Zoekresultaten 471-480 van de 48094 resultaten

  • ECLI:NL:TNORDHA:2026:12 Kamer voor het notariaat Den Haag 25-77

    De notaris en zijn medewerkers hebben nagelaten hun wettelijke onderzoeksplicht zorgvuldig uit te voeren en klager als mede-eigenaar en eerste geldnemer niet betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en afronding van de akte van herfinanciering. De klacht wordt gedeeltelijk gegrond verklaard. De notaris heeft een fout gemaakt, maar deze direct erkend en zich ingespannen om tot een oplossing te komen. De kamer ziet mede gelet op de omstandigheden van het geval, waaronder de rol van klager en diens broer bij het voortbestaan van onjuiste kadastrale gegevens, geen aanleiding een tuchtrechtelijke maatregel op te leggen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:120 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3127

    Klager is niet ontvankelijk in zijn klacht tegen meerdere zorgverleners. De verwijten van klager gaan over de zorg die aan hem is verleend en een aantal zaken die daarop betrekking hebben. Klager heeft een mentor, die niet instemt met het indienen van de klacht. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat klager ten tijde van het indienen van de klacht wilsonbekwaam was en heeft klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Tijdens de zitting van het Centraal Tuchtcollege bleek klager niet in staat te zijn om vragen over zijn situatie en de klachten te beantwoorden. Desgevraagd verklaarde klager dat hij geen klachten had en dat het goed met hem ging. Uit de wijze waarop klager zich tijdens de zitting uitte, kreeg het Centraal Tuchtcollege de indruk dat klager niet goed in staat was om te bevatten dat hij bij de zitting aanwezig was vanwege klachten tegen zorgprofessionals die namens hem waren ingediend. Alles bij elkaar is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege terecht heeft geoordeeld dat klager ten aanzien van het indienen van een klacht wilsonbekwaam is.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2026:13 Kamer voor het notariaat Den Haag 26-4

    De kern van de klacht is dat de notaris klaagster niet meteen heeft geïnformeerd dat de waarborgsom/bankgarantie niet was gesteld. De kamer oordeelt dat de door de notaris gemaakte fout onvoldoende ernstig is om tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen aan te nemen. Daarbij weegt mee dat de notaris de fout direct heeft erkend en zich heeft ingespannen om het leveringsproces voortvarend te laten verlopen. De nadien ontstane vertraging lag buiten de risicosfeer van de notaris. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2026:12 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/452082 KL RK 25-81

    Klaagster verwijt de notaris (1) dat hij het testament van vader niet had mogen passeren aangezien vader onder druk is gezet door zijn dochter, (2) dat de notaris onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van vader ten tijde van het passeren van het testament en (3) dat de notaris heeft gefaald als toezichthouder op moeder als executeur in de nalatenschap van vader. De kamer is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat vader in een zodanige toestand verkeerde dat hij niet in staat was om zijn wil te bepalen en evenmin dat hij onder druk is gezet door (een) derde(n). De notaris was bewust van beginnend Alzheimer bij vader en er was volgens de notaris geen aanleiding om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van vader. De notaris had voorts ook geen indicatie dat sprake was van ongeoorloofde beïnvloeding door dochter van vader. Er bestaat dan ook geen aanleiding om te oordelen dat de notaris onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij het controleren van de wilsbekwaamheid van vader of dat hij het testament niet had mogen passeren. De kamer stelt tot slot vast dat de notaris geen rol heeft als toezichthouder op moeder als executeur en dat hij ook niet als executeur opgetreden is. De klacht is in al haar onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2026:13 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/455325 / KL RK 25-112

    klacht over advies door de kandidaat-notaris over een (levens)testament, over de wijze van communicatie door de kandidaat-notaris en over de declaratie en interne klachtafwikkeling. De kamer oordeelt dat sprake was van miscommunicatie, maar dat de kandidaat-notaris zich op dit punt heeft ingespannen en geen sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Het gedeclareerde bedrag was tussen partijen afgesproken en heeft klager ook betaald. Voor de interne klachtafwikkeling door een collega kan de kandidaat-notaris niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden. Klacht deels ongegrond en deels niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:118 Raad van Discipline Amsterdam 26-386/A/NH

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een huurgeschil gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk kennelijk ongegrond. Klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij haar klacht over de communicatie tussen verweerster en haar cliënte. Verder is niet gebleken dat verweerster klaagster onder druk heeft gezet.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9452

    Voorzittersbeslissing, klacht kennelijk ongegrond. Klacht over handelen in 2017/2018. Klaagster heeft geweigerd toestemming te geven om het dossier op te vragen omdat zij vindt dat ze voldoende informatie heeft overgelegd. Vanwege het ontbreken van het medisch dossier is het niet mogelijk de aan de verwijten ten grondslag gelegd feiten vast te stellen. Uit de wel overgelegde stukken kan niet worden afgeleid dat de huisarts tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:54 Accountantskamer Zwolle 26/969 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing, de klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter van de Accountantskamer is van oordeel dat klager de feiten en omstandigheden onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt om de zware conclusie te rechtvaardigen dat betrokkene niet integer zou hebben gehandeld.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8348

    Deels gegronde klacht tegen tandarts. Klaagster had acute pijnklachten en heeft de tandarts gebeld. Zij verwijt de tandarts dat hij toen direct, zonder haar voorafgaande toestemming, een behandeling heeft ingepland en haar onprofessioneel heeft bejegend. Ook verwijt zij de tandarts dat hij haar vader heeft gebeld, waarmee hij haar autonomie en privacy als volwassen vrouw heeft geschonden. Dit laatste acht het college gegrond en tuchtrechtelijk verwijtbaar. De tandarts heeft zijn beroepsgeheim geschonden door als tandarts met de vader van een volwassen patiënt over haar gedrag te spreken. Het college vindt dit een ernstige miskenning van de professionele standaard en de autonomie van klaagster. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:178 Hof van Discipline 's Gravenhage 260164

    Niet-verwijzing. Met de onderhavige klacht van 5 mei 2026 stelt klager opnieuw de handelwijze van de deken aan de orde in relatie tot de klachten van klager over zijn voormalige advocaat. Dit ondanks dat de raad de klacht over de deken bij beslissing van 14 oktober 2025 kennelijk ongegrond heeft verklaard en het tegen die beslissing ingestelde verzet ongegrond is verklaard. Van nieuwe feiten is het hof niet gebleken. Door wederom een klacht in te dienen over de deken Den Haag is de voorzitter van oordeel dat klager misbruik van het klachtrecht maakt.