Zoekresultaten 36201-36210 van de 46750 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:9 Raad van Discipline Arnhem 12-225

    Verzetszaak. De voorzittersbeslissing waartegen verzet is van 17 december 2012 en het verzetschrift van klager is door de raad ontvangen op 11 januari 2013. Verzetstermijn is 14 dagen en klager heeft geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die overschrijding van de verzetstermijn rechtvaardigen. Het risico van niet prompte postbestelling blijft voor rekening van een klager. Verzet is niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:18 Raad van Discipline Arnhem 12-210

    Klacht van eigen cliënt over een niet wijzigingsbeding in een echtscheidingsconvenant, waarover de advocaat onvoldoende de werking zou hebben uitgelegd. Klaagster stelt onvoldoende goed te zijn voorgelicht en dat wordt door verweerder betwist met de toevoeging dat het beding ook nog in belang van klaagster was opgenomen. De klacht is pas 5 ½ jaar na de behandeling van de zaak ingediend, waarmee verweerder in zijn verdedigingsbelang is geschaad. De raad verklaart de klacht niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2013:5 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 077-2013

    Klacht tegen psychotherapeut kennelijk ongegrond. Verweerder heeft in het intakegesprek geen diagnose gesteld zoals klaagster stelt. Verweerder heeft gelet op de door klaagster ondertekende toestemmingsverklaring de huisarts mogen informeren. Verweerder heeft daarbij gehandeld in overeenstemming met de voor hem geldende beroepscode waarin is opgenomen dat de activiteiten van de psychotherapeut in het kader van de intake vallen onder de werking van de beroepscode, ook als op grond van de uitkomsten van het onderzoek besloten wordt om geen behandeling te geven.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:7 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0613

    Het als B-bedrijf ongeoorloofd afvoeren van varkens naar een ander B-bedrijf, op 29 november 2011 en op 11 december 2012. Er wordt een geldboete opgelegd.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:8 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0713

    Het als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken (eind 2012). In het schriftelijke verweer is aangevoerd dat 3 RVL’s door handelaren zijn aangevraagd en betrokkene noch iemand anders in de organisatie de waarschuwingen heeft opgemerkt. Het Tuchtgerecht oordeelt dat de ondernemer te allen tijde verantwoordelijk is voor de juiste naleving van de verordening op het bedrijf, ook al zijn onderdelen van de bedrijfsvoering uitbesteed aan anderen. Het verweer wordt verworpen. Aan betrokkene wordt een geldboete opgelegd. Het Tuchtgerecht heeft waardering voor de maatregelen die betrokkene hebben genomen om herhaling in de toekomst te voorkomen maar houdt tevens rekening met het feit dat aan betrokkene eind 2010, een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd in verband met niet-geoorloofde varkensleveringen. Gelet op deze eerdere overtreding had betrokkene op de hoogte moeten zijn en de regels moeten kennen. Daarom legt het Tuchtgerecht een geheel onvoorwaardelijke boete op.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:10 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0913

    2x als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken, alsmede 2x als B-bedrijf ongeoorloofd afvoeren van varkens naar een ander B-bedrijf. Er wordt een geldboete opgelegd, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:9 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0813

    Vier keer als B-bedrijf aan meer dan zes D-bedrijven varkens afvoeren binnen een periode van zes weken, tussen 10 december 2012 en 4 februari 2013. Het verweer betreft de uitbreiding van het bedrijf waardoor de varkenshandelaar in de knel was gekomen met de afzet van de biggen. De waarschuwingen op de transportdocumenten heeft men niet gezien. Er wordt een geldboete opgelegd, deels voorwaardelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2013:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 052-2012

    Verweerder, gynaecoloog, wordt verweten een onjuiste diagnose te hebben gesteld en ten onrechte geen onderzoek te hebben gedaan naar het syndroom van Asherman. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:11 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV1013

