Zoekresultaten 1831-1840 van de 48382 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9104
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:32
Voorzittersbeslissing. Klaagster is kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht. Klaagster is student verpleegkunde in opleiding (MBO niveau 4) en heeft een klacht ingediend tegen de verpleegkundige bij wie zij haar praktijkstage heeft gelopen. Zij klaagt over de totstandkoming en inhoud van de beoordeling van haar praktijkstage. De klacht valt niet onder de eerste tuchtnorm. Ook niet onder de tweede tuchtnorm omdat het handelen geen weerslag op de individuele gezondheidszorg heeft. Klaagster kennelijk niet ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:30 Hof van Discipline 's Gravenhage 250317
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:30
Verzet na afwijzende verwijzing ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan de voorzitter. Deze heeft de juiste maatstaf gehanteerd en niet is gebleken dat hij van onjuiste of onvolledige feiten is uitgegaan. Het hof sluit zich aan bij de beoordeling van de voorzitter en neemt die over. Het hof is niet gebleken dat verweerder zich in de behandeling van de klacht van klager over de deken heeft uitgelaten of gedragen op de wijze zoals klager in zijn verzet aanvoert. Verweerder heeft de klacht onderzocht en daarover een dekenstandpunt gegeven, waarna klager zijn klacht ter beslissing heeft laten voorleggen aan de raad van discipline ’s-Hertogenbosch waar nog een verzetprocedure loopt. In die procedure kan klager ook ingaan op het dekenstandpunt van verweerder en wat daarin volgens klager niet juist is.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:31 Hof van Discipline 's Gravenhage 250138
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:31
Het gaat in deze tuchtrechtelijke procedure om een klacht tegen verweerder, die heeft opgetreden als vereffenaar in een nalatenschap. De Raad van Discipline in het ressort Den Haag (hierna: de raad) heeft de klacht ongegrond verklaard. Het hof onderschrijft dat oordeel en bekrachtigt de beslissing van de raad. Zie ook 250139, de samenhangende klachtzaak tegen de advocaat van de vereffenaar.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:18 Raad van Discipline Amsterdam 25-712/A/A
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:18
Raadsbeslissing; klacht over de kwaliteit van dienstverlening. De raad heeft niet kunnen vaststellen dat verweerster de zaak ondermaats heeft behandeld. De klacht is in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:32 Hof van Discipline 's Gravenhage 250139
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:32
Het gaat in deze tuchtrechtelijke procedure om een klacht tegen verweerder, die heeft opgetreden als vereffenaar in een nalatenschap. De Raad van Discipline in het ressort Den Haag (hierna: de raad) heeft de klacht ongegrond verklaard. Het hof onderschrijft dat oordeel en bekrachtigt de beslissing van de raad. Zie ook 250139, de samenhangende klachtzaak tegen de advocaat van de vereffenaar.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:19 Raad van Discipline Amsterdam 26-057/A/DH/W
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:19
Raadsbeslissing; wrakingsverzoek niet-ontvankelijk, althans kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:24 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-440/AL/MN
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:24
De raad heeft geoordeeld dat verweerder heeft opgetreden tegen klaagster, terwijl hij eerder - in het kader van onderhandelingen over een samenwerking tussen klaagster en zijn cliënte - werkzaamheden voor klaagster heeft verricht. Verweerder heeft daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Omdat niet is gebleken dat klaagster schade heeft ondervonden als gevolg van het handelen van verweerder en gelet op de omstandigheid dat verweerder niet eerder door de tuchtrechter is veroordeeld, zal met de oplegging van een waarschuwing worden volstaan.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:27 Hof van Discipline 's Gravenhage 250354
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:27
Beklag artikel 3 ongegrond. Het beklag heeft betrekking op het niet aanwijzen van een advocaat voor een door hem te doorlopen bodemprocedure tegen de Staat op grond van onrechtmatige rechtspraak. Het hof is van oordeel dat deken zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat indien klager het niet eens is met de uitspraak van de rechtbank, het op de weg ligt van klager om hoger beroep in te stellen tegen deze uitspraak. Het rechtsstelsel kent specifieke correctiemechanismen in de vorm van rechtsmiddelen, zoals hoger beroep en cassatie, als een rechter een (vermeende) onjuiste beslissing neemt. Indien klager zich niet met een uitspraak kan verenigen, dient hij, zoals de deken terecht aan de afwijzing ten grondslag heeft gelegd, van die rechtsmiddelen gebruik te maken. Naar het hof begrijpt heeft klager hiervoor een verzoek tot aanwijzing van een advocaat ingediend bij de deken. Nu ten tijde van het verzoek om aanwijzing een rechtsmiddel openstond was op dat moment redelijkerwijs geen succes te verwachten van een procedure tegen de Staat op grond van onrechtmatige rechtspraak.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8128
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 30-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:30
Kennelijk ongegronde klacht tegen een revalidatiearts. Klaagster heeft een Baclofenpomp die continu medicatie toedient in het ruggenmerg. De revalidatiearts heeft voldoende inzichtelijk gemaakt dat de beslissing om de pomp tijdelijk te staken noodzakelijk was. Het komt niet vast te staan dat de revalidatiearts klaagster niet serieus nam. De revalidatiearts heeft zich ingespannen voor een tweede en derde mening, hem kan dus niet worden verweten dat hij heeft geweigerd de behandeling over te dragen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:25 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-441/AL/NN
- Datum publicatie: 30-01-2026
- Datum uitspraak: 26-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:25
klager beklaagt zijn eigen (asielrecht)advocaat dat zij hem niet heeft geïnformeerd over een brief aan de IND waarin zij haar beperkte beschikbaarheid in een periode vanwege persoonlijke omstandigheden heeft doorgegeven. De raad begrijpt dat klager is geschrokken toen hij later die brief in het IND-portaal aantrof. Alhoewel verweerster die informatie toen beter wel schriftelijk had kunnen delen met klager, begrijpt de raad de daarbij door haar gemaakte afwegingen. Klager is door de handelwijze van verweerster feitelijk ook niet in zijn belangen geschaad. Klacht ongegrond.