Zoekresultaten 11-20 van de 46412 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8196
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:6
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9133
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:14
Voorzittersbeslissing. Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. De voorzitter kan niet vaststellen dat de verpleegkundige betrokken was.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:7 Hof van Discipline 's Gravenhage 250068
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:7
Klager heeft een klacht ingediend tegen de advocaat van de wederpartij bij het leggen van pandhoudersbeslag. Klager verwijt verweerder dat hij artikel 21 Rv heeft geschonden door cruciale informatie weg te laten uit het verzoekschrift ex artikel 496 lid 2 Rv. Het hof oordeelt dat de klacht gegrond is. Het hof ziet echter aanleiding de aan verweerder opgelegde maatregel van schorsing te wijzigen in een berisping. Voor zover verweerder heeft aangevoerd dat de raad buiten de klachtomschrijving is getreden volgt het hof hem niet. De in dit kader door verweerder aangevoerde punten maken onderdeel uit van de motivering van de maatregel. Het staat de tuchtrechter vrij feiten en omstandigheden in aanmerking te nemen die niet ten grondslag liggen aan de gegrondverklaring van een klacht om te komen tot een passende maatregel.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:12 Hof van Discipline 's Gravenhage 250341
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:12
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. De vangnetbepaling van artikel 13 Advocatenwet is niet bedoeld voor situaties waarin sprake is van verplichte zorg. Daarvoor is er de procedure van artikel 1:7 lid 1 Wvggz. Verder moet een aanwijzingsverzoek op grond van artikel 13 lid 1 Advocatenwet worden gedaan bij de deken in het arrondissement waar de zaak moet dienen. Daarnaast heeft klager, ondanks het verzoek daartoe van de deken, geen (relevante) informatie gegeven, of concrete stukken aangeleverd, waaruit blijkt wat voor procedure klager wenst te beginnen, wat de haalbaarheid van die procedure is, of die procedure in Midden-Nederland gevoerd dient te worden en of daarbij de rechtsbijstand van een advocaat verplicht is. Daarmee heeft klager zijn verzoek onvoldoende onderbouwd en kon de deken niet beoordelen of aan de voorwaarden van artikel 13 Advocatenwet was voldaan, zodat ook dit verzoek door de deken op juiste gronden is afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8197
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:7
Klacht tegen een arts kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van anios (zaalarts) de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:8 Hof van Discipline 's Gravenhage 250320
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:8
Verzet na afwijzende verwijzing ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan de voorzitter. Het klachtrecht is er niet voor bedoeld om te klagen over de werkwijze van de deken bij het al dan niet in behandeling nemen van een klacht. Klaagster heeft ook geen belang meer bij dit klachtonderdeel nu de klacht door de deken in behandeling is genomen. In zoverre is de klacht ook prematuur, aangezien nu eerst de procedure bij verweerder moet worden doorlopen, voordat klaagster de mogelijkheid heeft dit aan de orde te stellen bij de raad. Het klachtrecht is er ook niet voor bedoeld is om te klagen over de klachtomschrijving. Daar is de procedure bij de raad voor. Bovendien heeft verweerder ook klaagsters bezwaren tegen de klachtomschrijving in het onderzoek naar de klacht heeft betrokken. Gelet daarop is ook deze klacht prematuur en niet bedoeld voor onderhavige klachtprocedure.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:10 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-765/AL/GLD
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:10
voorzittersbeslissing over eigen advocaat. Uit de stukken volgt dat klager met de financiële afspraken voor het optreden door verweerster in een schadestaatprocedure heeft ingestemd waarna verweerster op betalende basis voor klager aan de slag is gegaan. Uit de opdrachtbevestiging volgt ook dat door verweerster is onderzocht dat klager niet voor de kosten voor rechtsbijstand was verzekerd en klager niet voor gefinancierde rechtshulp in aanmerking kwam. Dat klager in een andere kwestie een toevoeging heeft gekregen, maakt nog niet dat verweerster die kon gebruiken. Dat heeft zij ook niet gedaan. Voor zover verweten wordt dat alsnog een toevoeging had kunnen worden aangevraagd door verweerster, staat vast dat het kantoor van verweerster klager meermaals heeft laten weten geen zaken op basis van gefinancierde rechtsbijstand te doen. Dat staat een advocaat vrij. Van het onder druk zetten van klager om te betalen, is de voorzitter evenmin gebleken. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8192
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2
Klacht tegen een anesthesioloog kennelijk ongegrond. Verweerder heeft in zijn hoedanigheid van anesthesioloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerder voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:9 Hof van Discipline 's Gravenhage 250062
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:9
Klaagsters hebben een klacht ingediend tegen de advocaat van de wederpartij in een procedure bij de Ondernemingskamer. In hoger beroep is niet in geschil dat verweerder meerdere brieven naar de Ondernemingskamer heeft gestuurd, zonder daarvan een afschrift te sturen aan de wederpartij en daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Verweerder is echter van mening dat de klacht over dit handelen niet-ontvankelijk is, omdat sprake is van schending van het ne bis in idem-beginsel. Verder voert verweerder in hoger beroep aan dat, als de klacht al ontvankelijk is, aan hem een te zware maatregel is opgelegd. Het hof oordeelt dat niet sprake is van ne bis in idem. Met betrekking tot de maatregel staat feitelijk vast dat verweerder met opzet de naar de Ondernemingskamer gestuurde brieven niet aan de wederpartij heeft gestuurd om deze op achterstand te zetten. Het hof acht deze opzet verzwarend voor de maatregel. De maatregel wordt bevestigd.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:11 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-775/AL/OV
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:11
voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij. Naar het oordeel van de voorzitter mocht verweerster afgaan op de van haar cliënte/ werkgever van klager verkregen informatie over - onder meer - het feit dat klager al zou beschikken over de opnieuw bij haar opgevraagde documenten en informatie. Bij haar optreden heeft verweerster naar het oordeel van de voorzitter ook ruim voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klager die geen juridische bijstand had. Dat verweerster informatieblokkades heeft opgeworpen, klager heeft genegeerd of afgewimpeld, is de voorzitter uit de stukken niet gebleken. Dat klager dit anders heeft ervaren en het niet eens was met de in zijn ogen patroonmatige onbalans in het hele traject, is vervelend voor hem, maar dat alleen is onvoldoende om verweerster daarvan tuchtrechtelijk een verwijt te maken. Kennelijk ongegrond