel dan in eerste aanleg moet worden opgelegd, overweegt het Centraal Tuchtcollege het volgende. Gelet op artikel 73, eerste lid onder a, van de Wet BIG kan klaagster tegen de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege slechts beroep instellen voor zover haar klacht ongegrond is verklaard. Dit betekent dat, voor zover het beroep van klaagster zich richt tegen de zwaarte van de door het Regionaal Tuchtcollege opgelegde maatregel naar aanleiding van de gegrondverklaring van de klachtonderdelen a) en b), klaagster niet in dat beroep kan worden ontvangen.

4.5    Onder klachtonderdeel d) verwijt klaagster de arts de vermelding van onjuiste, misleidende informatie op de website van zijn huidige kliniek. Het Centraal Tuchtcollege is met het Regionaal Tuchtcollege van oordeel dat dit klachtonderdeel ongegrond moet worden verklaard. De informatie op de website is weliswaar kort en bondig, en kan uitgebreider, maar is niet misleidend. Radiesse wordt naast hyaluronzuur genoemd. Dit klachtonderdeel vindt geen steun in de feiten en is reeds daarom ongegrond. Dit betekent dat het beroep van klaagster wordt verworpen.  

5.    Beslissing

Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg:


verklaart klaagster niet-ontvankelijk voor zover het beroep zich richt tegen de zwaarte van de in eerste aanleg opgelegde maatregel;

verwerpt het beroep voor het overige, hetgeen meebrengt dat de maatregel van een waarschuwing in stand blijft. 

Deze beslissing is genomen door C.H.M. van Altena, voorzitter, 
A.S. Gratama en J. Legemaate, leden-juristen, en R.L. Huisinga en R.B. Karim, leden-beroepsgenoten, bijgestaan door N. Germeraad-van der Velden, secretaris.

Uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 juni 2026.
Voorzitter  w.g.    Secretaris  w.g.