Zoekresultaten 38831-38840 van de 46283 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2899 Raad van Discipline Arnhem 12-14
- Datum publicatie: 28-06-2012
- Datum uitspraak: 04-06-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2899
KLACHT TUSSEN ADVOCATEN. VERWEERDER HEEFT ZICH IN EEN STRAFZAAK VOORGEDAAN ALS ADVOCAAT VAN EEN CLIENT VAN KLAAGSTER TERWIJL HIJ DAT NIET WAS EN HEEFT KLAAGSTER VOOR EEN VOLDONGEN FEIT GESTELD DOOR IN PLAATS VAN KLAAGSTER EN ZONDER TOESTEMMING VAN KLAAGSTER DE VOORGELEIDING BIJ DE RECHTER-COMMISSARIS BIJ TE WONEN. KLACHT ONGEGROND BIJ GEBREK AAN FEITELIJKE GRONDSLAG.
-
ECLI:NL:TADRLEE:2012:YA2889 Raad van Discipline Leeuwarden 72/11
- Datum publicatie: 28-06-2012
- Datum uitspraak: 22-06-2012
- ECLI:NL:TADRLEE:2012:YA2889
Een advocaat handelt onbehoorlijk indien hij aan zijn cliënte, die tevens schoonmaakwerkzaamheden bij hem op kantoor verricht, seksueel getinte sms-jes verstuurd terwijl niet gebleken is dat de cliënte zelf berichten stuurde die aanleiding gaven tot dergelijke seksueel getinte reacties. Klacht gegrond; waarschuwing
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2893 Raad van Discipline Arnhem 12-38
- Datum publicatie: 28-06-2012
- Datum uitspraak: 11-06-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2893
Niet op tijd voor antwoord concluderen. Niet met klager gecommuniceerd over de gevolgen van het daarop gewezen veroordelend vonnis. Zonder overleg en afstemming appel ingesteld. Kosten van appel aan klager doorberekend. Kosten bijstand laten oplopen tot ver voorbij bij aanvang bijstand gegeven prognose zonder daarover te overleggen. Bijstand beëindigd op grond van vertrouwensbreuk, zonder het redelijke verzoek van klager om veroordeling in de kosten voor eigen rekening te nemen serieus in overweging te nemen. Enkele waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2166 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.004
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2166
Klager verwijt arts dat zonder zijn toestemming bij zijn meerderjarige dochter een trachestoma is geplaatst. RTG oordeelt dat ter uitvoering van de behandelingsovereenkomst toestemming van een patiënt nodig is (art.7:450 lid 1 BW) tenzij sprake is van wilsonbekwaamheid (art. 7:465 BW) of noodsituatie (art.7:466 BW). Patiënte was in coma, moest beschouwd worden als niet in staat tot redelijke waardering van haar belangen althans wilsonbekwaam. In die situatie moet behandelend arts bepalen jegens wie verplichtingen jegens patiënt moeten worden nagekomen. Nakoming moet voor alles verenigbaar zijn met zorg van goed hulpverlener. Dit kan in uitzonderingsgevallen er toe leiden dat wilsuiting van vertegenwoordiger niet hoeft te worden gevolgd, indien kennelijk niet in het belang van patiënt. Voorzover arts is betrokken bij besluit tot plaatsing van een tracheostoma acht RTG dit besluit gerechtvaardigd. Arts is bij feitelijke uitvoering niet betrokken geweest. RTG wijst de klacht af. In beroep bevestigt CTG het oordeel van RTG. Beroep wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2173 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.079
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2173
Klager is de vader van patiënte. Patiënte was in een vegetatief laagbewuste toestand tengevolge van een meningococcensepsis opgenomen in het revalidatiecentrum waar de aangeklaagde als revalidatiearts/medisch manager werkzaam is. Patiënte is op uit het centrum ontslagen en overgeplaatst naar een instelling voor mensen met een verstandelijke handicap. De klacht houdt in dat patiënte doorverwezen had moeten worden naar een reguliere revalidatie-instelling. Onder meer de arts, die verantwoordelijk is voor de behandelend artsen, heeft dit tegengehouden. Verder is patiënte aan haar lot overgelaten in de instelling waarheen ze werd overgeplaatst; ze wordt daar onvoldoende behandeld. Verweerder heeft (aldus klager) medische informatie aan de rechter verdraaid en heeft ten onrechte kennis gehad van het medische dossier van patiënte. Het RTG wijst de klacht als kennelijk ongegrond af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2167 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.005
