Zoekresultaten 11991-12000 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2021:219 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-516/DB/LI
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TADRSHE:2021:219
Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de dienstverlening. Verweerster heeft klaagsters dossier in maart 2020 in behandeling genomen. Uit de overgelegde stukken blijkt niet van enige concrete actie van verweerster in klaagsters dossier in de periode van 11 maart 2020 tot 1 december 2020. De door verweerster naar voren gebrachte omstandigheid, dat er sprake was van drukte op haar kantoor, vormt naar het oordeel van de raad onvoldoende rechtvaardiging voor het gedurende lange tijd ontbreken van concrete actie in klaagsters zaak. Van een behoorlijk handelend advocaat mag worden verwacht dat deze de cliënt naar behoren op de hoogte houdt van de voortgang van de zaak. Naar het oordeel van de raad klaagt klaagster terecht over het feit dat de zaak lang stil heeft gelegen en dat verweerster onvoldoende met klaagster heeft gecommuniceerd. De klacht is op grond van het voorgaande gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2022:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/3187
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 04-01-2022
- ECLI:NL:TGZRSGR:2022:9
Ongegronde klacht tegen een tandarts. Klaagster verblijft afwisselend in het buitenland en Nederland. Zij heeft zich tot verweerder gewend omdat zij graag een vaste tandarts als waarnemer wilde als zij (tijdelijk) in Nederland verblijft. Verweerder beschikte niet over gegevens van de vaste of een voormalige Nederlandse tandarts. Verweerder heeft bij de intake vastgesteld en ook genoteerd dat element 15 verdacht was voor beginnende wortelcariës en stelt dit ook met klaagster besproken te hebben. Verweerder heeft die aantasting dus niet gemist, zoals ook uit het dossier blijkt. Voor zover klaagster heeft bedoeld er ook over te klagen dat verweerder het element niet heeft behandeld, geldt dat geen sprake was van een situatie die direct ingrijpen vereiste en dat verweerder de behandeling van element 15 aan de vaste tandarts van klaagster mocht overlaten. Op een later moment bleek sprake van een radixbreuk van element 46 en de noodzaak tot spoedige extractie. Deze heeft op verzoek van klaagster plaatsgevonden, waarbij sprake was van een gecompliceerde extractie. Het college heeft in het dossier, inclusief de door klaagster in het geding gebrachte foto’s, geen aanleiding gevonden om vast te stellen dat verweerder deze behandeling onjuist zou hebben uitgevoerd. De overige klachtonderdelen zijn ook ongegrond verklaard. Klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2022:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/3158
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 04-01-2022
- ECLI:NL:TGZRSGR:2022:11
Kennelijk ongegronde klacht tegen een tandarts. Volgens klaagster is er door de gebitsreiniging door de tandarts schade aan haar gebit ontstaan, waaronder breuken en slijtage tussen haar tanden, blootliggende tandhalzen en teruggetrokken tandvlees. De tandarts heeft voor de gebitsreiniging een air-flow en ultrasoon apparaat gebruikt. Het college overweegt dat deze apparatuur ertoe kan hebben geleid dat klaagster de gebitsreiniging anders heeft ervaren dan zij gewend was, maar het komt het college onwaarschijnlijk voor dat deze behandeling heeft geleid tot de schade aan het gebit zoals klaagster stelt. Ook uit het tandheelkundig dossier volgt niet dat er zich tijdens de gebitsreiniging bijzonderheden hebben voorgedaan. Klaagster heeft ook niet verder onderbouwd welk handelen van de tandarts tot de gestelde schade heeft geleid. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGDKG:2021:106 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/683123 / DW RK 20/184 MK/SM
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 29-09-2021
- ECLI:NL:TGDKG:2021:106
Beslissing op verzet. Verzet gegrond. Zonder oplegging van een maatregel. Klager stelt dat de gerechtsdeurwaarder de opdracht om een ambtshandeling (i.c. het betekenen van een dagvaarding) uit te voeren niet mag weigeren omdat klager niet voor de algemene voorwaarden heeft willen aanvaarden. Dat blijkt immers niet uit artikel 11 van de Gerechtsdeurwaarderswet. De gerechtsdeurwaarder heeft verklaard belang te hebben bij het overeenkomen van de algemene voorwaarden waarin zijn eigen verantwoordelijkheid wordt beperkt. Voor klager is van belang dat hij geen gerechtelijke procedure kan beginnen zonder een gerechtsdeurwaarder in te schakelen om de dagvaarding te betekenen. De kamer heeft geoordeeld dat het in beginsel zorgvuldig is dat een