Zoekresultaten 1301-1350 van de 48172 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:41 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-394/DH/DH
- Datum publicatie: 19-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:41
Raadsbeslissing. Excessief declareren door de advocaat. Verweerster heeft geen verweer gevoerd. Klacht gegrond. Van een advocaat mag worden verwacht dat hij of zij niet alleen een heldere opdrachtbevestiging maar ook een plan van aanpak en een adequate begroting aan zijn cliënten verstrekt en regelmatig factureert overeenkomstig de gemaakte afspraken. Door dat na te laten heeft verweerster onzorgvuldig jegens klagers gehandeld en in strijd gehandeld met de kernwaarden. De aard en de ernst van de feiten rechtvaardigen zonder meer een zeer zware maatregel. Bij de oplegging van de maatregel acht de raad van belang dat verweerster op geen enkel bericht van de deken en/of de raad heeft gereageerd en dat ook anderszins niet is gebleken dat zij beseft dat zij onbetamelijk heeft gehandeld. Schrapping.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8235
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 18-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:53
Klacht tegen gynaecoloog ongegrond. Gynaecoloog was goed op de hoogte van gezondheid van klaagster heeft dit meegewogen bij het bepalen van beleid. Geen sprake van onjuist behandelplan. De gynaecoloog had klaagster uitgebreider kunnen informeren over waarom een keizersnede niet de voorkeur had, maar niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Informatieplicht niet geschonden. Medisch dossier voorzien van alle relevante gegevens.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:37 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-083/DB/OB
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:37
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in de hoedanigheid van deken kennelijk ongegrond. Naar het oordeel van de voorzitter blijkt uit de overgelegde stukken dat verweerster heeft gehandeld conform hetgeen in de Advocatenwet en de Leidraad is bepaald en binnen de grenzen van de aan haar toekomende vrijheid. Gelet op het bepaalde in artikel 3.2 van de Leidraad moest verweerster de klacht eerst onderzoeken, voordat zij deze kon doorzenden naar de raad. Verweerster heeft het vertrouwen in de advocatuur dan ook geenszins geschaad door het verzoek van klagers om onmiddellijke doorzending, niet te honoreren. Verweerster heeft het vertrouwen in de advocatuur evenmin geschaad door het klachtdossier niet na drie maanden door te zenden aan de raad. Naar het oordeel van de voorzitter heeft verweerster voldoende aannemelijk gemaakt dat het dossier op 18 december 2024 is klaargezet in Join. Verweerster heeft klagers daarvan ook in kennis gesteld. Het dossier is vervolgens niet door de raad ontvangen. Dat dit laatste het gevolg is van een handelen of nalaten van verweerster is de voorzitter niet gebleken. Er is sprake geweest van een technische storing. Daarvan kan verweerster geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Toen duidelijk werd dat de raad het klachtdossier niet had ontvangen, is het klachtdossier nogmaals met bekwame spoed aan de raad doorgezonden.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:64 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-026/AL/GLD
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:64
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8355
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 18-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:54
“Klacht tegen een huisarts. Klager verwijt verweerster dat zij haar beroepsgeheim, de AVG en de medische volmacht heeft geschonden en dat zij bij de zorgmelding over klager bij Veilig Thuis heeft gehandeld in strijd met de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld.Klacht deels gegrond, verweerster heeft onzorgvuldig gehandeld door de stappen van het in de KNMG-meldcode opgenomen stappenplan niet of onvoldoende te volgen, berisping.”
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:65 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-864/AL/MN
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:65
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart de klacht grotendeels niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de klachttermijn. De rest van de klacht is kennelijk niet-ontvankelijk en kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7406
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 18-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:55
“Klacht tegen een huisarts, werkzaam bij een PI. Klager verwijt de inrichtingsarts dat hij hem zonder voorafgaand overleg en/of eigen onderzoek en ten onrechte arbeidsgeschikt heeft verklaard, hem niet heeft toegelaten tot het spreekuur en niet heeft gereageerd op brieven van zijn advocaat. Klacht ongegrond.”
