Zoekresultaten 14181-14200 van de 47536 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2020:242 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200114, 200115 en 200116
- Datum publicatie: 04-12-2020
- Datum uitspraak: 27-11-2020
- ECLI:NL:TAHVD:2020:242
Klacht tegen (dagelijks bestuur van) advocatenkantoor onvoldoende geïndividualiseerd en daarom niet-ontvankelijk. Niet gebleken van schending geheimhoudingsplicht door verweerders, die eerder voor klaagster optraden in een beoogde overnamekwestie en, nadat klaagster als koper uit beeld was, later voor een nieuwe cliënt als koper in die overnamekwestie zijn gaan optreden.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2020:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 227/2019
- Datum publicatie: 04-12-2020
- Datum uitspraak: 04-12-2020
- ECLI:NL:TGZRZWO:2020:127
Klachten tegen gynaecoloog. Klaagster verwijt beklaagde onder meer dat zij geen vulvoscopie heeft verricht en geen biopten heeft genomen. Dit gaat niet op, nu daarvoor geen medische indicatie aanwezig was. Geen aanwijzingen dat er weefsel is verwisseld. In de operatiekamer wordt met biopten een protocollaire procedure gevolgd. Beklaagde heeft erkend dat zij in een concept-verwijsbrief naar het MUMC een vergissing heeft gemaakt. Het college overweegt dat vergissingen gemaakt kunnen worden, ook door artsen. Het gaat er om deze tijdig te corrigeren, hetgeen beklaagde heeft gedaan. Klachten ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2020:188 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-483 19-484
- Datum publicatie: 04-12-2020
- Datum uitspraak: 28-09-2020
- ECLI:NL:TADRARL:2020:188
Klachtzaak 19-483: Advocaat heeft, door het aanvaarden en uitvoeren van een opdracht tot dienstverlening waarvan hij wist of had moeten weten dat daaraan geen rechtsgeldig bestuursbesluit ten grondslag lag, niet gehandeld zoals een behoorlijk handelend advocaat betaamt. Klacht gegrond, waarschuwing, kostenveroordeling Klachtzaak 19-484: Advocaat die waarnam voor zijn kantoorgenoot mocht , gelet op het schorsingsbesluit van de AVA en de daarbij aan zijn kantoorgenoot gegeven opdracht om namens BV Z rechtsmaatregelen tegen klaagster te nemen, uitgaan van een rechtsgeldig gegeven opdracht. Hij hoefde geen rekening te houden met een mogelijke nietigheid van het daaraan ten grondslag liggende besluit van de AVA. Klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2020:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 230/2019
- Datum publicatie: 04-12-2020
- Datum uitspraak: 04-12-2020
- ECLI:NL:TGZRZWO:2020:128
Klacht tegen patholoog. Verkeerde beoordeling van weefsel, waardoor patiënte geen behandeling heeft gehad? Oordeel college: beklaagde heeft het biopt zorgvuldig bekeken en onderzocht en de voors en tegens voor reactieve atypie dan wel preneoplastische atypie afgewogen. Er is een uitgebreide verslaglegging en beklaagde heeft met een collega overlegd. Beklaagde is gebleven binnen de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening. D at naderhand bij een second opinion wel een voorkeur voor de diagnose VIN is gesteld, doet daaraan niet af. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2020:189 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-442
- Datum publicatie: 04-12-2020
- Datum uitspraak: 30-11-2020
- ECLI:NL:TADRARL:2020:189
Klacht waaraan een uiterst conflictueuze echtscheiding ten grondslag ligt in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2020:153 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/102
- Datum publicatie: 03-12-2020
- Datum uitspraak: 03-12-2020
- ECLI:NL:TGZRAMS:2020:153
Klager verwijt verweerder het stellen van een foute diagnose. Ook is het verwijt dat verweerder de diagnose 'polyneuropathie' heeft verzwegen, waardoor adequete behandeling niet tijdig heeft kunnen plaatsvinden. Ongegrond
-
ECLI:NL:TADRAMS:2020:263 Raad van Discipline Amsterdam 20-767/A/A
- Datum publicatie: 03-12-2020
- Datum uitspraak: 23-11-2020
- ECLI:NL:TADRAMS:2020:263
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij (verweerder sub 1) en het advocatenkantoor waar verweerder sub 1 werkzaam is (verweerder sub 2). Klacht voor zover gericht tegen verweerder sub 2 kennelijk niet-ontvankelijk. Klacht voor zover gericht tegen verweerder sub 1 in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerder grenzen van de hem toekomende vrijheid heeft overschreden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2020:264 Raad van Discipline Amsterdam 20-775/A/A 20-776/A/A 20-777/A/A 20-778/A/A
- Datum publicatie: 03-12-2020
- Datum uitspraak: 23-11-2020
