Zoekresultaten 22361-22380 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:38 Raad van Discipline Amsterdam 17-1061/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Het enkele feit dat klaagster en de cliënt van verweerster in gemeenschap van goederen zijn getrouwd, zodat de declaraties van verweerster ten laste van de huwelijksgoederengemeenschap komen, maakt niet dat klaagster een rechtstreeks belang heeft. Klaagster niet-ontvankelijk in grootste gedeelte van klacht, klacht voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:27 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-017/DH/DH

    Klacht over advocaat wederpartij. De raad acht de klacht deels niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de driejaarstermijn voor het indienen van een klacht. De klacht is voor het overige ongegrond. Verweerster is bij het behartigen van de belangen van haar cliënte gebleven binnen de bandbreedte van professioneel gedrag.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:39 Raad van Discipline Amsterdam 17-1062/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Het staat een advocaat vrij om de werkzaamheden te beëindigen. Evenzo is een advocaat vrij om een (nieuwe) opdracht van een cliënt niet te aanvaarden. De advocaat dient dit wel tijdig en op zorgvuldige wijze kenbaar te maken aan de cliënt. Uit hetgeen partijen hebben aangevoerd, blijkt dat verweerder aan die eisen heeft voldaan. Standpunt dat sprake is van belangenverstrengeling is onvoldoende onderbouwd. Uit proces-verbaal van de mondelinge behandeling blijkt dat klager akkoord is gegaan met schikking en daarin opgenomen bedragen. Stelling dat er verkeerde bedragen in schikking zijn opgenomen is niet nader onderbouwd. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:28 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-533/DH/A-a

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:29 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-715/DH/DH

    Dekenbezwaar. Verweerster is te kort geschoten in de zorg jegens haar cliënten en heeft niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt door cassatieschrifturen te laten opstellen door een advocaat die geen advocaat bij de Hoge Raad is, door deze te laten indienen door een cassatieadvocaat die zich daarover geen oordeel meer kon vormen en geen voorafgaand advies kon geven en door haar cliënten hierover niet of onvoldoende te informeren. Evenmin heeft zij haar cliënten geïnformeerd over de gevolgen van het cassatieberoep in het algemeen. Ook is een van de cassatieberoepen zonder instemming van de cliënt ingesteld. Alles overziend en mede in aanmerking genomen het tuchtrechtelijk verleden van verweerster, waaruit niet blijkt van een soortgelijk feit, acht de raad de maatregel van berisping passend en geboden. Deze zaak hangt samen met 17-716/DH/DH.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:30 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-716/DH/DH

    Dekenbezwaar. Verweerder heeft in strijd gehandeld met zijn zorgverplichting jegens de cliënten van mr. K en niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt door, terwijl hij geen advocaat bij de Hoge Raad is, cassatiemiddelen op te stellen en deze te laten indienen door een cassatieadvocaat, zonder dat deze de middelen kon beoordelen en daarover op voorhand advies kon uitbrengen. Gelet op de ernst van het feit en het tuchtrechtelijk verleden van verweerder acht de raad de maatregel van berisping passend en geboden. Deze zaak hangt samen met 17-715/DH/DH.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:36 Raad van Discipline Amsterdam 17-846/A/A

    Klacht van curator over advocaat met betrekking tot gebruik derdengeldenrekening en informatieverschaffing daarover aan curator. Verweerder heeft ongeoorloofd gebruik van de derdengeldenrekening gemaakt door deze ter beschikking te stellen aan zijn cliënte teneinde vermogen van Phoenix aan verhaal te onttrekken. Voorts heeft verweerder niet toereikende informatie verschaft aan klager in zijn hoedanigheid van curator met betrekking tot gelden die van de rekening van Phoenix zijn overgemaakt aan de derdengeldenrekening, en van de derdengeldenrekening aan de rekening van Phoenix en/of andere entiteiten. Klacht grotendeels gegrond. De raad gaat ervan uit dat verweerder binnen twee maanden na dagtekening van deze beslissing alsnog deugdelijk rekening en verantwoording aan klager zal hebben afgelegd. Hiervan uitgaande volstaat de maatregel van berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:31 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-519/DH/DH

    Klacht over eigen advocaat. Voor zover klagers verweerder verwijten dat hij heeft gehandeld in strijd met artikel 6.28 van de Verordening op de advocatuur, omdat het kantoor van verweerder eind 2016 (toen klagers hun klacht indienden) niet beschikte over een (kenbare) kantoorklachtenregeling, en verweerder bovendien geen klachtenregeling van toepassing heeft verklaard op de opdrachten die hij met klagers is aangegaan, is de klacht niet-ontvankelijk nu klagers daarbij geen belang (meer) hebben. Zij hebben immers op 28 november 2016 een klacht over verweerder ingediend bij diens kantoor en diezelfde klacht vervolgens op 5 december 2016 - slechts zeven dagen later - ingediend bij de deken. De klacht is onderzocht door de deken en vervolgens voorgelegd aan de raad van discipline. Derhalve valt niet in te zien in welk belang klagers zouden zijn geschaad indien het kantoor van verweerder - zoals klagers stellen - eind 2016 niet beschikte over een kantoorklachtenregeling. Voor het overige is de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:37 Raad van Discipline Amsterdam 17-1060/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerder de advocaat van klaagster, de rechtbank en/of het hof heeft misleid. Klaagster heeft voorts onvoldoende feitelijk onderbouwd dat verweerder de notaris van onjuiste informatie zou hebben voorzien. Dat verweerder navraag heeft gedaan bij de notaris moet functioneel en proportioneel worden beschouwd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:32 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-520/DH/DH

