Zoekresultaten 1-10 van de 4289 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:175 Raad van Discipline Amsterdam 26-528/A/A 26-533/A/A 26-534/A/A 26-535/A/A 26-536/A/A 26-537/A/A 26-538/A/A 26-539/A/A 26-540/A/A 26-541/A/A 26-542/A/A
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 13-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:175
Voorzittersbeslissing; klacht over het optreden van verweerders in andere hoedanigheid. De klacht heeft betrekking op een geschil tussen klager en verweerders over hun opvattingen (en uitlatingen hierover in de sociale media) ten aanzien van het Israëlisch-Palestijns conflict en de oorlog in Gaza. De tuchtrechter gaat niet over dergelijke geschillen, tenzij kan worden vastgesteld dat verweerders in dit onderliggende geschil met hun handelen het vertrouwen in de advocatuur hebben geschaad. Dat is de voorzitter niet gebleken. Klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:176 Raad van Discipline Amsterdam 26-620/A/NH
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 10-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:176
Voorzittersbeslissing. Klacht van een derde over een advocaat. Geen opdrachtrelatie. Verwachtingspatroon van klaagster is niet reëel. Van verweerster kon, mede gelet op haar andere werkzaamheden, in redelijkheid niet worden verlangd dat zij direct en buiten haar kantoortijden verder op de berichten van klaagster zou reageren. In plaats van de volgende dag af te wachten om met verweerster te overleggen, heeft klaagster ervoor gekozen om meteen een klacht over verweerster in te dienen. Hierdoor was de basis voor een eventuele samenwerking tussen verweerster en klaagster verdwenen. Klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:200 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9174
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 21-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:200
Kennelijk ongegronde klacht tegen bedrijfsarts. De bedrijfsarts was de superviserend arts van de arbo-arts die betrokken was bij de verzuimbegeleiding. De klacht ziet onder meer op de verzuimbegeleiding, schending beroepsgeheim en bejegening. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:177 Raad van Discipline Amsterdam 26-466/A/A
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 10-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:177
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Het is aan verweerster als advocaat om in het belang van klager af te wegen welke stappen er moeten worden gezet en wat het risico is van een eventuele te starten procedure. Het zou kunnen dat klager bepaalde wensen had ten aanzien van de verdeling van de schulden en de wijziging van het hoofdverblijf van de dochter van partijen en de alimentatie, maar verweerster is niet gehouden om deze wensen klakkeloos uit te voeren, zeker niet als zij dit niet in het belang vindt (van de procespositie) van klager. Klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:201 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9497
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 21-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:201
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. De klager was uitgenodigd voor een fysiek consult met de bedrijfsarts voor een claimbeoordeling na ziekmelding. De klacht van klager ziet kort gezegd op de communicatie daarover. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:171 Raad van Discipline Amsterdam 26-607/A/A 26-614/A/A
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 17-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:171
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft zich in de conclusie van antwoord niet onnodig kwetsend over klager dan wel over de moeder van klager uitgelaten. Verweerder mocht die tekst gebruiken om het standpunt van zijn cliënte naar voren te brengen in reactie op de namens klager uitgebrachte dagvaarding. Klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:202 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9215
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 21-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:202
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een arbo-arts. Klager is tijdens zijn arbeidsongeschiktheid begeleid door de arbo-arts, die als basisarts onder supervisie van een bedrijfsarts werkzaam was. De klachtonderdelen over beëindiging van de begeleidingsrelatie, informatieverstrekking aan de werkgever, de beoordeling van de belastbaarheid, de omgang met een verzoek om second opinion en werken onder supervisie zijn gegrond. Voor het overige is de klacht ongegrond. Berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:172 Raad van Discipline Amsterdam 26-556/A/A
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 17-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:172
Voorzittersbeslissing. Klacht over een advocaat. Verweerder is op geen enkele wijze inhoudelijk betrokken geweest bij de procedure van de religieuze ontbinding van het huwelijk van klager en diens ex-echtgenote. Verweerder kan tuchtrechtelijk niets worden verweten ten aanzien van de bevoegdheid van de joodse rechtbank, de zittingsdatum of de verstrekking van het dossier. Klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:203 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9216
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 21-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:203
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Klager is in het kader van zijn arbeidsongeschiktheid begeleid door een arbo-arts die onder supervisie van de bedrijfsarts werkte. Klager verwijt de bedrijfsarts dat zij onvoldoende invulling heeft gegeven aan haar verantwoordelijkheid als supervisor. De klachtonderdelen over de beëindiging begeleidingsrelatie, afhandeling van verzoek second opinion, invulling van de supervisie, en de klachtafhandeling zijn gegrond. Voor het overige is de klacht ongegrond. Berisping opgelegd.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:173 Raad van Discipline Amsterdam 26-622/A/NH
- Datum publicatie: 21-08-2026
- Datum uitspraak: 17-08-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:173
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Het stond verweerder vrij om in het kader van de door klager gestarte civiele procedure tegen zijn cliënt bij de gemeente een BRP-uittreksel op te vragen vanwege het gerichte vermoeden dat klager niet meer stond ingeschreven bij een Nederlandse gemeente. De omstandigheid dat klager het met deze gang van zaken niet eens is en dat verweerder ook via andere routes aan deze informatie had kunnen komen, zoals klager heeft gesteld, betekent niet dat verweerder klachtwaardig heeft gehandeld door ervoor te kiezen navraag te doen bij de gemeente. Klacht in beide onderdelen kennelijk ongegrond.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 429
- Volgende pagina zoekresultaten