Zoekresultaten 1881-1900 van de 47494 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:183 Hof van Discipline 's Gravenhage 250237
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:183
Beklag artikel 13 advocatenwet ongegrond. Klaagster wenst aanwijzing van een advocaat om cassatieberoep in te stellen tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 1 juli 2025. Op de dag voordat de cassatietermijn verstreek, op 8 juli 2025, heeft klaagster aan de deken om aanwijzing van een advocaat verzocht. Dit verzoek is afgewezen omdat de termijn om een advocaat aan te wijzen te kort was. De termijn om cassatie in te stellen zou verstrijken op 9 juli 2025 en de deken kon geen advocaat vinden die dezelfde dag een rechtsmiddel zou kunnen aanwenden. Dit betekent dat klaagsters doel – een rechtsmiddel instellen – niet meer kon worden bereikt, zodat aanwijzing van een advocaat voor dat doel zinloos was geworden.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:136 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-347/DB/OB
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:136
Raadsbeslissing. Klacht tegen de eigen voormalig advocaat. Niet gebleken van excessief declareren. Het verwijt dat verweersters werkzaamheden feitelijk niets hebben opgeleverd, mist voorts feitelijke grondslag. De raad acht voorstelbaar dat klager teleurgesteld is over het feit dat de in de arbeidszaak aan hem toegewezen vergoedingen volledig moeten worden aangewend voor de voldoening van de advocaatkosten, maar dit is een rechtstreeks gevolg van de tussen klager en verweerster gemaakte tariefafspraak. Die tariefafspraak is niet ontoelaatbaar. De klacht dat verweerster zich als toehoorder tijdens de mondelinge behandeling in de tussen klager en zijn (voormalig) werkgever aanhangige appelprocedure ongepast heeft gedragen door gedurende de gehele zitting te lachen is ongegrond omdat deze feitelijke grondslag mist. Verweerster kan niet tuchtrechtelijk worden verweten dat zij klager van 21 - 23 september 2022 persoonlijk heeft benaderd omdat zij toen niet wist dat klager door een advocaat werd bijgestaanm. Van het feit dat verweerster de deurwaarder heeft verzocht om aan klager een dagvaarding te betekenen kan haar naar het oordeel van de raad evenmin een tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt, nu de wet voorschrijft dat een civiele (dagvaardings-)procedure aanhangig wordt gemaakt door een bij deurwaardersexploit betekende dagvaarding. De klacht dat verweerster klager op 15 juli 2024 wederom via Whatsapp, per post en per e-mail heeft benaderd, waarbij zij de e-mail “en passant” cc naar klagers advocaat heeft verstuurd, is wel gegrond. Anders dan verweerster heeft betoogd is gedragsregel 25 hier van toepassing, omdat de incassoprocedure, waarin verweerster blijkens het voorblad van het vonnis zichzelf en haar kantoor als advocaat heeft vertegenwoordigd, zo nauw samenhangt met verweersters beroepsuitoefening dat het advocatentuchtrecht in volle omvang van toepassing is. Het stond verweerster niet vrij om klager rechtstreeks aan te schrijven, nu zij had kunnen volstaan met verzending van een brief of e-mail aan klagers advocaat. Naar het oordeel van de raad valt, bij gebreke van een nadere onderbouwing, die niet is gegeven, namelijk niet in te zien dat het beoogde rechtsgevolg niet zou kunnen worden bereikt door de brief of e-mail enkel aan klagers advocaat te zenden. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in strijd met gedragsregel 25 te handelen. Deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:100 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/758724 / DW RK 24/376 MK/WdJ
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:100
Klaagster is veroordeeld tot het betalen van een hoofdsom ad € 0,47, proceskosten ad € 224,15. Er kan de gerechtsdeurwaarder geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt door de titel te executeren. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:95 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/755039 / DW RK 24/280 MK/WdJ
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:95
Er is niet op alle e-mailberichten van klaagster gereageerd. In dit geval heeft klaagster het, gelet op de hoeveelheid berichten die zij aan de gerechtsdeurwaarders heeft gestuurd, over zichzelf afgeroepen dat niet op al haar berichten is gereageerd. Dit klachtonderdeel is gegrond, zonder oplegging van een maatregel. Klacht is voor het overige ongegrond; niet gebleken is dat de privacy van klaagster is geschonden, voor het overige is de klacht niet onderbouwd.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:96 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/753120 / DW RK 24/241 MK/WdJ
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:96
De gerechtsdeurwaarder heeft ten onrechte de netto bijtelling van de leaseauto van klager in de berekening van de beslagvrije voet betrokken. Verder is niet (tijdig) op e-mailberichten van klager gereageerd. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in proceskosten.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:97 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/750414 / DW RK 24/186 MK/WdJ
