Zoekresultaten 20261-20270 van de 48210 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:178 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-505/DB/LI
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 03-12-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:178
Klager klaagt over de bijstand van verweerder, in diens hoedanigheid van advocaat van klagers moeder. Ofschoon het begrijpelijk is dat klager zich de belangen van zijn moeder aantrekt is de raad van oordeel dat klager niet (voldoende gemotiveerd) heeft gesteld in welk eigen belang dat de op verweerders optreden van toepassing zijnde gedragsregels beogen te beschermen hij rechtstreeks is of kan worden getroffen. Niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:321 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2018.072
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 06-12-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:321
Klacht tegen een drietal huisartsen. De klacht houdt in dat de huisarts: 1.niet adequaat heeft gereageerd op de door klaagster geuite klachten en ondanks dat klaagster steeds zelf haar verdenking van borstkanker uitsprak, het niet nodig achtte de mamma te onderzoeken, waardoor een te lange periode is voortgeborduurd op een foutieve diagnose en waardoor met de vertraging van minstens een jaar met de behandeling van borstkanker (links) en lymfogene uitzaaiingen kon worden gestart met alle negatieve gevolgen van dien; 2. de NHG-standaard Diagnostiek van mammacarcinoom heeft genegeerd; 3. geen aantekeningen heeft gemaakt van het afwijken van de NHG-standaard; 4. niet adequaat heeft gereageerd op de rapportage na het radiologisch onderzoek, althans deze eerst na een periode van bijna een jaar pas te delen met klaagster en haar niet eerder door te verwijzen voor aanvullende diagnostiek, terwijl de inhoud van de rapportage daar wel aanleiding toe gaf; 5. niet heeft meegewogen dat voor patiënten met een joods Oost-Europese achtergrond, zoals klaagster, de kans op het krijgen van borstkanker significant groter is, zodat ook op die grond eerder tot aanvullende diagnostiek had moeten worden besloten. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen ongegrond verklaard en afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster verworpen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:232 Raad van Discipline Amsterdam 18-531/A/A/D
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 27-11-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:232
Dekenbezwaar. Zie ook 18-493/A/A. Naar het oordeel van de raad heeft het er alle schijn van dat verweerder heeft gepoogd de wederpartij en de rechterlijke macht te misleiden, door een constructie op te zetten met het kennelijke doel om wederhoor door de (materieel) belanghebbenden bij het verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor te voorkomen en de rechtbank niet juist te informeren over de werkelijk belanghebbenden bij het verzoek. Bezwaar gegrond. Berisping (één maatregel voor de onderhavige zaak en de heden gegrond verklaarde klacht).
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:179 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-857/DB/LI
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 29-11-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:179
Bij vervulling taak als curator niet zodanig gedragen dat daardoor vertrouwen in advocatuur is geschaad. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:322 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2018.073
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 06-12-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:322
Klacht tegen een drietal huisartsen. De klacht houdt in dat de huisarts: 1.niet adequaat heeft gereageerd op de door klaagster geuite klachten en ondanks dat klaagster steeds zelf haar verdenking van borstkanker uitsprak, het niet nodig achtte de mamma te onderzoeken, waardoor een te lange periode is voortgeborduurd op een foutieve diagnose en waardoor met de vertraging van minstens een jaar met de behandeling van borstkanker (links) en lymfogene uitzaaiingen kon worden gestart met alle negatieve gevolgen van dien; 2. de NHG-standaard Diagnostiek van mammacarcinoom heeft genegeerd; 3. geen aantekeningen heeft gemaakt van het afwijken van de NHG-standaard; 4. niet adequaat heeft gereageerd op de rapportage na het radiologisch onderzoek, althans deze eerst na een periode van bijna een jaar pas te delen met klaagster en haar niet eerder door te verwijzen voor aanvullende diagnostiek, terwijl de inhoud van de rapportage daar wel aanleiding toe gaf; 5. niet heeft meegewogen dat voor patiënten met een joods Oost-Europese achtergrond, zoals klaagster, de kans op het krijgen van borstkanker significant groter is, zodat ook op die grond eerder tot aanvullende diagnostiek had moeten worden besloten. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen ongegrond verklaard en afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster verworpen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:233 Raad van Discipline Amsterdam 18-600/A/A/D
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 23-11-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:233
Herstelbeslissing
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:227 Raad van Discipline Amsterdam 18-478/A/A
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 27-11-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:227
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:323 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2018.191
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 06-12-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:323
Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde. Verweerder is als specialist ouderengeneeskunde werkzaam in het woonzorgcentrum waar de moeder van klager verbleef. De broer van klager stond bij dit woonzorgcentrum als eerste contactpersoon geregistreerd. Verweerder heeft besloten om de moeder van klager niet naar een ziekenhuis te verwijzen en maximale zorg in het verpleeghuis te starten. De moeder van klager is overleden. Klager verwijt verweerder dat 1) hij zijn moeder niet naar het ziekenhuis heeft verwezen en ten onrechte is afgegaan op het oordeel van zijn broer, de eerste contactpersoon, en 2) dat hij onjuist heeft gehandeld tijdens de start van het stervenstraject nadat de moeder van klager door toedoen van het woonzorgcentrum zeer verzwakt was geworden en haldol is toegediend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:234 Raad van Discipline Amsterdam 18-873/A/A
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 19-11-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:234
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid van klachtenfunctionaris kennelijk ongegrond. Een klachtenfunctionaris heeft een grote mate van vrijheid bij de wijze waarop hij de klachtafhandeling inricht en op ingebrachte klacht beslist. Niet gebleken dat verweerder bij de afhandeling van de klacht zodanig onjuist heeft gehandeld of beslist of zich anderszins zodanig heeft gedragen dat het vertrouwen in de advocatuur wordt geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:180 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-633/DB/OB
- Datum publicatie: 06-12-2018
- Datum uitspraak: 03-12-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:180
Dat verweerster in de verdelingsprocedure heeft gesteld dat sprake is van een schuur en in de pachtprocedure heeft gesteld dat slechts sprake is van een overkapping betekent niet dat zij bewust de feiten heeft verdraaid nu de kwalificatie pas relevant werd in de pachtprocedure. Evenmin onnodig grievend uitgelaten. Ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2026
- Pagina: 2027
- Pagina: 2028
- ...
- Pagina: 4821
- Volgende pagina zoekresultaten