Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 1-10 van de 542 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:277 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-889

    Dekenbezwaar. Op basis van de zich in het dossier bevindende stukken staat voor de raad vast dat verweerder als curator de failliete boedel bewust heeft benadeeld door mee te werken aan een verkoop en een doorverkoop van een zich in de failliete boedel bevindend pand waarbij hij zou profiteren van de winst die door de doorverkoop zou worden gemaakt.  Daarnaast staat vast dat verweerder valse declaraties heeft opgemaakt waarop de rekeningnummers van zijn eigen vennootschappen waren vermeld en dat deze valse declaraties in totaal een aanzienlijk bedrag betroffen. Het dekenbezwaar is in zoverre gegrond. Met de in beide gegrond verklaarde klachtonderdelen vastgestelde gedragingen heeft verweerder de kernwaarde integriteit in grove mate, meermaals en gedurende langere tijd geschonden. Schrapping van het tableau.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:2 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190308 190309D

    Dekenbezwaar ook in hoger beroep in alle onderdelen gegrond. Het hof constateert dat de praktijkvoering van verweerder ernstige gebreken vertoont en verweerder op tal van aspecten de voor advocaten geldende kernwaarden integriteit en onafhankelijkheid op flagrante wijze heeft geschonden. Verweerder lijkt dit klemmende probleem niet zo te zien. Verweerder heeft een uitgebreid tuchtrechtelijk verleden waaruit blijkt dat hem onder meer herhaaldelijk voor enige tijd een schorsing in de uitoefening van de praktijk is opgelegd. Met de laatstelijk opgelegde schorsing ex artikel 60b Advocatenwet met onmiddellijke ingang is voorkomen dat verweerder als advocaat nog meer misstappen kon begaan. Bij deze stand van zaken is een schrapping van het tableau de enige gepaste maatregel. Het door verweerder gedane verzoek om opheffing van de schorsing ex artikel 60b lid 7 Advocatenwet behoeft geen verdere behandeling (geen ne bis in idem/geen una via bij samenloop artikel 60b-verzoek en dekenbezwaar).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:2 Raad van Discipline Amsterdam 20-571/A/NH

    Klacht over de eigen advocaat voor het grootste deel ongegrond. Niet gebleken dat verweerder de belangen van klaagster (bewust) heeft geschaad en/of onvoldoende heeft behartigd. Evenmin gebleken dat verweerder onvoldoende met klaagster heeft gecommuniceerd en/of niet de-escalerend is opgetreden en/of klaagster heeft geïntimideerd en/of de financiële aspecten niet goed heeft toegelicht. Wat verweerder wel tuchtrechtelijk te verwijten valt is dat hij klaagster niet heeft geïnformeerd over de mogelijkheid van het splitsen van de lijfrentepolissen en de gevolgen daarvan. Nu alleen dit onderdeel van de uitgebreide klacht gegrond wordt verklaard en gelet op de geringe ernst van het verwijt, ziet de raad aanleiding af te zien van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:20 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-769/DH/RO

    Verweerder is privé verzekerd voor rechtsbijstand. In een privégeschil met een sportvereniging heeft hij samen met een kantoorgenoot zijn eigen belangen behartigd. Zes maanden later heeft hij zijn declaratie ingediend bij zijn rechtsbijstandsverzekeraar, klaagster in deze zaak. Het dossier toont het beeld van een advocaat die zich niet houdt aan de hem goed bekende spelregels, maar vervolgens niet tegen zijn verlies kan. De begrijpelijke beslissing van klaagster om niet tot vergoeding over te gaan, dit ‘verlies’ frustreert verweerder dermate dat hij zich ook nog verongelijkt gaat gedragen en een toon aanslaat die een advocaat onwaardig is. De raad is van oordeel dat het samenstel van gedragingen onder de noemer ‘niet integer handelen’ valt, en bestraft moet worden met de maatregel van berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:14 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-407/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:4 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-384/DH/DH