    Klacht over eigen advocaat. De raad acht het tuchtrechtelijk verwijtbaar dat verweerder zijn cliënten niet juist geïnformeerd over (de mogelijke gevolgen van) bepaalde stappen, en bovendien ten onrechte niet heeft gereageerd op een bericht van de wederpartij van klagers. In plaats daarvan heeft verweerder klagers bericht dat het niet nodig was om op dat bericht van de wederpartij te reageren, hetgeen volgens de raad te kort door de bocht was. Klacht voor het overige deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond. Gelet op de omstandigheden van het geval ziet de raad af van het opleggen van een maatregel. Daarbij acht de raad onder meer van belang dat sprake was van een bestendige relatie en veelvuldig contact tussen klagers en het kantoor waar verweerder werkzaam is, alsmede het feit dat verweerder niet eerder tuchtrechtelijk is veroordeeld.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17123

    Neuroloog alleen hoofdbehandelaar voor behandelingstraject van de epilepsie, niet voor onderzoekstraject epilepsiechirurgie en operatietraject. Dat in het onderzoekstraject ten onrechte geen psychologisch onderzoek heeft plaatsgevonden is haar niet te verwijten. Niet tekort geschoten in informatieverstrekking over psychische stoornis, noch in de (psychische) begeleiding van klaagster na de operatie. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17145

    Diagnose ijzergebreksanemie ten onrechte verworpen door internist in opleiding en haar supervisor en op grond daarvan ten onrechte afgezien van endoscopisch onderzoek. Daarvoor is verweerster niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk, nu het een complex leerstuk betreft, er sprake was van intensieve supervisie waarbij iedere stap werd besproken, en mede gelet op fase van de opleiding (aanvang 4e jaar). Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17146

    Diagnose ijzergebreksanemie ten onrechte verworpen door internist in haar functie als supervisor van arts in opleiding tot internist in het begin van het 4e jaar. Op grond van verwijzingsgrond, familieanamnese en onderzoeksuitslagen had nader endoscopisch onderzoek in de rede gelegen. Gelet op complexe materie en opleidingsfase van de arts-assistent is verweerster volledig tuchtrechtelijk verantwoordelijk. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:18 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-613/DB/OB

    Niet gebleken dat verweerder ten overstaan van de rechter in strijd met de waarheid heeft verklaard. Verweerder mocht het standpunt van zijn cliënte verwoorden zoals hij heeft gedaan. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen T2017/07

    Klacht tegen tandarts. Verweerster heeft een orthodontische behandeling uitgevoerd bij klaagster. Klaagster is ontevreden over het resultaat. Zij verwijt verweerster dat deze zich ten onrechte heeft voorgedaan als orthodontist, een onjuiste behandeling heeft uitgevoerd en dat zij klaagsters moeder onheus heeft bejegend. De klacht is deels gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:19 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-310/DB/OB

    Tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door niet tijdig eis in hoofdzaak in stellen waardoor conservatoir beslag is vervallen, door lang onduidelijkheid te laten bestaan over de aard en gevolgen van de beroepsfout en door de aansprakelijkstelling niet onverwijld door te geleiden naar beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar. Deels gegrond, deels ongegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/134

    Klacht tegen radiotherapeut. Klaagster heeft borstkanker met huidmetastasen. Zij vermoedt dat deze huidmetastasen het gevolg zijn van de radiotherapiebehandeling door verweerster. Ook haar lichamelijke en psychische klachten wijt zij aan de radiotherapie. Klaagster verwijt verweerster dat zij ten onrechte tegen klaagster zou hebben gezegd dat de borstkanker zou kunnen worden afgeremd door de radiotherapie, terwijl het ziektebeeld juist is verergerd. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/383

    Klacht tegen psychiater van ex-patient die verliefd was op medewerker van kliniek. Klager verwijt verweerder onder meer dat verweerder ten onrechte tegen hem heeft gezegd dat hij aan een waan leed en geen goede nazorg heeft gegeven. Verweerder voert kort gezegd aan dat hij heeft opgetreden als verantwoordelijke voor zijn medewerkers en niet als (ex)behandelaar. Ongegrond

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-179

    Klager is ontvankelijk in zijn klacht tegen de longarts, nadat hij een eerder ingetrokken klacht opnieuw heeft ingediend. Geen misbruik van recht. De klacht dat de longarts zonder deugdelijke grond zich negatief uitlaat over The vest, zich ten onrechte positief uitlaat over Orkambi en de CBO-consensus negeert, valt wel onder de tweede tuchtnorm, maar klager kan niet worden aangemerkt als rechtstreeks belanghebbende zoals bedoeld in artikel 65 lid 1 sub a Wet BIG. In een e-mail van de longarts aan klager, met in de CC twee andere partijen, is door verweerder geen medische, privacygevoelige kennis over klager verstrekt. Evenmin is het een behandeladvies in de zin van een op klagers persoon toegespitste aanbeveling van zijn arts. Het beroepsgeheim is hierdoor niet geschonden. Het versturen van de e-mail met in de CC twee andere partijen en het daardoor verraden van klager, valt niet onder de eerste of tweede tuchtnorm. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-245

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De anemie van patiënt was reeds bekend bij de huisarts. Patiënt kwam niet op de afspraak om de bloedwaarden te bespreken en vroeg de bloedwaarden per e-mail op, derhalve valt geen verdergaand contact van de huisarts niet te verwijten. De doorverwijzing voor patiënt naar de verslavingszorg is niet probleemloos tot stand gekomen, maar daarin valt de huisarts geen tuchtrechtelijk verwijt te maken. De omstandigheden waaronder de huisarts moest handelen waren om diverse reden uiterst gecompliceerd. Klacht afgewezen.