- ECLI:NL:TADRAMS:2020:264
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaten van het kantoor waar de zoon van klagers (een deel van) zijn advocaat-stage heeft gelopen. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege gebrek aan rechtstreeks belang. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond. Dat verweerder sub 2 telefonisch contact heeft gezocht met klagers is, gelet op de door hem geschetste omstandigheden, niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:99 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-388/DB/LI en 20-391/DB/LI
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 26-11-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:99
Niet gebleken dat sprake is van computervredebreuk door advocaat. Advocaat heeft via zijn derdengeldenrekening namens zijn cliënt ter voldoening aan een vonnis bedragen gestort op de derdengeldenrekening van de advocaat van klager en vervolgens met verlof van de voorzieningenrechter beslag gelegd onder de derdengeldenrekening van de advocaat van klager. Klager heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid in kort geding opheffing van het beslag te vorderen. Het stond de advocaat vrij om rechtsmaatregelen te treffen die hij in het belang van zijn cliënt achtte. Niet gebleken dat de belangen van klager nodeloos zijn geschaad. Dat door de rechtbank later is geoordeeld dat de betaling via de derdengeldenrekening van de advocaat van klager geen bevrijdende betaling betrof maakt dit niet anders. Klacht over eerdere betrokkenheid van de advocaat bij het aan zijn cliënt verkocht bedrijf betreft gedragingen van meer dan drie jaar voordat de klacht is ingediend en daarom niet-ontvankelijk. Advocaat heeft voor zijn cliënt een opleveringsopname gemaakt. Voor zover de advocaat hiervoor al toestemming van klager nodig had, heeft hij niet dusdanig geprotesteerd, dat de advocaat had moeten begrijpen dat daarvoor geen toestemming werd verleend. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2020:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 2034
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 02-12-2020
- ECLI:NL:TGZREIN:2020:71
Bedrijfsarts wordt verweten dat hij ten onrechte een persoonlijke emotionele uitlating over klager op het formulier ‘Medische informatie’ ten behoeve van het UWV heeft vermeld en daarmee moedwillig de vertrouwensband tussen hem en klager heeft geschaad. Hij heeft deze informatie ook niet vooraf met klager gedeeld. Geen sprake van een emotionele uitlating. Handelwijze van de bedrijfsarts laat wel te wensen over, maar niet onderbouwd en ook niet gebleken dat de bedrijfsarts het formulier misbruikt heeft en moedwillig de vertrouwensband tussen klager en hem heeft willen schaden en dat hij de informatie niet vooraf met klager heeft gedeeld om onrust te zaaien ten behoeve van eigen belang en persoonlijke opvattingen, zoals klager stelt. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2020:26 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2019/66
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 23-11-2020
- ECLI:NL:TNORSHE:2020:26
Afwikkeling nalatenschap moeder. Zij had bepaald dat klaagster en haar broer de executele in haar nalatenschap alleen gezamenlijk konden uitoefenen. De broer heeft de notaris opdracht gegeven de nalatenschap af te wikkelen. De notaris is vervolgens werkzaamheden gaan verrichten zonder zich er voldoende van te overtuigen of ook klaagster daarmee instemde en zonder haar op de hoogte te houden van zijn activiteiten, waaronder het mede namens klaagster verzorgen van de aangifte erfbelasting. De notaris heeft nadien niet (voortvarend/adequaat) gereageerd op herhaalde verzoeken van (de zijde van) klaagster om afgifte van een complete kopie van de aangifte erfbelasting. Ook heeft de notaris niet gereageerd op het - naar het oordeel van de kamer alleszins redelijke - verzoek om namens klaagster pro forma bezwaar in te dienen tegen de aanslag erfbelasting. In de aangifte heeft de notaris bovendien een onjuist rentepercentage gehanteerd. Klacht grotendeels gegrond. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2020:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 2006
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 02-12-2020
- ECLI:NL:TGZREIN:2020:72
