Zoekresultaten 11-20 van de 219 resultaten

  • ECLI:NL:TNORAMS:2024:12 Kamer voor het notariaat Amsterdam 740208 / NT 23-38 743543 / NT 23-45

    Notaris 1 heeft niet met de grootst mogelijke zorgvuldigheid gehandeld bij de oprichting van de besloten vennootschap en de inschrijving daarvan. Door slechts de website van [A] te bekijken en geen verder onderzoek te doen naar de persoon [A] heeft de notaris de ogen gesloten voor mogelijke risico’s verbonden aan (i) de oprichting van de BV en (ii) inschrijving op een door [A] opgegeven adres, zonder huurovereenkomst of toestemming van klaagster (de eigenaar van de bedrijfsruimte op dat adres). De notaris heeft zijn functie van poortwachter veronachtzaamd. Naar het oordeel van de kamer is sprake van ernstig tekortschieten, wat het opleggen van de maatregel van berisping rechtvaardigt.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2024:43 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5852

    Klacht tegen een verpleegkundig specialist GGZ die als consulent psychiatrie betrokken was bij de zorgverlening aan klaagster. Klaagster verwijt verweerster dat zij vond dat klaagster passief in bed bleef liggen en dat zij klaagster vlug uit bed wilde hebben. College: uit het dossier blijkt dat verweerster adviezen heeft gegeven over de wijze waarop klaagster dient te worden benaderd bij het activeren en dat zij heeft geadviseerd om een fysiotherapeut in te schakelen. Daaruit blijkt niet dat zij een oordeel heeft gegeven over het activiteitenpatroon van klaagster en ook niet dat zij daarover iets tegen klaagster heeft gezegd. Verweerster ontkent ook wat haar wordt verweten. Een en ander staat dus niet vast. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2024:142 Hof van Discipline 's Gravenhage 240067 en 240079

    Herstelbeslissing.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2024:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/6132

    Klaagster verwijt de radioloog dat zij geen scans kan lezen, dat zij samen met een psychiater klaagster bewust iets wijsmaakt wat niet klopt en dat er geen gedegen onderzoek is gedaan. Oordeel college: uit het medisch dossier blijkt dat de radioloog goed naar de scans heeft gekeken. De enkele omstandigheid dat de radioloog op de scans niet de afwijkingen constateert die klaagster daarop wel constateert, betekent niet dat de radioloog klaagster bewust iets wijsmaakt wat niet klopt. De radioloog kon redelijkerwijs tot de conclusie komen dat er op de scans geen afwijkingen te zien waren. Het uitgevoerde beeldvormende onderzoek was, gelet op de door klaagster aangegeven zorgen, naar de stand van de huidig beschikbare technieken adequaat. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2024:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5697

    Klacht tegen een gz-psycholoog. Klacht: 1) klager niet getest, ondanks zijn verzoek, 2) zonder klager vooraf te informeren, informatie over vader en broer opgenomen in medisch dossier, 3) medisch dossier is incompleet, er is geen antwoord te vinden op de vraag hoe het ging met klager. College: kennelijk ongegrond. Uit het medisch dossier blijkt niet dat klager de gz-psycholoog heeft verzocht hem te testen. Gz-psycholoog moest alle relevante informatie opnemen in medisch dossier, was niet verplicht klager vooraf te informeren. Uit het medisch dossier blijkt dat gz-psycholoog heeft gevraagd hoe het ging met klager, het antwoord daarop was dat klager volledig uit beeld was geraakt. Er waren geen zorgelijke berichten vanuit de afdeling. 