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8445
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 18-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:56
Kennelijk ongegronde klacht van mentor van de cliënte tegen verweerster, arts verstandelijk gehandicapten. De cliënte wordt behandeld door verweerster. De cliënte is bekend met het syndroom van Down en met dementie. Verweerster wordt verweten dat zij klaagster verkeerd heeft geplaatst in een woonzorginstelling. Ook wordt verweerster verweten dat de aan de cliënte toegekende zorgindicaties zijn ontnomen. Hierdoor krijgt de cliënte geen extra begeleiding meer en zijn de uitdagingen die de cliënte gewend was, volgens klager vervallen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8223
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 18-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:57
Kennelijk ongegronde klacht tegen verweerder, arts verstandelijk gehandicapten. Klaagster, patiënte, verwijt verweerder dat hij klaagster niet goed heeft behandeld nadat klaagster hierom meermaals had verzocht. Klaagster verwijt verweerder meer concreet dat hij klaagster niet goed in de gaten heeft gehouden, geen mentale ondersteuning heeft geboden en geen extra medicatie heeft verstrekt. Ook verwijt klaagster verweerder dat hij geen akkoord heeft gegeven voor het volgen van een Acceptance-and-Commitment-therapie (ACT-therapie). Tot slot verwijt klaagster dat zij een reikwijdteverklaring in het kader van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (Wzd) heeft gekregen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:36 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-041/DB/OB
- Datum publicatie: 18-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:36
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening in een strafzaak. De voorzitter verklaart de klacht deels, met toepassing van 46g lid 1 aanhef en sub a Advocatenwet, niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:42 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8458
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:42
Klacht tegen een arts in een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met de arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de arts onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:43 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8459
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:43
Klacht tegen een verpleegkundige van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. De verpleegkundige heeft klaagster ook gezien voorafgaand aan de ingreep. Klaagster verwijt de verpleegkundige onder meer dat zij een verkeerde inschatting heeft gemaakt van haar mentale toestand en dat er niet is gesproken over mogelijke alternatieven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8441
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:44
Klacht tegen een arts/medisch coördinator van een abortuskliniek. Klaagster heeft een intakegesprek gehad met een andere arts en aansluitend heeft zij een abortus ondergaan. Klaagster verwijt de medisch coördinator dat het dossier onvolledig en onbetrouwbaar is en dat de abortuskliniek niet voldeed aan de wettelijke eisen die gelden voor het mogen uitvoeren van abortussen bij een zwangerschapsduur van meer dan dertien weken. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9026
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:54
Voorzittersbeslissing. Klaagster is kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht. Het klaagschrift voldoet niet aan de krachtens de wet gestelde eisen. Het is onvoldoende duidelijk wat de huisarts (persoonlijk) wordt verweten.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:35 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-061/DB/LI
- Datum publicatie: 17-03-2026
- Datum uitspraak: 17-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:35
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening. Uitgangspunt is dat de advocaat dominus litis is in relatie tot zijn cliënt. In klagers zaak was verweerster van oordeel dat het instellen van verzet geen reële kans van slagen had en ook niet in klagers belang was. Verweerster heeft haar advies in diverse e-mailberichten gemotiveerd aan klager toegelicht. Verweerster mocht klager daarbij berichten dat zij geen verzet namens klager zou instellen. Uit de overgelegde stukken blijkt niet dat verweerster is tekortgeschoten in haar advisering aan klager. Het stond het verweerster naar het oordeel van de voorzitter vrij om te spreken van een vertrouwensbreuk en om haar werkzaamheden op die grond neer te leggen, hetgeen zij op zorgvuldige wijze heeft gedaan. Niet is gebleken dat verweerster klager op onheuse en schofferende wijze heeft bejegend, noch dat zij valse beschuldigingen heeft geuit en daarmee de eer en goede naam van klager heeft aangetast. Alle klachtonderdelen over het handelen van verweerster zijn kennelijk ongegrond. De klacht over de wijze waarop de klachtenfunctionaris de klacht heeft behandeld is kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:73 Hof van Discipline 's Gravenhage 250047
