Zoekresultaten 12041-12050 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:290 Raad van Discipline Amsterdam 21-419/A/NH

    De raad verklaart het verzet tegen de voorzittersbeslissing ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2021:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven E2021/3227

    Verwijt aan huisarts dat hij geen medicatie aan patiënt heeft voorgeschreven, hem niet naar een psychiater heeft verwezen, onzorgvuldige dossiervoering, weigering tot afgifte van dossier aan nabestaanden en het niet tonen van medeleven aan de nabestaanden. Geen ernstige depressie die tot onmiddellijk voorschrijven van medicatie of verwijzing naar psychiater noodzaakte. Volmacht inzake medische besluitvorming en beslissingen. Zwaarwegend belang. Weigering niet gerechtvaardigd. Gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:152 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/3082

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Beklaagde heeft een lijkschouw verricht bij de vader van klager. Klager verwijt beklaagde onder meer dat hij ten onrechte COVID-19 als doodsoorzaak heeft genoteerd op het Doodsoorzaakverklaring-formulier. Het college overweegt dat beklaagde op het moment van de lijkschouw de informatie van de triagiste had dat klagers vader vier dagen ervoor positief was getest op COVID-19. Beklaagde heeft die informatie dan ook bij zijn beoordeling kunnen betrekken. Het College is van oordeel dat beklaagde, mede gelet op zijn verweer, op grond van de hem ter beschikking staande informatie en zijn onderzoek in redelijkheid tot de gestelde doodsoorzaak is kunnen komen. Het overige klachtonderdeel is ook ongegrond verklaard. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:230 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-777/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een kwestie rondom de omgang met een kind kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:153 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/2160

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt beklaagde dat zij haar buikklachten niet serieus heeft genomen en haar onvoldoende aandacht, begrip en uitleg heeft gegeven. Uit het medisch dossier blijkt dat beklaagde meerdere keren klaagster heeft doorverwezen voor nader onderzoek door verschillende specialisten. Ook heeft bij klaagster verschillende keren bloedonderzoek, urineonderzoek of radiologisch onderzoek plaats gevonden. Er zijn naar het oordeel van het College geen aanwijzingen dat beklaagde de klachten van klaagster niet serieus heeft genomen. Het College heeft ook geen aanwijzingen dat beklaagde klaagster onvoldoende aandacht, begrip en uitleg heeft gegeven. Uit het afschrift van het patiëntendossier van klaagster, zoals dat bij het verweerschrift is gevoegd, komt een beeld van beklaagde naar voren van een betrokken arts, die zich tot het uiterste heeft ingespannen om een oorzaak te vinden voor de klachten van klaagster en die hiertoe verschillende interventies heeft ingezet. Dat deze inspanningen van beklaagde niet hebben kunnen voorkomen dat bij klaagster uiteindelijk een tumor in de buik moest worden geconstateerd is zeer spijtig, maar niet aan beklaagde te verwijten. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:149 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/2444-2021-021

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt beklaagde doordat hij (geneeskundige) verklaringen heeft afgegeven. Ten aanzien van twee verklaringen heeft de POH-GGZ verklaard dat zij degene is geweest die de verklaringen zonder toestemming en medeweten van beklaagde heeft opgesteld, zodat beklaagde hiervan geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Met betrekking tot de derde verklaring heeft beklaagde volgens de norm van de KNMG heeft gehandeld als onafhankelijk arts, nu hij een geneeskundige verklaring heeft opgesteld over een persoon die geen patiënt van hem is. Het feit dat er sprake is van een familierechtelijke relatie, maakt op zichzelf ook niet dat beklaagde de geneeskundige verklaring niet had mogen opmaken. Gesteld noch gebleken is dat de geneeskundige verklaring een onjuiste weergave bevat van hetgeen door beklaagde is waargenomen. Klacht ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:150 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/81

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt beklaagde dat hij klager niet heeft willen behandelen dan wel nader onderzoek heeft willen doen naar zijn te lage aantal bloedplaatjes, terwijl dat voor klager een risicofactor is. Het College is van oordeel dat uit het medisch dossier blijkt dat beklaagde adequaat onderzoek heeft gedaan. De waarde van de trombocyten van klager zijn tweemaal onderzocht. De waardes waren in beide gevallen niet lager dan 80. Beklaagde heeft dan ook in redelijkheid kunnen besluiten klager niet voor verder (preventief) onderzoek door te verwijzen naar bijvoorbeeld een internist of voor een beenmergpunctie. Er was immers geen sprake van afwijkingen in het bloed. Ook had klager geen klachten. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2021:81 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven E2021/2524

    Klager, die een subarachnoïdale bloeding (SAB) kreeg enkele dagen na consult bij huisarts, verwijt huisarts onvoldoende lichamelijk onderzoek, onjuiste notities in het dossier, het niet insturen van klager naar de SEH, het niet verwijzen naar neuroloog en het voeren van een onprettig telefoongesprek. Er waren geen neurologische uitvalsverschijnselen. Tijdens consult geen aanwijzingen voor ernstige oorzaak. Geen gronden voor verwijzing naar neuroloog. Geen oordeel over communicatie. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:151 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/2456-2020-191b

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster heeft beklaagde tijdens het inloopspreekuur verteld dat zij een seksuele relatie had met een college van beklaagde. Klaagster verwijt beklaagde dat zij daarna geen enige vorm van hulp heeft verleend. Hoewel het College vindt dat beklaagde voortvarender had kunnen handelen, is zij van oordeel dat haar tuchtrechtelijk geen verwijt gemaakt kan worden. Beklaagde heeft, zo is gebleken, hetgeen haar is verteld niet zomaar naast haar neergelegd, maar heeft nagedacht over de acties die zij moest en kon ondernemen. De beslissing om met de collega in kwestie de informatie te bespreken, is een goede. Het is evenwel invoelbaar dat zij de collega huisarts niet tijdens zijn vakantie hierover heeft gebeld. Het bellen van de KNMG is ook een juiste beslissing geweest. Voorstelbaar was echter geweest dat zij de KNMG nadat zij niet teruggebeld was, nogmaals had gebeld. Zoals gezegd maakt dit het handelen van beklaagde niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:260 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-415

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Verweerster is de ruime vrijheid die haar als advocaat van de wederpartij toekomt niet te buiten gegaan.