Klager heeft de bedrijfsarts 17 afzonderlijke verwijten gemaakt. De bedrijfsarts heeft onzorgvuldig gehandeld bij het opstellen van de FML en ook steken laten vallen in de opgestelde documenten voor de IVA-aanvraag. Het opstellen van een FML is een kerndocument waarin een medisch probleem van een werknemer wordt vertaald naar zijn belastbaarheid en dat dient met de grootste zorgvuldigheid te gebeuren. Hetzelfde geldt voor de documenten die moeten worden aangeleverd voor een IVA-aanvraag; er is immers maar één kans om een IVA-uitkering geregeld te krijgen. Verweerder heeft ten onrechte twee opmerkingen in de documenten voor de IVA-aanvraag geplaatst die de aanvraag konden ondermijnen. Gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2020:262 Raad van Discipline Amsterdam 20-319/A/A 20-320/A/A 20-321/A/A 20-322/A/A
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 30-11-2020
- ECLI:NL:TADRAMS:2020:262
Klacht van curatoren Imtech over voormalige advocaten van Imtech niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een tuchtrechtelijk relevant belang. De door het Hof van Discipline gebezigde norm strekt zich naar het oordeel van de raad niet verder uit dan tot advocaten die gedurende het faillissement de curator (actief) belemmeren in de bereddering van de boedel. Handelen of nalaten van de advocaat van een cliënt voorafgaande aan diens faillissement staat los van de bereddering van de boedel. Klagers stellen ook dat het handelen of nalaten van verweerders van invloed is op de positie van de failliete boedel van Imtech en de belangen van haar schuldeisers, maar hiervoor geldt dat dit slechts een afgeleid en geen rechtstreeks belang is.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:100 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 19-672/DB/OB
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 26-11-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:100
Advocaat heeft de conceptdagvaarding wel met cliënt besproken , maar hem niet vooraf expliciet om instemming gevraagd om een (hoge) vordering niet in de dagvaarding op te nemen. Advocaat heeft cliënt niet bij aanvang van de zaak geïnformeerd over de hoogte van de mogelijk in te stellen vordering en hem niet gewezen op het kostenrisico. Klacht (gedeeltelijk)gegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2020:27 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/44
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 30-11-2020
- ECLI:NL:TNORSHE:2020:27
Samenlevingscontract met beding dat de man bij verbreking van de samenwoning € 12.000,00 per jaar aan klaagster moet betalen voor ieder jaar dat de samenwoning heeft geduurd. Nadat de man de samenwoning heeft verbroken, heeft de rechtbank voor recht verklaard dat dit beding nietig is wegens strijd met de goede zeden. Het gerechtshof heeft dit vonnis bekrachtigd. De kamer is van oordeel dat de notaris in de gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door destijds op die manier invulling te geven aan de bedoeling van klaagster, al staat vast dat haar motief om de man d.m.v. dit contract als het ware onherroepelijk aan zich te binden in strijd met de goede zeden werd geacht. In het kader van enerzijds de ministerieplicht en anderzijds de plicht om dienst te weigeren als bedoeld in art. 21 lid 2 Wna acht de kamer het advies van de notaris verdedigbaar om in plaats van een “niet-verlatingsbeding” een vergoedingsplicht in het contract op te nemen, waarbij de hoogte van het verschuldigde bedrag en de duur van de verplichting uitdrukkelijk zijn vastgelegd en waarbij in de slotverklaring is verwoord dat partijen hierdoor een (alimentatie)regeling wilden treffen. De kamer is dan ook van oordeel dat de notaris er destijds van uit mocht gaan dat hij op die wijze ten gunste van klaagster een contractuele alimentatie-/vergoedingsplicht had vastgelegd voor het geval de samenwoning zou worden beëindigd, zij het dat niet op voorhand kon worden uitgesloten dat die verplichting nadien door de rechter zou kunnen worden gematigd indien onverkorte toepassing van het beding redelijkerwijs onaanvaardbaar zou zijn. De kamer ziet niet hoe de notaris destijds aan klaagster meer rechtszekerheid had kunnen bieden dan hij heeft proberen te doen. Dat jaren later door of namens klaagster - die was geïnformeerd over het risico dat het door haar beoogde “niet-verlatingsbeding” nietig zou worden geacht - in een civiele procedure over de strekking van het vergoedingsbeding zou worden verklaard/gesteld dat dit beding bedoeld was om ervoor te zorgen dat de man de samenwoning nooit zou kunnen beëindigen omdat hij het overeengekomen bedrag nooit zou kunnen betalen, was naar het oordeel van de kamer voor de notaris niet te voorzien, evenmin als te voorzien was dat namens klaagster in die procedure zou worden gesteld dat het beding geen alimentatiebeding was maar een boetebeding. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:101 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 19-688/DB/LI