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:73
Klager heeft een klacht over verweerster ingediend, omdat hij verweerster verwijt niets gedaan te hebben in de dossiers die zij van mr. B, zijn voormalige advocaat, had overgenomen. De raad heeft de klacht niet-ontvankelijk verklaard, omdat deze naar het oordeel van de raad niet binnen de daarvoor geldende termijn is ingediend. Het hof verklaart de klacht niet-ontvankelijk voor zover het ziet op handelen van verweerster waarmee klager al in 2017 bekend was, en verklaart de klacht voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:74 Hof van Discipline 's Gravenhage 240343
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:74
Bekrachtiging. Verweerder was de advocaat van klager in een strafzaak in hoger beroep. Klager heeft een klacht over verweerder ingediend, omdat hij vindt dat verweerder zijn belangen tijdens de strafzaak niet goed heeft behartigd. De raad heeft geoordeeld dat niet is gebleken dat verweerder op enige wijze tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Weliswaar dient een advocaat de belangen van zijn cliënt, maar hij is daarbij wel ‘dominus litis’. Verweerder heeft toegelicht welke keuzes hij bij de behandeling van de zaak van klager heeft gemaakt en het is de raad niet gebleken dat verweerder in verband daarmee op enige wijze tuchtrechtelijk verwijtbaar zou hebben gehandeld. De klacht is dan ook ongegrond verklaard. Klager is het daar niet mee eens, en heeft hoger beroep ingesteld. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:75 Hof van Discipline 's Gravenhage 250210
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:75
Klacht over de eigen advocaat. Het hof is, op andere gronden dan de raad, van oordeel dat verweerder in strijd heeft gehandeld met de kernwaarde (financiële) integriteit. Niet is gebleken dat aan de werkzaamheden in verband waarmee hij factureerde een opdracht van klager ten grondslag heeft gelegen. Ook waren de werkzaamheden zinloos omdat hoger beroep niet mogelijk was. Desondanks heeft verweerder volhard in het betaald krijgen van zijn factuur en zelfs getracht deze te verrekenen met een tegenvordering van klager. Voorts heeft verweerder niet-tijdig en met een onterecht voorbehoud voldaan aan de kostenveroordeling van het hof (in een andere zaak). Gelet op het voorgaande is verweerders hoger beroep ongegrond en bekrachtigt het hof de beslissing van de raad, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:76 Hof van Discipline 's Gravenhage 250333
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:76
Klaagster heeft een klacht ingediend tegen de advocaat van de wederpartij. Volgens klaagster heeft verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door tijdens een mondelinge behandeling van een kort geding in strijd met de waarheid te zeggen dat hij het oordeel van de bedrijfsarts niet had, terwijl hij voorafgaand aan de mondelinge behandeling zowel via e-mail als via post een citaat daaruit had ontvangen. De Raad van Discipline in het ressort Amsterdam (hierna: de raad) heeft de klacht van klaagster in zoverre gegrond verklaard en heeft aan verweerder de maatregel van waarschuwing opgelegd. Verweerder is in beroep gekomen tegen de gegrondverklaring. Het beroep slaagt. Het hof vernietigt de beslissing van de raad voor zover de klachtonderdelen b) en d) daarin gegrond zijn verklaard en verklaart deze klachtonderdelen alsnog ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:45 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3022 Verzet
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:45
Klager heeft een klacht ingediend tegen de specialist ouderengeneeskunde bij wie zijn zus vanaf 2021 tot haar overlijden onder behandeling en in zorg was. Klager verwijt de specialist ouderengeneeskunde dat zij een verkeerde diagnose heeft gesteld en daardoor verkeerde medicatie heeft toegediend. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat klager niet behoort tot de kring van klachtgerechtigden zoals bedoeld in artikel 65 lid 1 van de Wet BIG, zodat klager kennelijk niet-ontvankelijk is in de klacht. Klager heeft beroep ingesteld tegen die beslissing. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager afgewezen. Klager heeft vervolgens verzet ingesteld tegen die beslissing. Het Centraal Tuchtcollege sluit zich volledig aan bij de beslissing van de voorzitter van het Centraal Tuchtcollege en verklaart het verzet van klager ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:77 Hof van Discipline 's Gravenhage 250275D
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:77
