Zoekresultaten 19931-19940 van de 47613 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:142 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-432/DB/ZWB

    Zaak inzake herberekening kinderalimentatie onvoldoende voortvarend behandeld door deze pas twee maanden na het eerste gesprek door te geleiden naar de behandelende kantoorgenoot. Ten onrechte niet gewezen op de mogelijkheid van gefinancierde rechtsbijstand en de mogelijkheid van peiljaarverlegging. Gelet op het geringe belang van de zaak en de te verwachten (hoge) (advocaat)kosten had van de advocaat mogen worden verwacht dat hij zijn cliënt had voorgehouden dat het wellicht verstandiger was een schikking te betrachten dan wel te voldoen aan de vordering. Dat, zoals de advocaat stelt, een schikking met de wederpartij is betracht, is niet gebleken. Declaraties van de advocaat staan niet in verhouding tot het belang van de zaak en mede op grond daarvan excessief.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:138 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-495/DB/OB/D

    Voortdurende en hinderlijke gedragingen van verweerder in de privésfeer die absoluut ongeoorloofd zijn. In het midden kan blijven hoe deze feiten strafrechtelijk kunnen worden gekwalificeerd. Vertrouwen in de advocatuur en in de eigen beroepsuitoefening geschaad en gehandeld in strijd met de kernwaarden van de advocatuur. Toezegging niet nagekomen. Dekenbezwaar gegrond. Voorwaardelijke schorsing 12 weken. Proceskostenveroordeling. Verkorting termijn ex art. 8a lid 3 tot twee jaar.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/206VP

    Klager vindt dat verweerster, diabetesverpleegkundige, zijn diabetes onvoldoende heeft begeleid tijdens zijn chemokuur, waardoor een gevaarlijks situatie is ontstaan. Verweerster heeft de klachtonderdelen betwist. Ongegrond

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:160 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-062

    Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Niet is vast komen te staan dat de gz-psycholoog onvoldoende zorg heeft verleend aan de cliënt van klager. Dat verweerster ondanks haar toezegging vergat om een afschrift van de resultaten van een psychologisch onderzoek naar klager te sturen verdient niet de schoonheidsprijs, maar is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk gegrond verwijt, mede gezien het feit dat het rapport bij eerste navraag door klager alsnog aan hem is verzonden. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:39 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/323500 KL RK 17-96

    Klager verwijt de notaris dat hij bij zijn werkzaamheden in het kader van de afwikkeling van de nalatenschap, in ieder geval in schijn, heeft gehandeld in strijd met de notariële onafhankelijkheid en onpartijdigheid zoals neergelegd in artikel 17 Wna. De kamer overweegt dat de stichting is opgericht in het kader van de afwikkeling van de nalatenschap van erflaatster, bij welke afwikkeling de notaris in zijn functie als notaris betrokken was. Zijn benoeming als bestuurder kwam voort uit zijn functie als notaris. In zijn functie als bestuurder heeft hij één certificaat aan zichzelf uitgegeven. Met het aanvaarden van het certificaat ontstond voor de notaris een economische gerechtigdheid tot het vermogen van de stichting. Doordat de notaris certificaathouder werd, heeft hij zichzelf in de positie gebracht dat hij in privé een economisch belang kreeg in de nalatenschap waarbij hij als notaris betrokken was. Er kon geen sprake meer zijn van dienstverlening zonder eigen belang. Hierdoor konden zijn cliënten benadeeld worden. De kamer acht dit tuchtrechtelijk verwijtbaar, omdat de notaris aldus in strijd heeft gehandeld met de onpartijdigheid en onafhankelijkheid zoals neergelegd in artikel 17 Wna. Met betrekking tot de op te leggen maatregel overweegt de kamer dat te allen tijde op de onpartijdige en onafhankelijke positie van de notaris moet kunnen worden vertrouwd. Ter zitting heeft de notaris geen blijk gegeven de klachtwaardigheid van zijn handelen te zien. Het handelen van de notaris toont aan dat de notaris onvoldoende besef heeft van de hoge eisen die de maatschappij aan het notariaat stelt. Daarom acht de kamer het niet langer verantwoord dat de notaris zijn ambt voortzet. Gezien deze feiten en omstandigheden acht de kamer de maatregel van ontzetting uit het ambt passend en geboden.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:122 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/160

    De klacht houdt in dat de bedrijfsarts onzorgvuldig jegens klaagster heeft gehandeld door onder andere geen juiste diagnose te stellen, geen FML op te maken en haar onheus te bejegenen. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:161 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-057

    Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster is in haar klacht ontvankelijk, omdat de gz-psycholoog als zodanig betrokken is geweest bij het opstellen van het rapport voor de Raad voor de Kinderbescherming. Zij nam als gedragsdeskundige deel aan het mdo en had hierin een consulterende en adviserende rol. De procedure voorziet er echter niet in dat de gz-psycholoog eerst zelf met klaagster en haar dochter in gesprek gaat. De gz-psycholoog heeft erop kunnen vertrouwen dat de informatie die haar verstrekt werd, op juistheid berust. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:123 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/163

    Klager verwijt de bedrijfsarts het doorsturen van zijn medische gegevens, zonder dat hij daar toestemming voor heeft gegeven. Tevens verwijt hij de arts dat hij zich onterecht heeft uitgegeven als bedrijfsarts. Gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:162 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-140

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Er was nog geen sprake van een reeds gestelde diagnose, er is dus geen verkeerde diagnose gesteld en verstrekt aan de nieuwe behandelaars van klager. De rol van de gz-psycholoog was overigens beperkt tot het beoordelen van de brief en het medeondertekenen daarvan. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:166 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 059/2018

    Klacht tegen verzekeringsarts in letselschadezaak. Klaagster verwijt verweerder obstructie en het doorduwen van zijn mening. Handelen van verweerder verdedigbaar. Klacht afgewezen.