Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 101-110 van de 180 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:79 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3638

    Klacht tegen GZ-psycholoog kennelijk ongegrond. Beklaagde is niet verantwoordelijk voor medicatie voorschrijven en heeft dat verzoek van klager terecht doorgestuurd naar de psychiater. Beklaagde heeft klager geen hulp onthouden en voldoende inspanningen geleverd ten aanzien van een verwijzing van klager naar een andere instelling.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:81 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z221/3297

    Klager heeft zich ziek gemeld bij werkgever. Vanuit de hierna door de werkgever ingeschakelde arbodienst vond begeleiding plaats door de Adviseur Arbeid en Gezondheid. De Adviseur Arbeid en Gezondheid hield waar nodig overleg met de bedrijfsarts.  Na betrokkenheid van meerdere bedrijfsartsen heeft een gesprek plaats gevonden tussen klager en beklaagde, bedrijfsarts. Naar aanleiding van dit gesprek heeft de Adviseur Arbeid en Gezondheid een re-integratieadvies gegeven. Hierna heeft klager aangegeven dat er nog met een behandeling zou worden gestart en dat zijn behandelaar zou hebben aangegeven dat dit niet gelijktijdig kon plaatsvinden met de re-integratie. Beklaagde heeft hierop zijn re-integratieadvies aangepast en eveneens de nog niet opgestelde probleemanalyse opgesteld. Ook heeft beklaagde informatie opgevraagd bij de behandelaar.Werkgever heeft op enig moment een deskundigenoordeel gevraagd aan het UWV. Aan beklaagde is gevraagd een medische onderbouwing te geven van de door hem vastgestelde belastbaarheid. Dit heeft beklaagde gedaan. Beklaagde heeft klager op dat moment ook op de hoogte gestelde van de door hem opgestelde probleemanalyse.Klager verwijt beklaagde dat hij adviezen heeft gegeven zonder daarvoor informatie te hebben ingewonnen bij de behandelaar van klager, dat hij de adviezen, waaronder de probleemanalyse en het plan van aanpak, niet heeft afgestemd met klager en dat hij zich in zijn berichtgeving aan het UWV zodanig heeft uitgelaten dat dit schadelijk is voor de reputatie van klager. Het college verklaart de klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:82 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3563

    Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk ongegrond. De door beklaagde opgestelde rapportage voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Beklaagde heeft in redelijkheid kunnen concluderen dat al voorafgaande aan het ongeval sprake was van sprake was van een niet goed doorgebouwde spondylodese C6-C7, en dat er reeds voor het ongeval fragmentatie (breuklijnen) van het hydroxyapatiet blokje aangetoond waren.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:76 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3604

    Klager is bedrijfsarts. De klacht is ingediend tegen een UWV-arts die betrokken is geweest bij een deskundigenoordeel. Hij verwijt beklaagde onder meer dat deze negatieve kwalificaties over het medisch handelen van klager bezigt. Professioneel verschil van inzicht. De voorzitter verklaart klager niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:77 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3605

    Klager is bedrijfsarts. De klacht is ingediend tegen een UWV-arts die betrokken is geweest bij een deskundigenoordeel. Hij verwijt beklaagde onder meer dat deze negatieve kwalificaties over het medisch handelen van klager bezigt. Professioneel verschil van inzicht. De voorzitter verklaart klager niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2021/3786

    Klacht van apotheker tegen collega-apotheker. Geen concreet eigen belang dat verband houdt met de individuele gezondheidszorg. Klager heeft niet onderbouwd op welke punten zijn patiënten zijn of worden benadeeld ten opzichte van andere patiënten in de regio. De enkele stelling dat zijn patiënten niet van de voordelen van eventuele samenwerkingsafspraken zullen profiteren is onvoldoende. Zonder nadere concretisering is niet inzichtelijk gemaakt dat met de gevolgen die het (gestelde) handelen van beklaagde voor klager heeft (gehad) ook de kwaliteit van de individuele gezondheidszorg is of wordt geraakt. Klager niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2021/3785