Het betreft hier een hoger beroep van de deken tegen de opgelegde maatregel (waarschuwing). Vaststaat dat verweerder de derdengeldenrekening heeft gebruikt voor een ander doel dan het beheer van derdengelden. Verweerder heeft daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. In deze zaak ligt de vraag voor welke maatregel passend en geboden is. Het hof vernietigt de beslissing van de raad ten aanzien van de maatregel en legt verweerder de maatregel van een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:46 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2804 Verzet
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:46
Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een (destijds) AIOS internist-oncoloog.De moeder van klaagster (patiënte) is, in het ziekenhuis waar de arts werkzaam was, behandeld voor borstkanker met uitzaaiingen. Patiënte is overleden. In de nacht dat de patiënte opgenomen werd op de SEH van een ander ziekenhuis heeft de arts aan dat ziekenhuis informatie gegeven over de prognose van de patiënte. Klaagster verwijt de arts dat hij onjuiste informatie heeft verstrekt over de levensverwachting van patiënte, met als gevolg dat de patiënte is overleden, omdat zij geen medische behandeling meer kreeg. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klaagster ingestelde verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:47 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2802 Verzet
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:47
Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een internist. De moeder van klaagster (patiënte) is behandeld voor borstkanker met uitzaaiingen. Patiënte is overleden. Klaagster verwijt de internist dat zij patiënte en klaagster heeft afgesnauwd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klaagster ingestelde verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:48 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2848 Verzet
- Datum publicatie: 16-03-2026
- Datum uitspraak: 16-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:48
Klacht tegen een plastisch chirurg. De plastisch chirurg heeft in 2022 een lipofilling-behandeling bij klaagster uitgevoerd. Deze behandeling bestond uit het op verschillende plaatsen in het gelaat en op de handruggen aanbrengen van lichaamseigen vet. Klaagster is ontevreden over de behandeling en ongelukkig met het resultaat. Zij verwijt de plastisch chirurg onder meer dat hij meer behandelingen heeft voorgesteld en uitgevoerd dan waarvoor zij oorspronkelijk kwam en dat hij deze behandelingen heeft uitgevoerd zonder instemming van de psycholoog. Het Regionaal Tuchtcollege in Amsterdam heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat klachtonderdeel a gegrond is, omdat het in de gegeven omstandigheden onzorgvuldig was om aan klaagster bij het eerste consult meer behandelingen voor te stellen dan waarvoor zij bij de plastisch chirurg kwam. De beslissing van het Regionaal Tuchtcollege wordt op dit onderdeel vernietigd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:50 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8423
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:50
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een tandarts. De minderjarige zoon van klaagster is doorverwezen naar de tandarts. Klaagster verwijt de tandarts dat hij een behandeltraject heeft voorbereid zonder haar toestemming als gezaghebbende ouder en haar daarbij niet heeft geïnformeerd. Daarnaast klaagt zij over een onterechte melding bij Veilig Thuis, onjuiste gegevens in het dossier en over grensoverschrijdend en discriminerend gedrag. Het college oordeelt dat de tandarts, gelet op de aard van de voorgenomen behandeling en zijn wetenschap van gezamenlijke gezagsuitoefening en een conflictueuze scheidingssituatie, klaagster in een eerder stadium actief moeten informeren en haar toestemming had moeten verkrijgen alvorens het behandeltraject in gang te zetten. In het contact met Veilig Thuis heeft de tandarts onvoldoende zorgvuldig gehandeld door het overleg niet anoniem te voeren. De overige klachtonderdelen zin ongegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8743
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 12-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41
Klacht van de IGJ tegen een anesthesioloog-intensivist. De IGJ verwijt de anesthesioloog dat hij in strijd met de Geneesmiddelenwet enoximon in de thuissituatie heeft voorgeschreven terwijl het daar niet voor is geregistreerd. Ook heeft de anesthesioloog volgens de IGJ daarbij de zorgvuldigheidseisen niet in acht genomen door niet (vooraf) te overleggen met de huisarts van de patiënte en haar onvoldoende te monitoren tijdens het gebruik van het middel. Het college komt tot het oordeel dat de anesthesioloog tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en de klacht gegrond is. Het college legt de anesthesioloog de maatregel van doorhaling in het BIG-register met onmiddellijke ingang op.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:53 Raad van Discipline Amsterdam 25-496/A/NH