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2167
Klager verwijt arts dat zonder zijn toestemming is besloten om zijn meerderjarige dochter over te plaatsen naar een ander ziekenhuis. RTG oordeelt dat ter uitvoering van de behandelingsovereenkomst toestemming van een patiënt nodig is (art.7:450 lid 1 BW) tenzij er sprake is van wilsonbekwaamheid (art.7:465 BW) of van een noodsituatie (art.7:466 BW). Patiënte was in coma en moest beschouwd worden als niet in staat tot redelijke waardering van haar belangen althans wilsonbekwaam. In die situatie moet behandelend arts bepalen jegens welke persoon de verplichtingen jegens patiënt moeten worden nagekomen. Nakoming dient voor alles verenigbaar te zijn met zorg van goed hulpverlener. Gezien ernstige verstoring in vertrouwensband met ouders was overplaatsing van patiënte zonder toestemming van klager gerechtvaardigd. Klacht wordt afgewezen. In beroep bevestigt het CTG het oordeel van het RTG. Beroep wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2174 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.103
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2174
Klaagster heeft na een eerdere gedeeltelijke borstamputatie wegens borstkanker en vervolgens diverse hersteloperaties ondergaan i.v.m. asymmetrie van de borsten. Klaagster verwijt verweerder, plastisch chirurg, dat hij haar onvoldoende heeft geïnformeerd over de risico’s van de hersteloperatie en dat hij, gelet op het door hem bespreken van haar casus tijdens het regionaal overleg met andere plastisch chirurgen, kennelijk onvoldoende ervaren of deskundig was om de operaties uit te voeren. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af en het hoger beroep van klaagster wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2168 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.006
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2168
Klager verwijt arts dat zonder zijn toestemming is besloten om zijn meerderjarige dochter bij complicaties niet meer te reanimeren. RTG oordeelt dat ter uitvoering van de behandelingsovereenkomst toestemming van een patiënt nodig is (art.7:450 lid 1 BW) tenzij er sprake is van wilsonbekwaamheid (art.7:465 BW) of van een noodsituatie (art.7:466 BW). Patiënte was in coma, moest beschouwd worden als niet in staat tot redelijke waardering van haar belangen althans wilsonbekwaam. In die situatie moet behandelend arts bepalen jegens welke persoon de verplichtingen jegens patiënt moeten worden nagekomen. Nakoming dient voor alles verenigbaar te zijn met zorg van goed hulpverlener. In de situatie waarin patiënte verkeerde kon de arts in redelijkheid tot dit besluit komen. Klacht wordt afgewezen. In beroep bevestigt het CTG grotendeels het oordeel van het RTG. Beroep wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2012:YG2179 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2011/139
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZRGRO:2012:YG2179
Het College oordeelt dat het opstellen en het ten behoeve van een juridische procedure ter beschikking stellen aan de ex-partner van klager van de in de uitspraak geciteerde verklaring in strijd is met het belang van een goede uitoefening van de gezondheidszorg. Het college baseert dit oordeel op de vakinhoudelijke onbekwaamheid van verweerder, het ontbreken van een waarborgen biedende procedurele context, de onmogelijkheid van het geven van een juiste duiding en de onterechte vereenzelviging van statistische conclusies en individueel geval. Het college legt de maatregel van berisping op.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2189 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 11129b
- Datum publicatie: 27-06-2012
- Datum uitspraak: 26-06-2012
- ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2189
Klaagster verwijt arts dat hij niet onmiddellijk heeft ingegrepen door haar echtgenoot te laten opnemen of een andere gepaste maatregel te treffen ter bescherming van de echtgenoot na de recente zelfmoord van hun zoon en gelet op de psychiatrische voorgeschiedenis van de echtgenoot. Geen signalen voor mogelijke suïcide. Ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 3883
- Pagina: 3884
- Pagina: 3885
- ...
- Pagina: 4629
- Volgende pagina zoekresultaten