- Datum publicatie: 01-10-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:97
De gerechtsdeurwaarder heeft niet tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld bij het opmaken van de akte van constatering. Ook is niet gebleken dat de gerechtsdeurwaarder bewust een gesloten filiaal is binnengetreden. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:133 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-559/DB/ZWB
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 30-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:133
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Het verwijt dat verweerder zich in een documentaire lasterlijk en smadelijk over klager heeft uitgelaten en onwaarheden heeft verkondigd is op grond van artikel 46g Advocatenwet niet-ontvankelijk. De klacht dat verweerder zich intimiderend en dreigend jegens klager heeft gedragen is kennelijk ongegrond. De klacht dat verweerders brief aan klager verkeerd was geadresseerd mist feitelijke grondslag en is dus eveneens kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:213 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-897/AL/MN
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:213
De voorzitter heeft op een onderdeel van de klacht geen beslissing genomen. Verzet gegrond. Klachtonderdeel gegrond. De rest van de klacht is ongegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:134 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-556/DB/ZWB
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 30-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:134
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat in hoedanigheid van deken in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het feit dat ten gevolge van de onder verweersters verantwoordelijkheid gemaakte administratieve fout aanzienlijke vertraging is ontstaan in de behandeling van klagers klacht is naar het oordeel van de voorzitter niet zodanig ernstig dat daardoor het vertrouwen in de advocatuur is geschaad.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:214 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-542/AL/MN
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:214
Voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij. Alhoewel het naar het oordeel van de voorzitter wel de voorkeur had verdiend om de term ‘bewerken’ te gebruiken in plaats van ‘manipuleren’ in het verweerschrift omdat dat een neutralere term is, maakt dat nog niet dat verweerster daardoor tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Verweerster heeft voldoende toegelicht waarom zij die term heeft gebruikt en in welke context dat is gebeurd. Daar komt bij dat verweerster klager niet heeft beschuldigd van het manipuleren van stukken maar zich dat heeft afgevraagd. Dat mocht zij zo doen. Klager had bovendien de gelegenheid om daarop in de procedure bij het tuchtcollege te reageren. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:129 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-406/DB/LI
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:129
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij ongegrond. De klachten dat verweerster in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 4 lid 1 doordat zij (1) heimelijk geluidsopnames heeft gemaakt van gesprekken tussen haar cliënten en (verschillende medewerkers van) klaagster, terwijl daarvoor geen toestemming was gegeven en zelfs uitdrukkelijk was aangegeven dat het maken van geluidsopnames niet gewenst was en (2) de geluidsopnames vervolgens heeft ingediend bij de rechtbank zijn ongegrond. Nu verweerster uitdrukkelijk heeft weersproken dat zij geluidsopnames heeft gemaakt en de overgelegde stukken ook geen aanknopingspunten bevatten voor de feitelijke juistheid van het verwijt dat verweerster de geluidsopnames heeft gemaakt, kan de raad niet vaststellen dat het verweten handelen feitelijk heeft plaatsgevonden. Wel staat vast dat verweerster de geluidsopnames in het geding heeft gebracht. Daarmee heeft verweerster echter niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld, nu genoegzaam is gebleken dat in dit geval met het overleggen van de geluidsopnames een redelijk doel werd gediend, terwijl niet is gebleken dat de belangen van verweerster onnodig of op een ontoelaatbare manier zijn geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:130 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-146/DB/LI
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:130
De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Daarmee hoeft in redelijkheid niet te worden betwijfeld of de beslissing van de voorzitter juist is. Omdat het verzet tegen de beslissing van de voorzitter ook verder geen nieuwe gezichtspunten oplevert, is er geen plaats voor verder onderzoek naar de klacht. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:131 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-181/DB/ZWB
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:131