    Klacht van apotheker tegen collega-apotheker. Geen concreet eigen belang dat verband houdt met de individuele gezondheidszorg. Klager heeft niet onderbouwd op welke punten zijn patiënten zijn of worden benadeeld ten opzichte van andere patiënten in de regio. De enkele stelling dat zijn patiënten niet van de voordelen van eventuele samenwerkingsafspraken zullen profiteren is onvoldoende. Zonder nadere concretisering is niet inzichtelijk gemaakt dat met de gevolgen die het (gestelde) handelen van beklaagde voor klager heeft (gehad) ook de kwaliteit van de individuele gezondheidszorg is of wordt geraakt. Klager niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:74 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2021/3783

    Klacht van apotheker tegen collega-apotheker. Geen concreet eigen belang dat verband houdt met de individuele gezondheidszorg. Klager heeft niet onderbouwd op welke punten zijn patiënten zijn of worden benadeeld ten opzichte van andere patiënten in de regio. De enkele stelling dat zijn patiënten niet van de voordelen van eventuele samenwerkingsafspraken zullen profiteren is onvoldoende. Zonder nadere concretisering is niet inzichtelijk gemaakt dat met de gevolgen die het (gestelde) handelen van beklaagde voor klager heeft (gehad) ook de kwaliteit van de individuele gezondheidszorg is of wordt geraakt. Klager niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle z2021/3144

    Klacht tegen huisarts, inhoudende dat hij de privacy van de mentor van klager heeft geschonden, hij niet op tijd aan de betrokken hulpverleners heeft doorgegeven wie zijn mentor was en hij niet heeft onderkend dat klager ziek was. Ook verwijt klager beklaagde dat hij niets heeft gedaan op het moment dat klager zijn polsen doorsneed en chloor dronk. Met betrekking tot het eerste klachtonderdeel kan het college de feiten die aan de klacht ten grondslag liggen niet vaststellen. Klager heeft dit verwijt onvoldoende onderbouwd. Ten aanzien van klachtonderdeel twee en drie geeft het medisch blijk van het feit dat het mentorschap van klagers moeder bij diverse hulpverleners bekend was en dat beklaagde met betrekking tot de zorgvragen van klager met verschillende hulpinstanties contact heeft gezocht. Het college overweegt dat beklaagde de zorgvragen van klager heeft onderkend en serieus heeft genomen. Dit geldt ook voor wat betreft klachtonderdeel vier. Beklaagde heeft, nadat klager zijn polsen had doorgesneden en chloor had gedronken, direct de ambulance gebeld en klager verwezen naar de spoedeisende hulp. Het college acht de verleende zorg toereikend. Het college oordeelt dat de klacht in alle onderdelen ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:75 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3367

    Klacht tegen plastisch chirurg. Klaagster wenste overtollige huid aan de hals te laten behandelen. Zij is tweemaal door beklaagde behandeld  en is niet tevreden met het resultaat. Klaagster wijt dit onder meer aan communicatieproblemen omdat beklaagde Duits en geen Nederlands spreekt. Beklaagde erkent dat er een communicatieprobleem was, maar zegt dat dit voldoende was gecompenseerd door hulp van een consulente verbonden aan de kliniek. Hij ontkent klaagster onjuist te hebben behandeld. Het college acht aannemelijk dat er miscommunicatie is geweest. Het college neemt voorts aan dat beklaagde bij de tweede ingreep in strijd met de richtlijn geen pre-operatief gesprek met klaagster heeft gehad. Het college kan niet af gaan op de desbetreffende, in het Nederlands gestelde aantekening in het dossier, nu beklaagde deze niet zelf kan hebben geschreven en deze qua inhoud in ieder geval deels op een andere patiënt betrekking lijkt te hebben. Het college oordeelt dat geen informed consent tot stand is gekomen. Klacht in zoverre gegrond. Geen aanwijzingen dat de ingrepen als zodanig verkeerd zijn uitgevoerd. Het college overweegt dat het merendeel van de Nederlandse patiënten het Duits onvoldoende beheerst om medische kwesties voldoende te begrijpen. Nu beklaagde geen Nederlands spreekt, niet doordrongen blijkt van de noodzaak daartoe en niet aangeeft dat hij daaraan werkt acht het college de patiëntveiligheid in Nederland in gevaar. Doorhaling en voorlopige voorziening.