Zoekresultaten 11211-11220 van de 48312 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2022:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam D2021/3443
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 20-04-2022
- ECLI:NL:TGZRAMS:2022:47
Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. De kinderen van klager waren in behandeling voor psychologische behandeling bij de gz-psycholoog. Omdat klager op het moment van behandeling geen contact had met de kinderen, acht het college het verdedigbaar dat de gz-psycholoog in eerste instantie alleen de moeder heeft betrokken. Hoewel het beter was geweest als klager actiever en in een eerder stadium was geïnformeerd over het verloop van de behandeling, maakt dit niet dat de gz-psycholoog tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Er destijds gekozen voor een andere contactpersoon binnen de organisatie dan de gz-psycholoog, dit is aan klager gecommuniceerd en acht het college niet verwijtbaar. Het is voorts niet gebleken dat de gz-psycholoog juridische adviezen heeft gegeven, ook was er geen aanleiding om familie van klager te onderzoeken. Overige klachtonderdelen eveneens ongegrond. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2022:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven E2021/3498
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 20-04-2022
- ECLI:NL:TGZREIN:2022:18
Psychiater wordt onder meer verweten dat hij zijn expertise heeft ingezet voor een ongefundeerde verklaring over klager, zijn artsentitel heeft misbruikt en het vertrouwen in de beroepsgroep heeft geschaad. Deze klachtonderdelen zijn gegrond. Verwijten rond het benoemen van strafrechtelijke feiten in de verklaring en het meewerken aan het ontnemen van de voogdij van klager zijn deels gegrond. Verwijt dat de psychiater zich heeft laten misleiden door een belanghebbende collega (ex-partner van klager) is ongegrond. Klacht deels gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:79 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/681592 / DW RK 20/127 KM/WdJ
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 19-04-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:79
Beslissing op verzet. De gerechtsdeurwaarder heeft niet inzichtelijk gemaakt waar de kosten uit bestaan. De kamer volgt verder het standpunt van klager dat de pictogrammen in de brief van 27 mei 2019 intimiderend zijn en niet kloppen. Deze klachtonderdelen zijn gegrond. De overige klachtonderdelen zijn ongegrond en gedeeltelijk niet-ontvankelijk. Maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in de proceskosten.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:92 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.191
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 20-04-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:92
Klacht tegen orthopedisch chirurg. Klager heeft na een val zijn rechterheup gebroken. De orthopedisch chirurg heeft bij klager een operatie uitgevoerd (een mediale collumfractuur osteosynthese). Nadien gaf klager aan veel pijn en beperkingen te ervaren. Uiteindelijk heeft klager elders een totale heupprothese (THP) gekregen. De klacht houdt in dat er geen sprake was van informed consent, de orthopedisch chirurg onvoldoende expertise had om de operatie uit te voeren en hij de operatie niet goed heeft uitgevoerd. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt deze beslissing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:49 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-311/AL/OV
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 07-02-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:49
Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Klager en zijn ex-partner hebben zich gewend tot een notaris met het verzoek het mediationtraject inzake hun echtscheiding te begeleiden. In dat kader heeft de notaris een convenant opgesteld en heeft hij partijen verwezen naar verweerder teneinde zorg te dragen voor het indienen van het echtscheidingsverzoek. De raad is van oordeel dat verweerder bij het aannemen van de opdracht van klager en zijn ex-partner gehouden was om de inhoud van het convenant en het echtscheidingsverzoek met klager (en zijn ex-partner) te bespreken en het daarover gegeven advies of de daarover verstrekte informatie schriftelijk vast te leggen. Vaststaat echter dat verweerder geen enkele vorm van persoonlijk contact heeft gehad met klager (en zijn ex-partner) voordat hij het echtscheidingsverzoek heeft ingediend. Verweerder heeft niet alleen nagelaten persoonlijk contact te hebben met klager maar ook heeft hij verzuimd om aan hem schriftelijk te bevestigen dat en waarom hij zonder enig persoonlijk contact tot de indiening van processtukken meende te moeten overgaan (en welke mogelijke consequenties dat voor klager zou kunnen hebben). Ook heeft verweerder verzuimd klager het echtscheidingsverzoek en het convenant van tevoren in concept toe te sturen. Verweerder was tot dit alles wel gehouden. Hij mocht niet zonder meer afgaan en vertrouwen op het werk van de notaris. Verweerder kwam op dit punt een eigen verantwoordelijkheid en zorgplicht toe. Verweerder heeft daardoor niet gehandeld zoals een goed advocaat betaamd. Klacht gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:80 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/681586 / DW RK 20/126 KM/WdJ
