Zoekresultaten 311-320 van de 46283 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:215 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-240/DH/RO

    Raadsbeslissing. Verweerster heeft niet voldaan aan de zware zorgplicht die op haar als gemeenschappelijk echtscheidingsadvocaat rust. Na een mediationtraject via netjesscheiden.nl zijn klager en zijn partner bij verweerster terecht gekomen voor de afronding van de scheiding. Verweerster heeft één of twee keer met hen gesproken, maar wat er toen is besproken heeft verweerster niet vastgelegd en kan de raad daarom niet vaststellen. Van het informeren van klager over de verstrekkende financiële gevolgen van het opgestelde convenant door verweerster is niet gebleken. Daardoor heeft verweerster laakbaar gehandeld, met grote financiële gevolgen voor klager. Zij neemt geen verantwoordelijkheid voor haar gebrekkige handelen en lijkt die verantwoordelijkheid ook op klager af te schuiven, terwijl zij als advocaat de verantwoordelijkheid heeft om alle relevante zaken te bespreken en zo nodig navraag te doen bij partijen. Voorwaardelijke schorsing van vier weken.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7592

    Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen psychiater. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie en het inschakelen van de politie om klager dwangmedicatie toe te dienen. Geen reden om van de reeds gestelde diagnose af te wijken. Zorgvuldig medicatiebeleid. Medicatie is passend bij de diagnose en conform de richtlijnen voorgeschreven.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:228 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-586/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid van bindend adviseur. Verweerster heeft haar bindend advies op zorgvuldige wijze en met inachtneming van de daarvoor geldende regels van ARAG opgesteld. De juistheid van het verwijt van klager dat het bindend advies inhoudelijke onjuistheden bevat en onvoldoende is gebaseerd op wet- en regelgeving kan de voorzitter, tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door verweerster, in het kader van deze tuchtrechtprocedure niet vaststellen. De omstandigheid dat klager zich in het door verweerster gegeven advies niet kan vinden betekent nog niet dat verweerster tuchtrechtelijk iets te verwijten valt. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:234 Hof van Discipline 's Gravenhage 250286

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. De deken heeft aan het besluit tot afwijzing van het verzoek om een advocaat aan te wijzen ten grondslag gelegd dat voor de procedure die klager wil voeren; een kort geding en een klachtprocedure bij de gemeente, een advocaat niet verplicht is. Ondanks het verzoek van verweerder heeft klager de aard van en de meer concrete gronden voor de door hem te doorlopen procedure niet onderbouwd, alsmede nagelaten te onderbouwen dat zijn gestelde schade meer dan € 25.000,-- zou zijn. Het hof onderschrijft het standpunt van de deken dat in de mails van klager in reactie op het verzoek om meer informatie over de te voeren procedure niet duidelijk is geworden welke procedures klager wil voeren.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:222 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-615/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klager is kennelijk niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang. Ook als hij wel een belang had, zou de klacht te laat zijn ingediend.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:235 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-619/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klacht is voor een deel kennelijk niet-ontvankelijk vanwege gebrek aan belang. Verweerder heeft namens zijn cliënte diverse keren gevraagd om de betreffende facturen en klager heeft geweigerd deze te verstrekken. Het stond verweerder dan ook vrij om zijn sommatie uiteindelijk via de deurwaarder aan klager te laten betekenen. Verder is geen sprake van het uitoefenen van oneigenlijke druk of van een belangenconflict. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:216 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-241/DH/DH

    Raasbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat in een echtscheidingszaak in alle onderdelen ongegrond. Het is niet duidelijk waarover klaagster niet (goed) geïnformeerd is en/of op welk punt zij onvoldoende is begeleid. Ook wordt niet duidelijk welke documenten verweerder volgens klaagster had moeten opvragen. Dat de inschakeling van een volgende accountant onnodig was, kan de raad niet vaststellen. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder rondom de second opinion is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7670

    Een patiënte klaagt over een huisarts omdat hij volgens haar zonder haar toestemming medische informatie met haar vaste huisarts heeft gedeeld en haar hulpvraag niet heeft beantwoord. Het tuchtcollege oordeelt dat niet deze huisarts informatie over patiënte heeft gedeeld maar de vaste huisarts. Het antwoord van de huisarts op haar hulpvraag was toereikend. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:229 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-611/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Niet gebleken van onvoldoende voortvarendheid en excessief declareren. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:235 Hof van Discipline 's Gravenhage 250265

    Verzet na afwijzende verwijzing ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan de voorzitter. Deze heeft de juiste maatstaf gehanteerd en niet is gebleken dat hij van onjuiste of onvolledige feiten is uitgegaan. Het is niet de deken, maar de Raad van Discipline die een oordeel moet geven over een ingediende klacht. De deken mag in het kader van de afronding van het onderzoek een inschatting geven van hoe het oordeel van de raad zou kunnen luiden, maar is daartoe niet verplicht. Klager heeft de gelegenheid (gehad) om de klacht voor te leggen aan de tuchtrechter om daar te betogen dat het onderzoek van verweerder ontoereikend en/onzorgvuldig is geweest. De stafjurist van verweerder heeft klager op deze mogelijkheid gewezen. Klager heeft dit advies niet overgenomen en een klacht tegen de deken ingediend. Voor het oordeel over het verwijzingsverzoek is van belang dat de mogelijkheid om de klacht aan de tuchtrechter voor te leggen bestond en dat klager daarvan op de hoogte was, maar daarvan geen gebruik heeft gemaakt door het vereiste griffierecht niet tijdig te betalen.