Zoekresultaten 12311-12320 van de 48147 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2021:207 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-728/DH/DH
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 17-11-2021
- ECLI:NL:TADRSGR:2021:207
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond, nu niet is gebleken dat verweerder de hem toekomende ruime vrijheid te buiten is gegaan.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:104 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2246-A2021/018
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 01-11-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:104
Verweerster, verpleegkundige in een revalidatie-instelling, wordt verweten dat zij onvoldoende actie heeft ondernomen naar aanleiding van donkere verkleuring van de grote teen van de patiënt. Patiënt was bekend met slechte bloedvaten in zijn been. Verweerster heeft de situatie op dat moment als onvoldoende spoedeisend beoordeeld om in het weekend de arts te bellen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2021:208 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-729/DH/DH
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 17-11-2021
- ECLI:NL:TADRSGR:2021:208
Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening kennelijk ongegrond. Van excessief declareren is niet gebleken. Dat klager op betalende basis is bijgestaan, is gelet op de omstandigheden niet onbetamelijk.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:105 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2375-A2021/011
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 01-11-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:105
Klager dient een klacht in tegen een psychiater met het verwijt dat de psychiater een onjuiste rapportage heeft opgesteld. Meer in het bijzonder verwijt klager dat de psychiater in zijn rapport heeft opgenomen dat sprake zou zijn van symptoomaggravatie en dat de diagnoses ADD en PTSS niet bevestigd kunnen worden. De psychiater komt bovendien - volgens klager ten onrecht - tot een hele andere diagnose. De psychiater betwist de klachten.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2021:209 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-750/DH/RO
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 17-11-2021
- ECLI:NL:TADRSGR:2021:209
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:106 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2180-A2021/272
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 25-10-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:106
Klager verwijt verweerster, tandarts, dat zij een fout heeft gemaakt bij de verwijdering van zijn verstandskies. Volgens klager was er een stukje van de kies achtergebleven en heeft de tandarts dit voor hem verzwegen. Ook is er volgens klager onjuiste informatie verstrekt, nadat hem bekend was geworden dat er een stukje van de verstandskies was achtergebleven. Het college acht alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond: Gebleken is dat de behandeling is uitgevoerd door een andere (zelfstandig bevoegde) tandarts. Verweerster is daarvoor niet verantwoordelijk. Klager is na de extracties nog tweemaal door verweerster gezien, maar daarbij is niet gesproken over het achtergebleven stukje wortel in de kaak. Indien de wond goed genezen was en klager geen klachten ondervond in het betreffende gebied van de kaak, was er naar het oordeel van het college ook geen reden voor de tandarts om de extracties weer aan de orde te stellen en/of een foto te maken. De informatie die de tandarts later aan klager heeft verstrekt over het al dan niet verwijderen van een achtergebleven wortelpuntje is correct.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:100 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2271-A2021/021A
- Datum publicatie: 17-11-2021
- Datum uitspraak: 09-11-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:100
Klager verwijt de psychiater dat zij 1) klager heeft misleid met de onderzoeksvragen en onderzoeksvragen heeft beantwoord die niet tot haar deskundigheid horen, 2) geen navraag heeft gedaan bij de huisarts van klager, zijn behandelend arts en bedrijfsarts, 3) klager niet heeft gewezen op zijn blokkeringsrecht en de correcties van klager niet bij het rapport heeft gevoegd en 5) niet onbevooroordeeld en onafhankelijk heeft gehandeld. De psychiater heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
-
