Zoekresultaten 20381-20390 van de 46543 resultaten

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:36 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/613234 / DW RK 16/852

    Buitengerechtelijke incassokosten. De kamer overweegt dat het niet aan de tuchtrechter is om inhoudelijk de verschuldigdheid van de genoemde kosten te beoordelen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:54 Raad van Discipline Amsterdam 17-994/A/A

    Deels gegronde klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door onvoldoende de leiding te nemen in de zaak van klager. Berisping en kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:74 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 332/2017

    Klacht tegen huisarts. Bejegeningsklacht. Niet kan worden vastgesteld of verweerder een bepaalde opmerking al dan niet heeft gemaakt en wie als eerste aan de orde heeft gesteld dat klager een nieuwe huisarts zou zoeken. Het bespreekbaar maken van de vertrouwensvraag zou ook niet onredelijk zijn geweest. Ten aanzien van bij klager bestaande handklachten valt niet in te zien dat verweerder onvoldoende voortvarend heeft gehandeld of anderszins onvoldoende zorg heeft verleend.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:8 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/329961 / KL RK 17-198

    Met betrekking tot het verwijt dat de notaris klager niet heeft laten weten dat het bedrag van de makelaarskosten niet was uitbetaald, heeft de notaris gewezen op de volmacht die klager aan de SNS Bank had gegeven. Deze volmacht betrof niet alleen de eigendomsoverdracht zelf, maar ook de algehele financiële afwikkeling daarvan. De kamer is van oordeel dat het gelet op deze volmacht op de weg van de SNS Bank had gelegen om klager ervan in kennis te stellen dat vanwege een executoriaal derdenbeslag het bedrag van de makelaarskosten bij de notaris in depot werd gehouden. Dit betekent dat het de notaris niet tuchtrechtelijk verweten kan worden dat hij hierover geen contact heeft gezocht met klager.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:30 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/626081 DW RK 17/323

    Anders dan de voorzitter in de beslissing van 14 maart 2017 in rechtsoverweging 4.3 heeft overwogen, overweegt de kamer dat de vergissing van de gerechtsdeurwaarder om één van de drie dossiers na het vonnis van de kantonrechter niet te sluiten wel degelijk tuchtrechtelijk laakbaar is. De kamer is van oordeel dat de gerechtsdeurwaarder niet heeft voldaan aan artikel 4 van de Verordering beroeps- en gedragsregels van de Gerechtsdeurwaarders en kennelijk gebruik heeft gemaakt van een niet sluitend computersysteem. De gerechtsdeurwaarder had tevens alvorens klager te dagvaarden beter moeten onderzoeken of de vordering nog daadwerkelijk open stond. Niet gebleken is dat de gerechtsdeurwaarder dit heeft gedaan. Verzet gegrond met oplegging van geldboete € 250,--.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:37 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/629758 / DW RK 17/563

    Klager zou onjuist zijn geïnformeerd over het kind geboden budget. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:55 Raad van Discipline Amsterdam 18-088/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klagers zijn niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop. De vraag of een klacht tijdig is ingediend hangt niet af van het moment waarop in rechte is komen vast te staan dat wat de klager heeft geconstateerd over het handelen of nalaten van de advocaat juist is.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:63 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-115/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. De klacht van advocaat en ex werkgever komt er in de kern op neer dat verweerder (advocaat en ex-werknemer) heeft samengespannen tegen klager en klager nadeel heeft willen toebrengen. De klacht is gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk kennelijk ongegrond wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:31 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/632621 / DW RK 17/734

    Vordering zorgverzekeraar. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:38 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/627273 / DW RK 17/412

    De kamer is van oordeel dat het in dit geval op de weg van de gerechtsdeurwaarder had gelegen om bij de opdrachtgever na te gaan of het standpunt van klager dat er inmiddels bij het Hof was geschikt juist was en de bewijslast niet bij klager neer te leggen. Dit mede gelet op de omstandigheid dat klager het rolnummer van de zaak aan de medewerker heeft doorgegeven en daarmee voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er een zaak was, hetgeen bovendien door het noemen van het nummer eenvoudig te verifiëren was. Verzet gegrond, geen termen aanwezig voor het opleggen van een maatregel.