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:53
Verzet ongegrond; er hoeft in redelijkheid niet te worden betwijfeld of de beslissing van de voorzitter juist is.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8907
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:51
Kennelijk ongegronde klacht tegen een MKA-chirurg. De MKA-chirurg wilde de door klager gewenste behandeling (het plaatsen van implantaten in de bovenkaak) niet uitvoeren. Klager verwijt de MKA-chirurg dat hij geweigerd heeft om zorg te verlenen zonder medische onderbouwing, dat hij geen alternatieve behandelopties heeft besproken en klager niet heeft doorverwezen. Het college kan de beslissing van de MKA-chirurg goed volgen, de gewenste behandeling was niet geïndiceerd. De klacht over doorverwijzing is niet onderbouwd.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:54 Raad van Discipline Amsterdam 25-736/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:54
Raadsbeslissing; klacht over de dienstverlening van de eigen advocaat ongegrond. Dat de werkzaamheden van verweerder onder de maat zijn geweest, is de raad niet gebleken. Evenmin heeft de raad kunnen vaststellen dat verweerder zich onvoldoende partijdig heeft opgesteld voor klager.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8908
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:52
Kennelijk ongegronde klacht tegen een MKA-chirurg. Klager heeft bij de kliniek waar de MKA-chirurg werkzaam is een klacht ingediend. De MKA-chirurg was aanwezig bij een gesprek over de klacht. Klager verwijt de MKA-chirurg dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij de klachtafhandeling en dat zij hem geen verwijzing heeft gegeven naar een andere zorginstelling. Klager is wel ontvankelijk in de klacht, maar alle klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:55 Raad van Discipline Amsterdam 25-788/A/NH
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:55
Raadsbeslissing; ongegronde klacht van één van drie verdachten in een strafzaak over de dienstverlening van verweerder in de piketfase. Gelet op de beperkte kennis waarover verweerder in de piketfase beschikte en de grote tijdsdruk waaronder hij moest handelen, kon verweerder in redelijkheid tot het oordeel komen dat geen sprake was van een tegenstrijdig belang, noch van een voorzienbaar risico daarop (geen schending gedragsregel 15). In de omstandigheden van dit geval, waarbij verweerder kortstondig in het weekend piketbijstand heeft verleend, niet over contactgegevens van klaagster beschikte en waarbij hij zijn bijstand na het weekend meteen overdroeg aan een andere advocaat, valt het in tuchtrechtelijke zin evenmin aan te rekenen dat verweerder niet schriftelijk heeft bevestigd dat hij zijn bijstand aan de medeverdachten met klaagster heeft besproken (geen schending gedragsregel 16 lid 1).
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8433
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:53
Voorzittersbeslissing. Klager is niet-ontvankelijk omdat hij niet klachtgerechtigd is. De voorzitter ziet niet in dat er sprake is van een geschaad belang dat kan worden geplaatst in het kader van de individuele gezondheidszorg. Klager niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:56 Raad van Discipline Amsterdam 25-688/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:56
Raadsbeslissing; gegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door onduidelijkheid te laten bestaan over de hoedanigheid waarin hij optrad (schending gedragsregel 9), door derden te betrekken in e-mailcorrespondentie waar zij geen betrokkenheid bij hebben en door zich tot tweemaal toe tot de rechtbank te wenden zonder gelijktijdige toezending van die berichten aan de advocaat van klagers (schending gedragsregel 21 lid 1). Gelet op de ernst en aard van dit handelen en gezien de omstandigheid dat verweerder niet eerder door de tuchtrechter is veroordeeld, is een waarschuwing passend.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:71 Hof van Discipline 's Gravenhage 250213
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:71
Bekrachtiging. Klacht niet-ontvankelijk. Verweerster heeft de ex-echtgenote van klager bijgestaan in de echtscheidingsprocedure tussen klager en zijn ex-echtgenote. Klager kan zich niet vinden in de manier waarop verweerster de echtscheidingszaak heeft behandeld, omdat zij volgens klager niet bereid was om tot een minnelijke oplossing te komen. Daarover heeft klager een klacht ingediend (klachtonderdeel a). De klacht houdt verder in dat declaraties van verweerster voor de door haar verleende rechtsbijstand vanuit één of meerdere B.V.’s zijn betaald. De raad heeft de klacht niet-ontvankelijk verklaard. De raad heeft overwogen dat klachtonderdeel a niet binnen de daarvoor geldende termijn is ingediend, en dat klager door klachtonderdeel b, voor zover de klacht al juist zou zijn, niet rechtstreeks in zijn belang is getroffen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:51 Raad van Discipline Amsterdam 26-065/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:51