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 26-11-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:101
Het staat een advocaat vrij om na bestudering van de stukken zijn cliënt te adviseren om van juridische stappen af te zien, indien hij hiertoe geen goede mogelijkheden ziet. Niet gebleken dat een advocaat-relatie tussen de mede-ouder en de advocaat tot stand is gekomen. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:102 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-364/DB/ZWB
- Datum publicatie: 02-12-2020
- Datum uitspraak: 26-11-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:102
Advocaat is ondanks herhaalde verzoeken niet overgegaan tot verdeling van de toevoegingsgelden met de voorgaande advocaat. Van een opvolgende advocaat mag worden verwacht, dat hij, indien sprake is van gefinancierde rechtsbijstand, hij direct nadat de zaak is geëindigd en de toevoeging is gedeclareerd, een verdelingsvoorstel aan de voorgaande advocaat toezend en nadat daarover overeenstemming is bereikt tot betaling van het aan de voorgaande advocaat toekomende gedeelte van de toevoeging overgaat.. Advocaat heeft ook niet gereageerd op verzoeken van de deken om te reageren op de klacht over zijn nalatig handelen en is, zonder bericht, niet ter zitting van de tuchtrechter verschansen. Zaak staat bovendien niet op zichzelf. Aan de advocaat is eerder vanwege nalatig handelen een waarschuwing respectievelijk een voorwaardelijke schorsing van twee weken opgelegd. Klacht gegrond, schorsing vier weken, kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2020:213 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.134
- Datum publicatie: 01-12-2020
- Datum uitspraak: 01-12-2020
- ECLI:NL:TGZCTG:2020:213
Klacht tegen orthopedisch chirurg. Verweerder heeft klaagster met gebruikmaking van de MIS-techniek geopereerd aan de standsafwijking van de grote teen aan de rechtervoet. Klaagster heeft na de operatie aanhoudende pijnklachten en ook na een her-operatie door een andere chirurg houdt klaagster klachten. Zij verwijt verweerder dat hij de operatie niet adequaat heeft uitgevoerd. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TADRARL:2020:184 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-633
- Datum publicatie: 01-12-2020
- Datum uitspraak: 14-09-2020
- ECLI:NL:TADRARL:2020:184
Tijdige klacht van advocaat tegen (voormalig) deken naar aanleiding van het dekenonderzoek na een signaal over haar mogelijk kwalitatief onvoldoende werkzaamheden in zaken bij de Raad van State. Een deken heeft een grote mate van beleidsvrijheid en de bevoegheid om als toezichthouder een onderzoek naar de praktijkvoering van een advocaat te starten op basis van een signaal. De deken heeft echter nagelaten het over klaagster ontvangen signaal te documenteren. De deken heeft ook niet toegelicht welke reden hij had om verweerster geen duidelijkheid over dat signaal en de herkomst daarvan te geven, terwijl dat signaal hem aanleiding gaf voor een zeer omvangrijk en voor klaagster belastend onderzoek, zonder eerst het gesprek met haar aan te gaan. De raad kan aldus niet vaststellen dat de omvang van het onderzoek en de daaraan voor klaagster verbonden gevolgen in verhouding stonden tot de ernst van het signaal. Als (voormalig) deken heeft verweerder daarmee het vertrouwen in de advocatuur geschaad. De deken mocht zich bij zijn onderzoek naar klaagster laten bijstaan door een terzake deskundig advocaat, tevens lid van de Raad van de Orde, voor wie ook een geheimhoudingsplicht gold. De raad is niet bevoegd om te beoordelen of de deken in zijn hoedanigheid van bestuursorgaan juist heeft gehandeld bij de WOB verzoeken van klaagster. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2020:214 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.022 en c2019.023
- Datum publicatie: 01-12-2020
- Datum uitspraak: 01-12-2020
- ECLI:NL:TGZCTG:2020:214
Klacht tegen orthopedisch chirurg. Verweerder heeft klager drie keer aan de schouder geopereerd. Klager heeft tien klachtonderdelen geformuleerd waarmee hij verweerder – samengevat – verwijt dat deze de drie operaties zonder indicatie en onzorgvuldig heeft verricht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager deels niet-ontvankelijk verklaard, twee klachtonderdelen gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing voor een deel, verklaart een van de twee gegrond verklaarde onderdelen ongegrond maar een ander klachtonderdeel gegrond, bepaalt dat de maatregel van waarschuwing gehandhaafd blijft en gelast publicatie van de beslissing.