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 19-04-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:80
Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond en gedeeltelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:50 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-963/AL/MN
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 19-04-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:50
Vast staat dat klaagster voormalige cliënte van verweerder is geweest in verschillende kwesties, waaronder in het gemeenschappelijk verzoek tot echtscheiding van klaagster en haar toenmalige man. Klaagster en haar ex-man hadden tijdens hun huwelijk een commanditaire vennootschap. Na ontbinding daarvan na hun echtscheiding is verweerder alleen de ex-man gaan bijstaan in een aantal civiele procedures van andere vennoten tegen de ex-echtelieden. Verweerder heeft klaagster daarin onder meer aangewezen als de verantwoordelijke persoon voor de fouten in de administratie van de cv en heeft haar ook in vrijwaring opgeroepen. In een andere procedure van de ex-man tegen de heer Van S, tot teruggave van goederen van de ontbonden cv, liepen de belangen van klaagster en de ex-man evenmin parallel. Klaagster heeft aan verweerder geen toestemming gegeven om in die zaken tegen haar op te treden. Verweerder had zich op grond van gedragsregel 15 lid 2 dan ook moeten onttrekken als advocaat van de ex-man, nu aan de in het derde lid genoemde uitzonderingsvoorwaarden niet is voldaan. Verweerder heeft in strijd gehandeld met gedragsregel 15 en met de kernwaarde partijdigheid. Daarnaast was sprake van onvoldoende professionele distantie naar beide (ex)cliënten met wie verweerder jarenlang een hechte vriendschappelijke relatie had. De raad houdt ook rekening met het tuchtrechtelijk verleden van verweerder, waaronder twee eerdere (on)voorwaardelijke schorsingen, en legt hem een onvoorwaardelijke schorsing voor 4 weken op.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:88 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021/1157
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 20-04-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:88
Klacht tegen huisarts en praktijkhouder. Klaagster is meermalen gezien door waarnemend huisartsen van de praktijk van de huisarts. De laatste keer is klaagster verwezen naar een KNO-arts. Die heeft de diagnose ‘sudden deafness’ gesteld. Klaagster is van mening dat de waarnemend huisartsen deze huisarts ten onrechte hebben gemist. Volgens klaagster heeft verweerster als praktijkhoudster een passieve houding aangenomen nadat zij bekend werd met de gemiste diagnose en de ernstige gevolgen daarvan. Klaagster verwijt verweerster dat zij onzorgvuldig dan wel onjuist heeft gehandeld omdat zij niet adequaat en in lijn met de KNMG-handreiking ‘Omgaan met incidenten en klachten’ is omgegaan. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:81 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/681593 / DW RK 20/128 KM/WdJ
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 19-04-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:81
Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond en gedeeltelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:51 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-494/AL/MN
- Datum publicatie: 20-04-2022
- Datum uitspraak: 19-04-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:51
Klacht over handelen van de advocaat van de wederpartij van klaagster. Verweerder heeft in een eerdere klachtzaak uitstel gevraagd, na wederhoor van klaagster, op basis van een belangenafweging gekregen van de voorzitter van de raad. Van voorliegen over quarantaine door corona is de raad niet gebleken. Verweerder mocht in die eerdere klachtzaak een voorstel aan klaagster doen om haar klacht in te trekken, alhoewel met dergelijk voorstel, waarbij een link wordt gelegd tussen de belangen van een partij met het belang van de advocaat (bij het intrekken van de klacht) zeer terughoudend om moet worden gegaan. Dat verweerder in zijn voorstel aan klaagster het schoolgeld van haar dochter heeft betrokken, kan niet als tuchtrechtelijk verwijtbaar worden gekwalificeerd. Ook overigens niet gebleken van onbetamelijk tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1121
- Pagina: 1122
- Pagina: 1123
- ...
- Pagina: 4832
- Volgende pagina zoekresultaten