We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 19891-19900 van de 47643 resultaten

  • ECLI:NL:TNORSHE:2018:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2018/16

    Klacht niet-ontvankelijk. Klager heeft niet binnen de termijn als bedoeld in artikel 99, lid 21 van de Wna zijn klacht ingediend.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:81 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17259b

    Huisarts wordt verweten dat zij zonder toestemming van klager een verklaring aan zijn dochter heeft verstrekt en dat vervolgens heeft verzwegen, dat zij een melding bij Veilig Thuis heeft gedaan zonder de code in acht te nemen, geen inzage in het medisch dossier heeft verstrekt en niet heeft meegewerkt aan de overstap van klager naar een andere huisarts. De betrokkenheid van verweerster bij verklaring en melding is niet komen vast te staan. De op zich te lange duur van overdracht naar een opvolgend huisarts kan verweerster niet tuchtrechtelijk worden aangerekend. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2018:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/126

    De kamer betwijfelt of de notaris zich er voldoende van bewust is wat hij in onderhavige zaak fout heeft gedaan. Immers, in zijn antwoord, zoals ook op de zitting herhaald, is de notaris van mening dat hij het te veel ontvangen geld ook heeft teruggestort naar de koper. Dat is echter niet juist. De notaris heeft het van een derde ontvangen geld immers doorgestort naar de rekening van o.a. koper. Naar het oordeel van de kamer heeft de notaris er blijk van gegeven te weinig inzicht in het foute van zijn handelen te hebben. De kamer acht de klacht op beide klachtonderdelen gegrond. De kamer rekent de notaris beide klachtonderdelen zwaar aan. Nu meer dan één van de pijlers van het notariaat in geding is acht de kamer het verwijt dat de notaris te maken valt dermate ernstig dat er aanleiding bestaat om hem de maatregel van berisping op te leggen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:150 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-760/DB/LI

    Niet gebleken dat verweerder aan cliënt een vergoeding/stageplek heeft aangeboden in ruil voor zaak/claim. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:166 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-024a

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Tijdens het consult tussen de huisarts en de patiënt waren er geen signalen die erop wezen dat sprake was van een beginnende sepsis of aanwijzingen voor een longontsteking. Patiënt kwam voornamelijk voor zijn rug, been- en knieklachten waarbij ook de griepverschijnselen aan de orde zijn gekomen. De voorgeschreven dosering naproxen maakt niet dat eventuele alarmsignalen voor sepsis zouden zijn gemaskeerd. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2018:24 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/93

    Klacht BFT. Vanaf 2012 heeft het kantoor van de notaris een aanzienlijke negatieve l iquiditeits- en solvabiliteitspositie, terwijl een zeker overschot in de liquiditeit gewenst is. Kamer acht het gevaar dat de notariële onafhankelijkheid daardoor verloren gaat geenszins denkbeeldig en is van oordeel dat sprake is van een situatie waarin in redelijkheid kan worden verwacht dat de notaris op enig moment niet aan haar financiële verplichtingen zal kunnen voldoen. Daarbij neemt de kamer mede in aanmerking dat de notaris volledig afhankelijk is van de kredietfaciliteit. Zonder afbreuk te willen doen aan de inspanningen van de notaris om de financiële situatie in de afgelopen jaren alsnog ten goede te keren, heeft de kamer de notaris tijdens de eerste mondelinge behandeling te kennen gegeven dat zij voor het ergste moest vrezen als de financiële situatie niet zou verbeteren. Na afloop van de tweede mondelinge behandeling heeft de kamer serieus overwogen om de notaris inderdaad uit het ambt te ontzetten, zeker omdat zij de ernst van de langdurige schending van de norm van artikel 23 Wna nog altijd niet (voldoende) serieus lijkt te nemen. Omdat er, ondanks de hachelijke financiële situatie, echter nooit sprake is geweest van een negatieve bewaringspositie of van het benadelen van schuldeisers is de kamer van oordeel dat in de gegeven omstandigheden kan worden volstaan met het opleggen van de tuchtmaatregel van schorsing in de uitoefening van het ambt voor een periode van zes maanden.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:65 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/61

    Klacht tegen psychiater ingediend door patiënt in TBS-kliniek. Patiënt is het niet eens met het feit dat hij dwangmedicatie krijgt. Hiervoor zou onvoldoende aanleiding zijn. Het college deelt dit standpunt niet, gelet op de feiten en omstandigheden die uit de behandelrapportage blijken. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:167 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-123a

    Ongegronde klacht tegen een radioloog. Kern van de klacht is dat de radioloog op de mammogrammen die tijdens het Bevolkingsonderzoek Borstkanker waren gemaakt ten onrechte niet heeft gezien dat sprake was van een verdachte afwijking. Voorop staat dat sprake was van een screeningssituatie en niet van een diagnostische situatie. De radioloog, die niet beschikte over de achterafkennis, heeft het plekje niet als verdacht opgemerkt. Dit is de radioloog in deze screeningssituatie niet aan te rekenen, nu het plekje geen duidelijke maligne kenmerken heeft en slechts is afgebeeld in één richting. Vergrote lymfeklieren zijn volgens de vastgestelde standaarden voor de screening op borstkanker geen redenen voor verwijzing of voor het informeren van de huisarts of de patiënt. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:66 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/62

    Klacht tegen psychiater ingediend door patiënt in TBS-kliniek. Patiënt is het niet eens met het feit dat hij dwangmedicatie krijgt. Hiervoor zou onvoldoende aanleiding zijn. Het college deelt dit standpunt niet, gelet op de feiten en omstandigheden die uit de behandelrapportage blijken. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:168 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-123b

    Ongegronde klacht tegen een radioloog. Kern van de klacht is dat de radioloog op de mammogrammen die tijdens het Bevolkingsonderzoek Borstkanker waren gemaakt ten onrechte niet heeft gezien dat sprake was van een verdachte afwijking. Voorop staat dat sprake was van een screeningssituatie en niet van een diagnostische situatie. De radioloog, die niet beschikte over de achterafkennis, heeft het plekje niet als verdacht opgemerkt. Dit is de radioloog in deze screeningssituatie niet aan te rekenen, nu het plekje geen duidelijke maligne kenmerken heeft en slechts is afgebeeld in één richting. Klacht afgewezen.