Zoekresultaten 141-150 van de 1641 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:60 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2911

    Klacht tegen een tandarts. Klaagster is ontevreden over de behandeling van de tandarts. Zij maakt de tandarts verschillende verwijten over de behandeling van de loszittende kroon op een implantaat in het gebit van klaagster en over nalatigheden bij het bijhouden van het dossier. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht volledig gegrond en legt aan de tandarts de maatregel van waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klachtonderdeel b) alsnog ongegrond, verwerpt het beroep voor het overige en verstaat dat de maatregel van waarschuwing gehandhaafd blijft.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:54 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2871

    Klager is sinds juli 2022 werkzaam als accountmanager bij E.. Per 21 juni 2023 heeft klager zich ziekgemeld. De bedrijfsarts i.o, werkzaam bij F., heeft klager in zijn ziekteverzuimperiode begeleid. Klager verwijt de bedrijfsarts i.o, in meerdere klachtonderdelen, dat zij niet op de juiste wijze heeft gehandeld bij de verzuimbegeleiding. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door klager ingestelde beroep tegen die beslissing. Het incidenteel beroep van de bedrijfsarts i.o. slaagt, in die zin dat het Centraal Tuchtcollege klager alsnog niet-ontvankelijk verklaart in klachtonderdeel j (het niet melden van PTSS als beroepsziekte).

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8875

    Tenuitvoerlegging voorwaardelijke maatregel: De beroepsbeoefenaar, arts, heeft de bijzondere voorwaarden die het CTG deze beroepsbeoefenaar eerder had opgelegd, niet nageleefd. De beroepsbeoefenaar heeft - hoewel hij al niet meer in het BIG-register ingeschreven stond als bedrijfsarts, maar als arts - onduidelijkheid hierover laten bestaan. Ook heeft hij onder andere onduidelijkheid laten bestaan over het werken onder supervisie en de IGJ niet tijdig en onvoldoende geïnformeerd. De IGJ heeft het college verzocht om een tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde maatregel. De beroepsbeoefenaar erkent dat hij de bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd en vraagt een tweede kans.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:58 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8382

    Kennelijk ongegronde klacht van de werkgever van een medewerkster tegen verweerder, bedrijfsarts. Verweerder heeft de medewerkster begeleid bij haar ziekteverzuim en haar vervolgens arbeidsgeschikt bevonden. Klager verwijt verweerder dat verweerder de medewerkster arbeidsgeschikt heeft bevonden ondanks de afspraak tussen klager en verweerder dat de medewerkster arbeidsongeschikt zou zijn. Deze afspraak is niet gebleken en de organisatorische problemen van klager zijn geen onderdeel van de beoordeling van de arbeids(on)geschiktheid van de medewerkster. Ook verwijt klager verweerder een belangenverstrengeling vanwege een aandelentransactie tussen de arbodienst waarvoor verweerder werkzaam is en de verzuimverzekering van klager. Deze belangenverstrengeling is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:59 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7808

    Deels gegronde klacht van werkneemster over verweerder. Verweerder, arbo-arts, heeft klaagster begeleid na de ziekmelding van klaagster. Klaagster verwijt verweerder dat hij de COPD-klachten van klaagster niet serieus heeft genomen, geen medische informatie heeft opgevraagd bij de huisarts van klaagster en geen verslagen of adviezen van fysieke consulten heeft opgesteld, ook niet na verzoek daartoe. Verweerder adviseerde klaagster re-integratie terwijl hij klaagster niet had gezien en klaagster aangaf daartoe niet in staat te zijn. Ook verwijt klaagster dat verweerder geen mediation heeft geadviseerd en niet heeft gereageerd op het verzoek om een second opinion.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8505

    Volgens klager heeft hij niet alle voorgeschreven medicatie ontvangen. In de apotheek is hem ten onrechte meegedeeld dat hij deze al uit de afhaalautomaat had opgehaald, waarna de medicatie zou zijn geannuleerd. Klager ziet dit als nalatigheid van de apotheker. De apotheker voert verweer en voert aan dat zij de situatie met klager wilde bespreken, maar dat klager direct aangaf de formele tuchtrechtelijke route te willen volgen.Het college oordeelt in raadkamer dat de klacht kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8237

    Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. De orthopedisch chirurg heeft tweemaal een heupoperatie bij klaagster uitgevoerd. Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg, samengevat, nalatigheid in medisch handelen en het leveren van inadequate (na)zorg. Daarnaast is volgens klaagster sprake geweest van tekortkomingen in de communicatie. Het college oordeelt dat de orthopedisch chirurg niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8746

    (kennelijk) ongegronde klacht van een klager tegen een orthopedisch chirurg die bij klager wegens progressief stenoserend vaatlijden een broekprothese plaatste. In verband met aanhoudende klachten na de operatie werd klager gezien in een ander ziekenhuis, waar wordt gedacht aan een neurologische oorzaak als mogelijke verklaring voor de klachten. De verwijten gaan over diagnosestelling, informed consent en nazorg.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8841

    Klager bezocht de apotheek met een buitenlands recept voor onder meer een antibioticum. Na overleg tussen apothekersassistent en apotheker, die niet aanwezig was, besloot de apotheker het antibioticum niet te verstrekken. Klager diende een klacht in bij de apotheek en correspondeerde later via een advocaat met de apotheker. Uiteindelijk beëindigde de apotheker de behandelingsovereenkomst met klager, zijn echtgenote en hun minderjarige zoon. Klagers verwijten de apotheker dat het antibioticum ten onrechte is geweigerd, dat de klacht onzorgvuldig is afgehandeld en dat de behandelingsovereenkomst onterecht is beëindigd. De apotheker voert verweer. Het college verklaart de klacht gegrond. Volgens het college is de apotheker ernstig tekortgeschoten in de zorg die zij had moeten leveren. Van een apotheker mag een actievere en zorgvuldigere houding worden verwacht. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8181

    Ongegronde klacht tegen een (vaat)chirurg. Bij klager werd door middel van een endovasculaire operatie een stent geplaatst vanwege een aneurysma van de buikslagader. Na de operatie bleek dat sprake was van spinale ischemie, leidend tot een (incomplete) dwarslaesie. Klager verwijt de chirurg onder meer dat zij onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn familiaire voorgeschiedenis en dat hij onvoldoende is geïnformeerd over het risico op spinale ischemie/dwarslaesie.