De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Daarmee hoeft in redelijkheid niet te worden betwijfeld of de beslissing van de voorzitter juist is. Omdat het verzet tegen de beslissing van de voorzitter ook verder geen nieuwe gezichtspunten oplevert, is er geen plaats voor verder onderzoek naar de klacht. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:132 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-095/DB/LI
- Datum publicatie: 30-09-2025
- Datum uitspraak: 29-09-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:132
Verzet. Op grond van artikel 46j lid 4 jo artikel 46h lid 1 Advocatenwet kan binnen 30 dagen na de dag van verzending van het afschrift van de voorzittersbeslissing daartegen verzet worden ingesteld. De beslissing van de voorzitter is gegeven op 26 maart 2025 en op dezelfde dag per aangetekende post aan klager verzonden. Onderaan de beslissing is vermeld dat een verzetschrift moet worden ingediend binnen 30 dagen na verzending van het afschrift van de beslissing. De termijn van dertig dagen begint op de dag volgend op die van verzending van de beslissing. Uiterlijk op de dertigste dag van die termijn moet het verzetschrift dus ontvangen zijn op de griffie van de raad. Nu het verzetschrift van klager eerst op 29 april 2025 ter griffie van de raad is ontvangen, is het verzet te laat ingesteld. De raad overweegt verder dat, nu niet is gebleken dat de overschrijding van de verzet termijn door klager verschoonbaar is, deze termijnoverschrijding voor rekening van klager behoort te blijven. De conclusie is dan ook dat het door klager ingestelde verzet niet-ontvankelijk is.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:168 Raad van Discipline Amsterdam 25-512/A/A
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 22-09-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:168
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat wederpartij. Niet gebleken is van schending van gedragsregels 1, lid 4 en 8. Verder geldt dat verweerder als partijdig advocaat opkomt voor de belangen van zijn cliënte, zodat hij niet gehouden is om buiten zijn cliënte om met klager tot een oplossing te komen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:224 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7797
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 26-09-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:224
Klacht tegen anesthesioloog over eenmalig contact tijdens afwezigheid van behandelend collega (zaaknummer A2024/7796). Klaagster stelt in dat gesprek niet ingestemd te hebben met Pulsed Radio Frequency behandeling, die later heeft plaatsgevonden, maar inhoud dossier wijst op het tegendeel. Onjuistheid in verslag over meegeven folder niet verwijtbaar, omdat klaagster de folder al eerder had ontvangen. Het (aanzienlijk) later toezenden van verslag aan huisarts van klager is onwenselijk, maar niet verwijtbaar. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2025:169 Raad van Discipline Amsterdam 25-516/A/A
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 22-09-2025
- ECLI:NL:TADRAMS:2025:169
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over verweerder in zijn hoedanigheid van partij-deskundige. Er zijn duidelijke aanknopingspunten tussen het beroep van advocaat en verweerders werkzaamheden als partij-deskundige. Verweerder heeft zijn advies afgegeven op briefpapier van het advocatenkantoor waaraan hij is verbonden met een briefhoofd waarop hij als ‘advocaat/partner’ wordt aangeduid. Bovendien heeft verweerder zijn brief geopend met de opmerking dat hij advocaat is. Gelet hierop is het advocatentuchtrecht volledig van toepassing. Inhoudelijk is niet gebleken dat verweerder gedragsregel 8 heeft geschonden.
-
ECLI:NL:TACAKN:2025:62 Accountantskamer Zwolle 25/2135 Wtra AK
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 26-09-2025
- ECLI:NL:TACAKN:2025:62
Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat betrokkene ten tijde van de verweten gedragingen niet als registeraccountant of accountant-administratieconsulent in het NBA-register stond ingeschreven.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:225 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8077
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 26-09-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:225
Klacht tegen anesthesioloog die op de intensive care in de dagen voor het overlijden van de echtgenote van klager bij de behandeling betrokken was. Niet gebleken dat anesthesioloog zich daags voor het overlijden te positief heeft uitgelaten over herstelmogelijkheden. Niet ingegaan op vraag naar euthanasie, omdat dat geen optie was. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2025:63 Accountantskamer Zwolle 25/2325 Wtra AK
- Datum publicatie: 26-09-2025
- Datum uitspraak: 26-09-2025
- ECLI:NL:TACAKN:2025:63
Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat de klachtonderdelen in de onderhavige procedure zien op klachtonderdelen die reeds onderwerp van geschil zijn geweest in de eerdere procedure bij de Accountantskamer of zodanig onderling zijn verweven met de klachten en feiten die in die eerdere procedure aan de Accountantskamer zijn voorgelegd dat deze klachten, gelet op het ne bis in idem beginsel, niet nogmaals het voorwerp van berechting kunnen vormen.