We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 1271-1280 van de 47643 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:6 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2793

    De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. De huisarts heeft de echtgenoot beoordeeld op de huisartsenpost. Dezelfde avond is de echtgenoot overleden. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat zij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de huisarts een waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond, waarmee de maatregel van waarschuwing komt te vervallen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:3 Raad van Discipline Amsterdam 25-557/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening door de eigen advocaat is in alle klachtonderdelen ongegrond. Uit de overgelegde correspondentie blijkt niet dat het duidelijk was dat verweerster namens klaagster hoger beroep zou instellen. Verweerster heeft in dat kader aangevoerd dat een verzoek tot wijziging van de omgangsregeling haar zinvoller leek, dat zij deze strategie ook zo met klaagster heeft besproken en dat klaagster hiermee heeft ingestemd. Dat dit anders is gegaan, heeft klaagster niet onderbouwd met onderliggende correspondentie. Dat verweerster geen stappen heeft ondernomen voor klaagster of dat klaagster op enige andere wijze nadeel heeft ondervonden van de tijdelijke afwezigheid van verweerster, is de raad verder niet gebleken. Evenmin is het de raad gebleken dat verweerster de berichten van klaagster onbeantwoord heeft gelaten of dat zij hierop (te) laat reageerde.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8230

    Kennelijk ongegronde klacht tegen arts. De arts heeft geen foutieve diagnose gesteld en niet tuchtrechtelijk verwijtbaar dat de arts klager niet direct heeft doorgestuurd naar het ziekenhuis voor verwijdering van de vetbult.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:131 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759864 / DW RK 24/401 EV/RH

    De kamer verklaart de klacht gegrond aangezien artikel 4.6 en 4.4 lid 2 van de Gerechtsdeurwaardersverordening zijn overtreden en legt de maatregel van berisping op. Het gedurende een langere tijd gebrekkig of niet communiceren met klager en het vervolgens uitvoeren van een huisbezoek waarvoor geen opdracht was verkregen maakt dat deze maatregel passend en geboden is.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:13 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2864

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De zoon van klager is in de zomer van 2024 plotseling overleden. De dag ervoor was hij in verband met klachten van – onder meer – koorts en hoofdpijn bij de huisarts op consult geweest. Hij was bang dat hij meningitis had. Klager verwijt de huisarts bovenal dat zij op onzorgvuldige wijze de anamnese heeft afgenomen en zijn zoon ten onrechte niet onmiddellijk heeft ingestuurd naar het ziekenhuis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:7 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2814

    De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Ook verwijt klaagster de huisarts dat hij na het overlijden van haar echtgenoot geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. In beroep gaat het alleen nog over het verwijt dat de huisarts geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Centraal Tuchtcollege verklaart die klacht alsnog gegrond, maar legt de huisarts geen maatregel op.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8531

    Klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster was in behandeling bij een therapeut. Verweerster was op dat moment de supervisor van deze therapeut. Nadat de therapeut vanwege ziekte uitviel, kwam klaagster in behandeling bij verweerster. In augustus 2024 werd de behandelrelatie tussen verweerster en klaagster beëindigd. Klaagster startte later opnieuw een behandeltraject bij de therapeut en informeerde verweerster hierover. Verweerster nam vervolgens contact op met de therapeut, waarop de therapeut de behandeling kort daarna beëindigde. Klaagster verwijt verweerster, samengevat, dat zij ten onrechte vertrouwelijke informatie heeft gedeeld, onvoldoende transparant was bij het begin van haar behandeling en onprofessioneel heeft gehandeld bij de klachtafhandeling. Het college oordeelt dat de meeste klachtonderdelen voortvloeien uit de rolvermenging die verweerster heeft laten ontstaan, verklaart de klacht grotendeels gegrond en legt de maatregel van een berisping op.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:1 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/771771 / DW RK 25/227 EdV/WdJ

    Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:4 Raad van Discipline Amsterdam 25-598/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is deels gegrond. Verweerster is klachtwaardig tekortgeschoten door geen navraag te doen naar het door klager op haar derdengeldenrekening gestorte bedrag dat bestemd was voor haar cliënt. Verweerster heeft dit bedrag ten onrechte op haar derdengeldenrekening laten staan, ook nadat klager had gevraagd om het bedrag aan hem terug te storten. Aan verweerster wordt de maatregel van een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8201

    Klacht tegen huisarts gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing. Klaagster is patiënt van de huisarts. Zij verwijt de huisarts dat zij een onjuiste diagnose heeft gesteld en dat zij klaagster ten onrechte niet naar het ziekenhuis heeft verwezen. De huisarts hoefde tijdens de huisvisite niet te vermoeden dat sprake was van een hersenbloeding en kan dan ook niet worden verweten dat zij die heeft gemist. Zij hoefde klaagster daarom niet naar het ziekenhuis te verwijzen. Wel had de huisarts de ernstig verhoogde bloeddruk als afzonderlijk probleem moeten onderkennen en daarop gericht beleid moeten voeren.