Zoekresultaten 12071-12080 van de 12992 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG0931 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-078

    Klaagster verwijt de huisarts dat hij onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar haar klachten en daardoor de werkelijke oorzaak van de klachten heeft gemist.  Klacht gegrond geacht. Waarschuwing.      

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0924 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.241

      Klager wil de Staat aansprakelijk stellen voor gezondheidsklachten die hij ondervindt. Rechtsbijstandverzekeraar laat een advies opstellen door de arts, en concludeert dat geen grond aanwezig is voor een vordering op de Staat. Klager is van oordeel dat de arts een valse en zeer onvolledige verklaring heeft opgesteld, en hem dusdoende van rechtshulp door zijn rechtsbijstandverzekeraar heeft afgehouden. Nu de arts in een gezagsverhouding staat tot de rechtsbijstandverzekeraar, is het medisch advies bevooroordeeld. Klacht is afgewezen door het Regionaal Tuchtcollege. Beroep tegen dit oordeel is verworpen door het Centraal Tuchtcollege.  

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0923 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.098

    "Geen aanwijzingen dat de sectio bij de tweelingzwangerschap te laat is gepland. De arts mocht afgaan op de informatie van de CTG-registratie hetgeen geen aanleiding gaf tot acuut ingrijpen. Dat in de tijd tussen het afkoppelen van het CTG en de sectio geen registratie meer is uitgevoerd is niet verwijtbaar. Er was geen aanleiding om langer te registreren. Van verwijtbaar handelen van de arts is niet gebleken. Geen tuchtrechtelijk verwijt, klachten ongegrond."

  • ECLI:NL:TGZREIN:2011:YG0920 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 09240b

    Klager verwijt oogarts dat hij een verkeerde diagnose heeft gesteld, heeft verzuimd klager te behandelen voor zijn aandoening terwijl behandeling wel noodzakelijk was, heeft verzuimd klager tijdig door te verwijzen naar een collega-oogarts en geen duidelijke informatie heeft gegeven. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2011:YG0921 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1090

    Klaagster verwijt plastisch chirurg ernstig tekortschieten voorafgaand aan en bij plaatsing bilprotheses. Voorwaardelijke schorsing van drie maanden met een proeftijd van twee jaar.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2011:YG0922 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 09240a

    Klager verwijt oogarts dat hij hem niet de noodzakelijke behandeling, begeleiding, adviezen en beoordelingen heeft gegeven. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2011:YG0919 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1073

     Klacht tegen BMA-arts inzake onzorgvuldige advisering. Waarschuwing

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG0914 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 232/2009

    Klaagster was zwanger van een kind met de aandoening trisomie 18. Zij wilde de zwangerschap uitdragen en is na 41 weken en 6 dagen ingeleid in het ziekenhuis. Gedurende de bevalling was er sprake van een CTG-registratie waaruit bleek dat er sprake was van foetale nood. Het kind is bij de bevalling overleden. Klaagster heeft (o.a.) een klacht ingediend tegen de dienstdoende gynaecoloog. Zij verwijt hem ondermeer dat het te voeren beleid van non interventie ingeval er sprake was van foetale nood niet met haar is besproken, dat zij onvoldoende begeleid is bij de bevalling en dat zij de baby niet levend in handen heeft kunnen houden. De klacht is gedeeltelijk gegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2011:YG0910 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1030

    Bij klager zijn door de assistente van de tandarts twee kiezen getrokken, zonder dat was medegedeeld dat zij assistente was en dus zonder zijn toestemming. Weigering patiëntgegevens over te dragen. Luxeren essentieel onderdeel extraheren en derhalve naar het oordeel van het college voorbehouden aan tandarts. Gedeeltelijk gegrond. Berisping. Publicatie.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0917 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.300

    Klaagster verwijt de arts dat hij tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld, omdat hij in een civiele procedure willens en wetens onjuist heeft verklaard omtrent de gezondheidstoestand van de inmiddels overleden echtgenoot van klaagster (meineed). De arts beroept zich op het beginsel van ‘ne bis in idem’ nu hij ten aanzien van zijn medisch handelen reeds tuchtrechtelijk is veroordeeld.  Subsidiair stelt de arts zich op het standpunt dat hem geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt, nu de klacht geen medisch handelen zijnerzijds betreft. Regionaal Tuchtcollege verklaart klaagster niet-ontvankelijk. Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing, ontvangt klaagster in haar klacht. De tweede tuchtrechtnorm omvat tevens een handelen (of nalaten) door een BIG-geregistreerde in die hoedanigheid,  in strijd met het openbare algemene belang van een goede individuele gezondheidszorg. Centraal Tuchtcollege wijst de klacht af nu de verweten gedraging, te weten meineed, althans het opzettelijk onjuist verklaren, niet is komen vast te staan.