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:3 Raad van Discipline Amsterdam 20-609/A/A

    Ongegronde klacht over de eigen advocaat. In de memorie van grieven heeft verweerster de grondslag van de vordering uitgebreid toegelicht, namelijk dat sprake is van connexiteit tussen de woning en de parkeerplaats. Dat verweerster in het petitum de term connexiteit niet expliciet heeft genoemd, betekent, zoals verweerster terecht heeft aangevoerd, niet dat het hof daarover niet hoefde te oordelen. Het valt verweerster dan ook niet tuchtrechtelijk te verwijten dat zij die term niet in het petitum heeft genoemd. Verweerster heeft in de memorie van grieven wel degelijk verwezen naar de relevante jurisprudentie. Ook overigens heeft verweerster geen steken laten vallen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:124 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-699/DB/LI

    Het staat de advocaat van de wederpartij vrij om het standpunt van zijn cliënt te verwoorden, klaagster namens zijn cliënt een regeling voor te stellen en indien zij hiermee niet akkoord wenste te gaan een procedure in het vooruitzicht te stellen. Niet gebleken is dat die advocaat zijn cliënt ertoe heeft aangezet de alimentatiebetalingen aan klaagster te staken. Geen belemmering om de rechtbank te verzoeken klaagster in de proceskosten te veroordelen. Door wie de proceskosten uiteindelijk worden voldaan doet hieraan niets af, aangezien het kosten aan de zijde van de cliënt van verweerder betreft. Een advocaat mag in beginsel afgaan op de informatie die hij van zijn cliënt ontvangt. Dit geldt ook voor een rapport van een door zijn cliënt ingeschakeld recherchebureau. Klaagster wordt door de wijze van factureren van de advocaat van de wederpartij aan zijn cliënt niet in haar belang getroffen. Klacht gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:15 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-377/DH/RO

    Verweerder heeft klager aan zijn lot overgelaten door een ontslagzaak in behandeling te nemen, maar klager vervolgens gedurende anderhalf jaar niet op de hoogte te houden. Onduidelijk is zelfs wat verweerder voor klager heeft gedaan en wat de huidige stand van zaken in de ontslagzaak is. Verweerder is sedert geruime tijd onbereikbaar voor klager gebleken. Verweerder heeft klager hierdoor ernstig benadeeld. Het nalaten van verweerder raakt aan de kernwaarden kwaliteit en integriteit en is daarom onbetamelijk.   Verweerder heeft op de zitting excuses gemaakt en verklaard dat medische problemen ten grondslag liggen aan zijn nalaten jegens klager. Verweerder heeft ervoor gekozen om uit privacy oogpunt zijn medische problemen niet nader te onderbouwen. De raad heeft geen reden om te twijfelen aan de oprechtheid van de verklaring van verweerder maar ziet deze niettemin niet als een grond voor matiging van de maatregel. Ook verweerders mededeling dat hij voornemens is zijn praktijk zo spoedig mogelijk te beëindigen wordt, tegen de achtergrond van de ernst van de nalatigheid, niet in matigende zin meegewogen. In aanmerking genomen dat verweerder bovendien in een andere klachtzaak is veroordeeld voor vergelijkbaar gedrag acht de raad de maatregel van schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van vier weken passend.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:5 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-306/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over het door verweerder aan een cliënt van klager verstrekken van correspondentie tussen beide advocaten. Tussen verweerder en de cliënt was (in ieder geval) sprake van een relatie vooruitlopend op een formele advocaat-cliëntrelatie. Ook dan is het tuchtrecht van toepassing. Verweerder diende zijn aanstaande cliënt dan ook te informeren. Verweerders handelen is weinig invoelend geweest, gelet op de bijzondere aard van de zaak en de bijzondere relatie tussen klager en de cliënt, maar van onbetamelijk handelen is geen sprake. Klacht ongegrond.