gerechtsdeurwaarder ervoor zorgt dat hij gedekt is voor aansprakelijkheidsrisico’s en dat weigeren een ambtshandelingen te willen uitvoeren als een opdrachtgever weigert de algemene voorwaarden waarin die aansprakelijkheidsrisico’s worden beperkt te aanvaarden een uitwerking kan zijn van die zorgvuldigheid. In dit geval, echter, oordeelt de kamer dat het verlangen de gehele algemene voorwaarden te accepteren voor het betekenen van een dagvaarding geen juiste balans oplevert. In een geval als het onderhavige, waarbij een opdrachtgever enkel opdracht geeft tot het betekenen van een dagvaarding, dient de deurwaarder, indien een opdrachtgever niet instemt met de gebruikelijk gehanteerde algemene voorwaarden, zijn algemene voorwaarden te beperken tot die bepalingen die relevant zijn voor genoemde belang van de gerechtsdeurwaarder.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2022:12 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/3159
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 04-01-2022
- ECLI:NL:TGZRSGR:2022:12
Kennelijk ongegronde klacht tegen een tandarts. Klager verwijt de tandarts onder meer dat zij nalatig heeft gehandeld doordat een vijl tijdens de wortelkanaalbehandeling is afgebroken. Dat dit is gebeurd, betekent niet dat de tandarts een fout heeft gemaakt. Er is hier sprake van een onbedoelde en ongewenste gebeurtenis, waarvan binnen de beroepsgroep bekend is dat deze kan voorkomen tijdens een wortelkanaalbehandeling, ook als die zorgvuldig wordt uitgevoerd. Nu van bijkomende omstandigheden niet is gebleken, kan de tandarts van het optreden van deze complicatie – het afbreken van de vijl – geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. De tandarts heeft klager vervolgens uitgelegd dat hij kon worden doorverwezen om de vijl te laten verwijderen door een endodontoloog of om de hele kies te laten verwijderen door een kaakchirurg. De tandarts heeft klager daarna verwezen naar de endodontoloog, omdat die de vijl het beste zou kunnen verwijderen. Het college is van oordeel dat de tandarts met deze informatie aan klager volledig is geweest over het vervolgtraject en de herstelmogelijkheden, zodat haar niet kan worden verweten dat zij klager onvoldoende heeft geïnformeerd. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGDKG:2021:107 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/684048 / DW RK 20/232 MK/SM
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 29-09-2021
- ECLI:NL:TGDKG:2021:107
Beslissing op verzet. De gerechtsdeurwaarder heeft in zijn correspondentie richting klager ten onrechte verwezen naar de aanmaning die de opdrachtgever (eerder) aan klager zou hebben gestuurd. Daarvan was namelijk geen sprake. In samenspraak met de opdrachtgever heeft de gerechtsdeurwaarder er voldoende aan gedaan om zijn fout te herstellen. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2021:215 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-887/DB/ZWB
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TADRSHE:2021:215
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2021:108 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/687796 / DW RK 20/394 MK/SM
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 29-09-2021
- ECLI:NL:TGDKG:2021:108
Beslissing op verzet. Klager heeft onder meer gesteld dat de gerechtsdeurwaarder niet om bankafschriften had mogen vragen gelet op het bepaalde in de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). De voorzitter overweegt dat de gerechtsdeurwaarder in dit geval wel in redelijkheid mag verlangen dat klager bankafschriften overlegt alvorens de beslagvrije voet met terugwerkende kracht aan te passen, teneinde vast te kunnen stellen dat sprake is van de door klager gestelde huurbetalingen De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:1 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-811/DB/OB
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 03-01-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:1
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening en over de wijze van declareren en de hoogte van de declaraties grotendeels niet-ontvankelijk wegen verstrijken van de vervaltermijn en overigens kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2021:102 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/683885 / DW RK 20/219 LvB/SM
- Datum publicatie: 04-01-2022
- Datum uitspraak: 18-08-2021
- ECLI:NL:TGDKG:2021:102
Beslissing op verzet. Klagers hebben de aangevoerd de vordering reeds te hebben voldaan en dat beslaglegging daarom onrechtmatig was. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1199
- Pagina: 1200
- Pagina: 1201
- ...
- Pagina: 4816
- Volgende pagina zoekresultaten