Zoekresultaten 36321-36330 van de 47303 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:52 Raad van Discipline Arnhem 13-164

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij in een familiezaak. Klager verwijt verweerder de zorgregeling zonder reden en zonder overleg te hebben opgeschort; onder valse voorwendsels uitstel in een procedure te hebben gevraagd; zich onvoldoende behoedzaam te hebben gedragen en onvoldoende distantie te hebben gehouden; zich te weinig te hebben ingezet om een minnelijke regeling te bereiken en zich onnodig grievend over klager te hebben uitgelaten. Verweerder is opgetreden als advocaat van de wederpartij van klager. In die rol kwam verweerder een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënte te behartigen. Die vrijheid werd begrensd door de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij maar de laatste belangen stonden daarbij niet voorop. Klager was met zijn ex echtgenote in een hevig conflict gewikkeld. De feiten waarop de klacht is gebaseerd zijn niet komen vast te staan, althans de voorzitter ziet de tuchtrechtelijke verwijtbaarheid van de feiten die wel zijn komen vast te staan niet in. Klager houdt verweerder ten onrechte verantwoordelijk voor het feit dat het conflict van klager met zijn ex echtgenote zo hoog opliep. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:46 Raad van Discipline Arnhem 13-151

    Voorzittersbeslissing. Klager is ontevreden over kwaliteit van de dienstverlening. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:53 Raad van Discipline Arnhem 13-170

    Voorzittersbeslissing. Klacht over optreden advocaat wederpartij. Zowel de raad als het Hof van Discipline hebben de klacht tegen klager 1 gegrond verklaard. In de visie van verweerster, die op zijn minst pleitbaar was, was er voor haar cliënte een gerechtvaardigd belang om het oordeel van de tuchtrechter te verlangen. Dat levert geen misbruik of oneigenlijk gebruik van tuchtrecht op. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:47 Raad van Discipline Arnhem 13-153

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij. Verweerster treft geen tuchtrechtelijk verwijt. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:48 Raad van Discipline Arnhem 13-129

    Voorzittersbeslissing. Klager is ontevreden over eigen advocaat. Beleidsvrijheid. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:49 Raad van Discipline Arnhem 13-158

    Voorzittersbeslissing. Het is aan de advocaat om te bepalen of hij een procedure voldoende kansrijk acht en of hij klager daarin bij wil staan. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2013:55 Raad van Discipline Amsterdam 13-203A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2013:56 Raad van Discipline Amsterdam 13-193A

    Voorzittersbeslissing. Kennelijk ongegronde klacht tegen deken. Beleidsvrijheid. Geen verplichting om informatie te verstrekken aan derden.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2013:76 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.415

    Klacht tegen dermatoloog. Klaagster verwijt verweerster dat zij klaagster de noodzakelijke en dringende zorg heeft onthouden en heeft geweigerd materiaal naar het lab te zenden cq onderzoek te verrichten, informatie aan derden heeft verstrekt, klaagster heeft opgedragen het verband van de benen niet te verschonen. Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Beroep klaagster verworpen door Centraal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2013:57 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.362

    Klacht tegen oogarts. Klager verwijt de oogarts – kort weergegeven – dat hij de ingreep (het plaatsen van een WIOL polyfocale lens in het rechteroog van klager) heeft verricht zonder de daarvoor vereiste voorlichting en toestemming (informed consent) van klager alsmede dat hij deze ingreep niet lege artis heeft uitgevoerd. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat de oogarts van zijn handelwijze (gebruik van slechts één methode van berekening, de A-scan, en het uitvoeren van een refractie met behulp van een autorefractor, terwijl dit uitdrukkelijk door de leverancier werd afgeraden) een tuchtrechtelijk verwijt gemaakt kan worden. Ter zake van de vereiste voorlichting en toestemming komt het Centraal Tuchtcollege tot hetzelfde oordeel als het Regionaal Tuchtcollege, te weten dat de oogarts geacht moet worden tot de ingreep te zijn overgegaan zonder de vereiste voorlichting en toestemming van klager. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep, vernietigt de bestreden beslissing voor zover er geen maatregel is opgelegd en legt de oogarts de maatregel van (onvoorwaardelijke) schorsing van de inschrijving in het register voor de duur van drie maanden op.