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in nalatenschapskwestie. Verweerder heeft in het verzoekschrift in duidelijke en niet mis te verstane bewoordingen de standpunten van zijn cliënten naar voren gebracht. De voorzitter begrijpt dat klager zich door de inhoud van het verzoekschrift en de daarin gedane uitlatingen over zijn persoon beledigd voelt, maar is van oordeel dat van onnodig grievende uitlatingen geen sprake is geweest. De uitlatingen zijn gedaan in de context van een verzoekschriftprocedure over de schorsing dan wel het ontslag van klager als executeur-testamentair van de nalatenschap van de moeder van partijen. In dat kader stond het verweerder vrij om de standpunten van zijn cliënten te formuleren zoals hij dat heeft gedaan op grond van de informatie die hij voor dat doel van zijn cliënten heeft gekregen. Klager kan tegen de gebruikte informatie en de daarop gebaseerde standpunten van zijn broer en zus verweer voeren in de verzoekschriftprocedure en het is uiteindelijk aan de civiele rechter om daarover te oordelen. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:72 Hof van Discipline 's Gravenhage 250178
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:72
Bekrachtiging. Waarschuwing. Verweerder is de advocaat van klagers wederpartij in een civiele kwestie. Daarin gaat het - kort gezegd - om de vraag of de donorovereenkomst die klager en zijn wederpartij hebben gesloten op een rechtsgeldige wijze tot stand is gekomen. Op een bepaald moment heeft verweerder klager in die kwestie gedagvaard. Verweerder heeft de zaak uiteindelijk niet voor de rechter gebracht. Klager vindt dat verweerder door hem te dagvaarden, en vanwege de inhoud van de dagvaarding en de gang van zaken daarna, tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht bestaat uit vijf onderdelen. De Raad van Discipline heeft de klacht op één onderdeel, ten aanzien van het rauwelijks dagvaarden van klager door verweerder, gegrond verklaard. De andere vier klachtonderdelen heeft de raad ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:52 Raad van Discipline Amsterdam 25-519/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:52
Tussenbeslissing; verzet gegrond; zaak wordt voor nader onderzoek terugverwezen naar de deken.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8625
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klager verbleef in de PI en bezocht een paar keer de tandarts. Hij verwijt de tandarts, samengevat, ernstige en aanhoudende nalatigheid in de tandheelkundige zorg. Verzoeken om hulp zouden zijn afgewezen met als argument dat klager deze zorg buiten de PI moest organiseren. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8812
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37
Klacht tegen een verpleegkundig specialist kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De verpleegkundig specialist werd vanaf april 2025 zijn regiebehandelaar en besloot, samen met de betrokken psychiater, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de verpleegkundig specialist, samengevat, het onvoldoende voeren van regie en onverantwoord en zonder overleg afbouwen van de medicatie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundig specialist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8813
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De psychiater werd betrokken bij het voorschrijven van zijn medicatie en besloot, samen met de betrokken verpleegkundig specialist, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de psychiater, samengevat, het onverantwoord afbouwen van de medicatie zonder overleg met klager, het fouten maken in correspondentie en negeren van het recht op een second opinion. Het college is van oordeel dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39
Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8205
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Geen sprake van het stellen van een diagnose zonder enig onderzoek en het college heeft niet kunnen vaststellen dat de longarts zich onprofessioneel heeft gedragen tegen de patiënt.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:42 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2879
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:42
Klacht tegen een KNO-arts. Klager verwijt de KNO-arts dat hij verwijtbaar heeft gehandeld, omdat hij bij het uitvoeren van het oortoilet bij het linkeroor van klager dit linkeroor heeft ‘stukgezogen’. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8944
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:48
