Zoekresultaten 11091-11100 van de 48274 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3040

    Klager heeft onder meer een klacht ingediend tegen een GZ-psycholoog werkzaam bij de Opvoedpoli. Er is een onderzoek verricht bij de zoon van klager. Klager heeft geen gezag over zijn zoon en is gescheiden. Klager verwijt de GZ-psycholoog - die na het onderzoek optrad als regiebehandelaar - met name dat zij hem als vader niet heeft betrokken bij het onderzoek, dat zij, nadat met hem als vader was gesproken, het advies niet heeft aangepast, dat zij niet onafhankelijk en objectief heeft opgetreden en dat zij de meldcode huiselijk geweld niet (correct) heeft opgestart. De GZ-psycholoog heeft primair aangevoerd dat klager niet-ontvankelijk is voor zover hij klacht over de behandeling van zijn zoon. Subsidiair heeft zij gemotiveerd verweer gevoerd. Het college heeft klager ontvankelijk verklaard in zijn klacht en heeft de klacht ongegrond verklaard. Er bestond geen verplichting om klager te betrekken bij het onderzoek nu hij geen gezagdragende ouder is. Het college is van oordeel dat de gang van zaken, gelet op de juridische positie van klager als vader, zorgvuldig is geweest. Het college is van oordeel dat de GZ-psycholoog het Onderzoeksverslag dan wel de eindbrief niet hoefde aan te passen naar aanleiding van de opmerkingen van klager. De GZ-psycholoog kon volstaan met het opnemen/aanhechten van zijn opmerkingen. Het college concludeert dat de klacht (in al haar onderdelen) ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3310

    Klaagster verwijt de GZ-psycholoog dat zij informatie heeft verstrekt aan Veilig Thuis en dat de wijze waarop dit is gebeurd niet juist was. Zo heeft verweerster zich volgens klaagster onder meer niet beperkt tot de strikt noodzakelijke gegevens, heeft klaagster voorafgaand aan de informatieverstrekking geen mogelijkheid tot inzage en correctie gehad en heeft zij een niet gestelde diagnose aan Veilig Thuis doorgegeven. Ook verwijt klaagster de GZ-psycholoog dat zij haar niet tijdig en volledig inzage heeft gegeven in haar medisch dossier en dat zij zonder overleg met haar een behandelplan heeft opgesteld. De GZ-psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het college is van oordeel dat de GZ-psycholoog toestemming van klaagster had om informatie aan Veilig Thuis te verstrekken. De GZ-psycholoog heeft gelet op de omstandigheden terecht de informatie aan Veilig Thuis verstrekt en zij heeft zich daarbij beperkt tot de strikt noodzakelijke gegevens. Er is niet gebleken dat de GZ-psycholoog onjuiste informatie aan Veilig Thuis heeft verstrekt. Het college concludeert dat de klacht (in al haar onderdelen) ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3296 + 3454

    Klaagster verwijt verweerster, klinisch psychologe, onder meer dat zij haar problematiek heeft onderschat, haar geen adequate behandeling heeft geboden en haar niet heeft doorverwezen naar behandelaren die haar wel konden behandelen. Verweerster voert verweer.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3038

    Klager heeft een klacht ingediend tegen een psychotherapeut werkzaam bij de Opvoedpoli. De psychotherapeut heeft als regiebehandelaar een onderzoek verricht bij de zoon van klager. Klager heeft geen gezag over zijn zoon en is gescheiden. Klager verwijt de psychotherapeut met name dat hij hem als vader niet heeft betrokken bij het onderzoek, dat hij, nadat met hem als vader was gesproken, het advies niet heeft aangepast, dat hij niet onafhankelijk en objectief heeft opgetreden en dat hij de meldcode huiselijk geweld niet (correct) heeft opgestart. De psychotherapeut heeft primair aangevoerd dat klager niet-ontvankelijk is voor zover hij klacht over de behandeling van zijn zoon. Subsidiair heeft hij gemotiveerd verweer gevoerd. Het college heeft klager ontvankelijk verklaard in zijn klacht en heeft de klacht ongegrond verklaard. Er bestond geen verplichting om klager te betrekken bij het onderzoek nu hij geen gezagdragende ouder is. Het college is van oordeel dat de gang van zaken, gelet op de juridische positie van klager als vader, zorgvuldig is geweest. Het college is van oordeel dat de psychotherapeut het Onderzoeksverslag dan wel de eindbrief niet hoefde aan te passen naar aanleiding van de opmerkingen van klager. De psychotherapeut kon volstaan met het opnemen/aanhechten van zijn opmerkingen. Het college concludeert dat de klacht (in al haar onderdelen) ongegrond is.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:68 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-895/AL/GLD

    Voorzittersbeslissing. Verweerder heeft klager bijgestaan in een arbeidsgeschil. De klacht over het handelen van verweerder is door klager na het verstrijken van de driejaarstermijn van artikel 46g lid 1 sub a Aw ingediend. Het beroep van klager op een verschoonbare termijnoverschrijding van het tweede lid wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:67 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-001/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. Geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen als bedoeld in artikel 46 Advocatenwet. Geen belangenverstrengeling. Het optreden van verweerster voldoet aan de in gedragsregel 15 lid 3 genoemde voorwaarden. Verweerster mocht in dit geval namens haar cliënt optreden in de procedure tegen klager. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:363 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-475/AL/MN 21-476/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:364 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-473/AL/MN 21-474/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:66 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-043/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Klager heeft van kantoorgenoot van zijn eerdere advocaat, die niet meer werkzaam was op dat kantoor, afgifte van zijn originele dossiers gevraagd. Niet-ontvankelijkheidverweer, dat het kantoor had moeten worden beklaagd, wordt als onvoldoende concreet afgewezen. Verweerder heeft zich als zaakwaarnemer opgesteld van zijn ex-kantoorgenoot en heeft de dossiers binnen redelijke termijn aan klager overhandigd. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3446

    Gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Klaagster vindt dat de fysiotherapeut zich schuldig heeft gemaakt aan seksueel overschrijdend gedrag. Het college is van oordeel dat de fysiotherapeut zich inderdaad schuldig heeft gemaakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag en legt hem daarvoor de maatregel van doorhaling van zijn inschrijving in het BIG-register op.