ECLI:NL:TADRARL:2021:222 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-505
- Datum publicatie: 16-11-2021
- Datum uitspraak: 30-08-2021
- ECLI:NL:TADRARL:2021:222
Klacht tegen eigen advocaat. Het behoorde niet tot de taak en de verantwoordelijkheid van verweerder om zijn mening te geven over een declaratie van een voorgaand advocaat en daarin enige actie te ondernemen. Verweerder heeft juist gehandeld door klager te verwijzen naar de betreffende advocaat en hem verder te wijzen op de mogelijkheid van tussenkomst van de deken. Alle klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2021:235 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-780
- Datum publicatie: 16-11-2021
- Datum uitspraak: 30-08-2021
- ECLI:NL:TADRARL:2021:235
Klacht van advocaat tegen advocaat van wederpartij. Verweerster heeft erkend dat zij de facturen per abuis niet direct ter betaling heeft doorgezonden naar haar cliënt. Het voert naar het oordeel van de raad te ver om verweerster een dergelijk eenmalige omissie van administratieve aard, die zij bovendien direct nadat deze bekend was geworden heeft rechtgezet, tuchtrechtelijk te verwijten. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2021:214 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 210096D 210097D 210098D 210099D 210100D 210101D
- Datum publicatie: 16-11-2021
- Datum uitspraak: 15-11-2021
- ECLI:NL:TAHVD:2021:214
Dekenbezwaar (kengetallenzaak). De deken heeft in overleg met verweerders een principieel bezwaar voorgelegd aan de tuchtrechter met betrekking tot de vraag of verweerders gehouden zijn mee te werken aan het informatieverzoek (de Uitvraag) om financiële kengetallen van het kantoor, die door de deken als toezichthouder zijn opgevraagd. De landelijk deken heeft evenals de (lokale) deken en verweerders beroep ingesteld tegen de beslissing van de raad van discipline maar daarbij zelfstandige gronden geformuleerd.Het hof stelt voorop dat de toezichthoudende taak van de deken is geregeld in art. 45a Aw en de Awb (titel 5.2) en verder is gegeven in art. 3 van de Algemene Beleidsregel toezicht en klachtbehandeling van het College van Toezicht. De handelwijze van de advocaten wordt getoetst aan de normen als omschreven in art. 46 Aw, waarbij de gedragsregels van belang kunnen zijn. Uit Regel 29 jo. Art. 5.20 Awb volgt de verplichting van een advocaat medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitoefening van toezichthoudende bevoegdheden door de deken.Voor de vraag of de deken bevoegd was de financiële kengetallen uit te vragen, sluit het hof aan bij het door de wetgever geformuleerde doel en karakter van het in de Advocatenwet gewijzigde toezichtstelsel (wpta), namelijk het vroegtijdig en stelselmatig signaleren van normovertredingen en te voorkomen. Het toezicht van de deken op naleving van de regels en normen door advocaten is met name preventief bedoeld. Het hof oordeelt dat de Uitvraag van de deken voldoet aan de uitgangspunten van de wpta, omdat hierdoor op een objectieve en uniforme wijze inzicht wordt verkregen in de financiële positie en daaraan verbonden (potentiële) risico’s voor advocatenkantoren en hun cliënten. De Uitvraag is een vorm van preventief toezicht in de zin van art. 45a Aw, waarvoor de instrumenten uit titel 5.2 van de Awb kunnen worden aangewend door de deken.Het hof oordeelt vervolgens dat de Uitvraag redelijk is (en materieel voldoet aan de eisen van artikel 5:13 Awb) toetsend aan de norm ex art. 5:13 Awb) en verweerders derhalve gehouden zijn aan de Uitvraag te voldoen. De deken heeft namelijk voldoende gemotiveerd onderbouwd dat voor effectief preventief toezicht benodigd is dat vroegtijdig voldoende financiële informatie wordt verzameld voor een uniforme analyse en vroegtijdig signalering van risico’s.Ten slotte oordeelt het hof dat de deken zijn toezichthoudende (bestuursrechtelijke) taken zowel via de bestuursrechtelijke als de tuchtrechtelijke weg kan handhaven. De wetgever heeft bij de invoering van de wpta een duidelijker scheiding tussen het bestuursrecht en tuchtrecht aangebracht maar uitdrukkelijk de tuchtrechtelijke route opengehouden.Het hof concludeert dat verweerders gehouden zijn aan de Uitvraag van de deken mee te werken en legt conform het verzoek van partijen geen maatregel op aan verweerders vanwege de bijzondere aard van deze procedure.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1231
- Pagina: 1232
- Pagina: 1233
- ...
- Pagina: 4815
- Volgende pagina zoekresultaten