    Betreft het stelselmatig overtreden van twee afzonderlijke normen: 1) Centrale digitale registratie zoals bepaald in de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik varkenssector (PVV) 2011 (hierna: de Verordening antibiotica); 2) Jaarlijkse controle op eigen kosten door een erkende controle-instantie op de naleving van de Verordening antibiotica. Betrokkene valt onder de werking van de Verordening en dient zich dus aan deze regelgeving te houden. Hij dient zich in te schrijven in het centrale register antibiotica en zich aan te melden bij een monitoringsprogramma. Betrokkene heeft aangevoerd dat hij alleen aan de verplichtingen van de Verordening antibiotica zal voldoen, als hij daarvoor financieel gecompenseerd wordt. Het Tuchtgerecht is van oordeel dat dit verweer moet worden afgewezen. De bedrijven in de varkenssector houden zich aan deze regelgeving en dragen alle zelf de kosten. Tevens heeft betrokkene aangevoerd dat deelname aan het registratie- en aan het controlesysteem te duur voor hem is. Het Tuchtgerecht neemt in aanmerking dat de prijs voor varkensvlees tot stand komt door een samenspel van factoren, waaronder niet in het minst het vertrouwen dat de consument in het vlees stelt. Als ondernemer dient betrokkene – net zoals alle overige ondernemers – te voldoen aan de eisen van de sector en van deze tijd. Het gaat niet aan om als ‘free rider’ als een van de weinige bedrijven wel te profiteren van de gezamenlijke voordelen – zoals het consumentenvertrouwen – maar daar niet aan bij te dragen middels het voldoen aan de regels van het spel. Bij die regels hoort dat betrokkene zich houdt aan de monitoring op het gebruik van antibiotica. Vanuit het Productschap en van de zijde van de controleinstantie CBD zijn aan betrokkene extra mogelijkheden geboden om aan zijn verplichtingen te voldoen. Het Tuchtgerecht rekent het betrokkene aan dat hij deze speciaal tot hem gerichte aanwijzingen heeft genegeerd. Namens het Produktschap was niet gevraagd om plaatsing onder verscherpt toezicht of openbaarmaking van de uitspraak met naam en toenaam van de overtreder. Aan betrokkene is (uitsluitend) een geldboete opgelegd. De hoogte van de boete wordt beïnvloed door de mate van ernst van de overtreding. In dit geval acht het Tuchtgerecht de hoogste graad van ernst aan de orde. Op basis van voormelde overwegingen komt het Tuchtgerecht in beginsel tot een hoge standaard boete van € 750 per geconstateerde overtreding inzake het niet-deelnemen aan de centrale digitale registratie en van € 1.000 per geconstateerde overtreding inzake het niet-uitvoeren dan wel niet-toelaten van de jaarlijkse controle. Het Tuchtgerecht houdt bij het bepalen van de hoogte van de boete rekening met het feit dat betrokkene een bedrijf heeft van kleinere omvang.

  • ECLI:NL:TVVTPVV:2013:3 Tuchtgerecht Productschap Vee en Vlees Zoetermeer TPVV0113

    Het drie maal als B-bedrijf leveren aan een ander dan het F-bedrijf waarmee het bedrijf een vaste relatie heeft. Door varkens aan- of af te voeren in strijd met de voorschriften van de verordening is risico van verspreiding van besmettelijke dierziekten vergroot. Daarmee is een gevaar voor de hele varkenssector in Nederland ontstaan. Ter zitting is aangevoerd dat betrokkene een statuswijziging heeft aangevraagd of heeft willen aanvragen bij het Productschap. Het Tuchtgerecht verwerpt het verweer omdat ten tijde van de aanvraag de overtredingen al hadden plaatsgevonden. Tevens is aangevoerd dat er een probleem was met een bedrijf waar vervangende stalruimte werd gehuurd en dat in de zogenaamde "stopregeling" viel. Daardoor had betrokkene geen afzetmogelijkheid meer. Het Tuchtgerecht concludeert ook hier dat het verweer geen doel treft. Immers, dat bedrijf moest stoppen rond de jaarwisseling van 2012/2013 en de eerste overtreding door betrokkene dateert van september 2012. Het Tuchtgerecht is van oordeel dat de ondernemer te laat in actie is gekomen en heeft nagelaten passende maatregelen te treffen. Zo had er tijdig contact kunnen worden opgenomen met het PVV voor een eventuele ontheffing D-F uitbreiding. Aan betrokkene is in 2011 ook al een geldboete is opgelegd in verband met ongeoorloofde varkensleveringen. Er wordt een geldboete opgelegd alsmede tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke boete uit 2011.