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2024:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5745

    Verwijt aan psychiater (destijds in opleiding) dat zij niet integer, onafhankelijk en onpartijdig heeft gehandeld, toen zij aanwezig was bij gesprekken die in verband met een pro Justitia-onderzoek met klager zijn gevoerd. Tweede tuchtnorm. Als toehoorder aanwezig in het kader van NIFP-opleiding. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2024:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2023/5796

    Neuroloog. In terugkoppelingsbrief aan huisarts van klaagster stond een behandelbeperking vermeld, waarvan klager meent dat deze onjuist is. Het college stelt vast dat niet verweerster maar een andere zorgverlener de behandelbeperking in het dossier heeft opgenomen. Verweerster heeft getracht met klager af te stemmen tot een juiste vermelding te komen. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TNORAMS:2024:10 Kamer voor het notariaat Amsterdam 730535 / NT 23-11 730549 / NT 23-13

    De kamer verklaart de klacht over het afhandelen van de nalatenschap ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2024:11 Kamer voor het notariaat Amsterdam 740207 / NT 23-37

    Klacht is deels gegrond. Onprofessionele bejegening. Gelet op het door de notaris gemaakte excuus legt de kamer geen maatregel op. De klacht is voor het overige ongegrond. De kamer kan niet vaststellen dat de notaris met klager en de ex-partner niet over de gevolgen van de wijziging van de samenlevingsovereenkomst heeft gesproken. Daartoe heeft klager onvoldoende gesteld. De kamer acht niet aannemelijk dat de vermogensoverheveling naar de ex-partner vóór overlijden van klager door de notaris zou zijn vastgelegd indien dat niet conform de wensen van klager en de ex-partner was geweest. Daarbij komt dat de “Wijziging samenlevingsovereenkomst” inhoudelijk slechts bestaat uit één artikel, dat bij het passeren niet makkelijk over het hoofd kan worden gezien.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2024:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2023/5637

    Gegronde klacht tegen een klinisch psycholoog/psychotherapeut (verweerster). Verweerster is de echtgenote van een klinisch psycholoog/psychotherapeut bij wie klager in behandeling was (tegen wie klager ook een klacht heeft ingediend, zaaknummers A2023/5636 en A2023/6251) en voert samen met hem de praktijk. Daarnaast verricht zij secretariële werkzaamheden voor haar echtgenoot. Verweerster heeft een intervisiebijeenkomst bijgewoond waarin de casus van klager en klagers relatie met zijn echtgenote zijn besproken en heeft van wat in de bijeenkomst is besproken een verslag gemaakt en een deel ervan in het dossier van klager gevoegd. Klager vindt dat verweerster in het licht van het voorgaande inbreuk heeft gemaakt op zijn privacy en dat sprake is geweest van rolvermenging. Het college komt tot het oordeel dat verweerster onbetamelijk heeft gehandeld. Het is het college duidelijk geworden dat de secretariële werkzaamheden van verweerster een vergaand karakter hadden. Zo blijkt verweerster uitgebreide kennis te hebben gekregen van de problematiek waar klager mee kampte, was zij op de hoogte van ‘behandelproblemen’ en heeft zij ook de afsluitbrief aan de huisarts opgesteld. Uit de uitlatingen van verweerster en haar echtgenoot blijkt dat zij ervan uitgaan dat zij volledig op de hoogte kunnen en mogen zijn van elkaars cliënten en hun behandeling en dat zij zich uitsluitend bewust zijn van hun geheimhoudingsplicht jegens derden buiten de praktijk. Dit is in strijd met de geheimhoudingsplicht die zij ieder ten opzichte van hun eigen cliënten hebben. Verder heeft verweerster verklaard dat het voor haar heel vertrouwd voelde en kunstmatig om bij de intervisiebijeenkomst de kamer te verlaten toen de behandeling van klager ter sprake kwam. Dat zij dit niet heeft gedaan is ontegenzeggelijk een inbreuk op de privacy van klager en zijn echtgenote en getuigt niet van een professionele distantie en houding. Gelet op de aard van het handelen dat verweerster wordt verweten, maar vooral ook gelet op de twijfel die bij het college is gerezen over het inzicht van verweerster in het onbetamelijke van dat handelen, vindt het college de maatregel van berisping passend. Klacht gegrond verklaard. Berisping.