Kennelijk ongegronde klacht tegen KNO-arts. Klager verwijt de arts dat zij hem heeft gediscrimineerd door hem zorg te onthouden omdat klager rookt. Ook zou zij een ongepaste opmerking hebben gemaakt. In- en uitwendige scheefstand en gezwollen slijmvliezen. Medicatie vanwege gezwollen slijmvliezen. Behandelplan primair gericht op verhelpen van de neusblokkade, met een inwendige neuscorrectie als mogelijke oplossing. Belang van stoppen met roken besproken, gelet op de mogelijkheid van complicaties. Beleid navolgbaar en in overeenstemming met de geldende richtlijnen. Ongepaste opmerking kan niet worden vastgesteld.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:43 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2936 en C2025/2978
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:43
Klaagster heeft een onderzoek ondergaan bij de psychiater naar een mogelijke autismespectrumstoornis. De psychiater heeft na twee gesprekken geconcludeerd dat bij klaagster geen sprake is van ASS, maar hooguit van een communicatiestoornis. De klacht van klaagster gaat over de bejegening en over de wijze van onderzoek. Daarnaast is klaagster van mening dat de psychiater een verkeerde diagnose heeft gesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht voor een deel gegrond verklaard en de psychiater daarvoor de maatregel van berisping opgelegd. De klacht is voor het overige ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege zal de klacht op twee extra onderdelen gegrond verklaren en bepalen dat kan worden volstaan met handhaven van de maatregel van berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8097
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:49
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte. voorheen bekend als de ziekte van Wegener. Klaagster verwijt de internist dat zij geen regie heeft genomen, dat zij de diagnose GPA eerder had moeten stellen en dus ook eerder met de behandeling had moeten starten. De klacht is ongegrond. Het beleid was tijdens klaagsters eerste opname volgens de richtlijnen en er was geen aanleiding om van de richtlijnen af te wijken. Bij de tweede opname was er wellicht aanleiding om eerder met de behandeling te starten, maar bestond nog steeds geen duidelijkheid over de diagnose. De vertraging van enkele dagen in de aanvang van de behandeling door nog eens met een expertisecentrum te overleggen, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De internist was slechts één van de vele artsen die bij klaagster aan het bed zijn geweest. Zij bepaalde niet het beleid. Het lag niet op haar weg om (eenzijdig) een diagnose te stellen en/of om een - met reden - uitgestelde behandeling te starten.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:44 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2972
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:44
Ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft klaagster gesproken en geconcludeerd dat er bij klaagster sprake was van een manisch toestandsbeeld vermoedelijk in het kader van een bipolaire 1 stoornis, waarvoor hij medicatie heeft voorgeschreven. Klaagster verwijt de psychiater dat hij zijn conclusie op een verkeerde basis heeft getrokken en ze is het niet eens met (de dosering van) de voorgeschreven medicatie. De psychiater stelt dat hij zijn conclusie op goede gronden heeft gebaseerd en dat de medicatie bedoeld was ter voorkoming van een crisisopname. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het hiermee eens en zal het beroep van klaagster verwerpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:38 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2722
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:38
Klager heeft zich bij zijn werkgever ziekgemeld na een auto-ongeval. De bedrijfsarts heeft de verzuimbegeleiding van klager op zich genomen. Klager verwijt de bedrijfsarts dat zij de re-integratie van klager niet (goed) heeft begeleid, geen eigen onderzoek heeft gedaan, medische gegevens van klager met zijn werkgever heeft besproken terwijl zij daarvoor geen toestemming had gekregen, niets heeft gedaan met de bevindingen van de psycholoog van klager en de dreiging van de werkgever met een loonstop en onterecht een arbeidsconflict als oorzaak van de arbeidsongeschiktheid heeft aangemerkt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt daarom het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:39 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2980
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:39
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De moeder van klaagster (patiënte) was onder behandeling bij de huisarts. Patiënte was bekend met onder andere diabetes en een hoge bloeddruk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende adequaat heeft gereageerd op de klachten van patiënte en haar onvoldoende zorg heeft verleend, waardoor zij uiteindelijk een hersenbloeding heeft gekregen. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat de huisarts de zorg heeft verleend die van hem verwacht mocht worden en verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.