Zoekresultaten 11651-11660 van de 48210 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:44 Hof van Discipline 's Gravenhage 210394
- Datum publicatie: 15-02-2022
- Datum uitspraak: 11-02-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:44
Hoger beroep in strijd met appelverbod. Niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:38 Hof van Discipline 's Gravenhage 210218
- Datum publicatie: 15-02-2022
- Datum uitspraak: 11-02-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:38
Klacht tegen eigen advocaat. Ne bis in idem. Hoewel de klachten van verweerster niet in precies dezelfde bewoordingen als in de eerdere klachtprocedure zijn geformuleerd en de klachten van enkele andere voorbeelden zijn voorzien, betekent dit niet dat er sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die klager bij de formulering van de eerdere klachten niet bekend waren en hem evenmin bekend konden zijn. Ingevolge artikel 6:27 lid 2 van de Verordening op de Advocatuur (Voda) geldt op het verbod voor advocaten om contante betalingen aan te nemen, dat hier een uitzondering op gemaakt kan worden op grond van feiten en omstandigheden. Daarvan kan blijkens de daarop gegeven toelichting sprake zijn als het gaat om betaling van de eigen bijdrage voor een verkregen toevoeging en betaling van griffierecht. Gelet hierop heeft verweerster de - beweerdelijk - door klager contant betaalde eigen bijdrage in ontvangst mogen nemen. Ten overvloede een stop-waarschuwing. Hof bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2022:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag D2021/3167
- Datum publicatie: 15-02-2022
- Datum uitspraak: 15-02-2022
- ECLI:NL:TGZRSGR:2022:35
Klacht tegen kinderarts. Klaagster klaagt over de behandeling van haar overleden zoontje. Klaagster verwijt beklaagde dat hij heeft nagelaten om cardiaal onderzoek uit te voeren. Gelet op de familiegeschiedenis waarin het syndroom van Beals voorkomt, had dat onderzoek volgens haar gedaan moeten worden. Het College kan niet vaststellen dat klaagster heeft aangedrongen op cardiologisch onderzoek. Het College is verder van oordeel dat beklaagde goed beargumenteerd heeft waarom hij geen onderzoek bij een kindercardioloog heeft aangevraagd. De keuze om het doen van navraag bij een klinisch geneticus en kindercardioloog bij een ouder van een patiëntje te leggen is verdedigbaar en in beginsel niet onzorgvuldig. Ten aanzien van een latere opname van het zoontje is ook niet gebleken van onjuist handelen dat beklaagde valt aan te rekenen. Klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:39 Hof van Discipline 's Gravenhage 210219
- Datum publicatie: 15-02-2022
- Datum uitspraak: 11-02-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:39
Klacht tegen eigen advocaat. Volgens het bepaalde in artikel 56 lid 1 aanhef en sub a Advocatenwet kan de klager, die de klacht heeft ingediend die tot de beslissing van de raad heeft geleid, van die beslissing hoger beroep instellen indien zijn klacht geheel of ten dele ongegrond is verklaard. De door klager ingediende klacht in zijn geheel door de raad gegrond is verklaard en de raad heeft verweerster daarom een maatregel opgelegd. Om die reden is klager niet-ontvankelijk in zijn beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:35 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.1092
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 14-02-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:35
C2021/1092Klacht tegen verpleegkundige. Klager is op grond van artikel 37 Wetboek van strafrecht in behandeling gekomen bij een forensisch psychiatrisch centrum waar de verpleegkundige werkzaam was. Toen deze behandeling afliep heeft klager zijn beschermde en begeleide woonvorm verlaten en heeft hij de inname van zijn medicatie gestaakt. In juni 2020 heeft de rechtbank voor klager een zorgmachtiging verleend voor zes maanden. In het kader van deze zorgmachtiging mochten behandelaren, zo nodig, overgaan dot onder meer het toedienen van medicatie en het uitvoeren van medische controles. Nadat het ernstig gevaar uitgaande van klager in de ambulante setting onvoldoende kon worden voorkomen, is er voor klager een klinische opname gevraagd conform één van de in de zorgmachtiging opgenomen vormen van verplichte zorg. De verpleegkundige was één van de behandelaren. De verpleegkundige vervulde de rol van verpleegkundige en casemanager. Klager verwijt de psychiater 1. poging tot doodslag, 2. frauduleuze rapportage en 3. onrechtmatige plaatsing in een behandelkliniek.Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager. Daarbij overweegt het Centraal Tuchtcollege dat de verpleegkundige niet betrokken is geweest bij de daadwerkelijke toediening van de medicatie.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:29 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021/1058
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 14-02-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:29
C1021/1058 Klacht tegen huisarts. Klager heeft de huisartsenpost bezocht nadat hij in zijn vinger had gezaagd met een elektrische cirkelzaag. De huisarts heeft de wond beoordeeld en de verdere huisartsenzorg opgedragen aan de triagiste. De triagiste heeft de wond gereinigd, gehecht en klager een tetanusinjectie gegeven. Klager kreeg geen antibiotica. Een week later bezoekt klager zijn eigen huisarts met klachten en krijgt klager alsnog antibiotica. Klager is een deel van de functionaliteit van zijn vinger kwijtgeraakt. Hij verwijt de beklaagde huisarts dat zij geen antibiotica heeft voorgeschreven, dat zij de wond door een triagiste heeft laten hechten i.p.v. een plastisch chirurg en dat zij heeft nagelaten advies te geven over hoe te handelen bij ontstekingsverschijnselen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in zijn geheel ongegrond verklaard. Klager komt in beroep tegen de ongegrondverklaring van de klacht over het laten hechten van de wond door de triagiste. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep. In het kader van de taakherschikking mocht de huisarts nadat zij zelf de wond had beoordeeld de verdere huisartsenzorg opdragen aan de triagiste. De triagiste was bevoegd en bekwaam.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:30 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.271
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 14-02-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:30
C2020.271 Klacht tegen internist. Klager is in verband met een wond aan zijn rechtervoet verwezen naar het multidisciplinaire voetenteam in de diabetische voetenpoli van het ziekenhuis. De beklaagde internist maakt deel uit van dit voetenteam, naast een (vaat)chirurg, dermatoloog, revalidatiearts, orthopedisch schoenmaker, podotherapeut, gipsverbandmeester en andere disciplines. Klager verwijt de internist dat hij gedurende ruim vier maanden heeft verzuimd de juiste behandeling van de voetwond in te zetten. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:23 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-517/DB/LI
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 07-02-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:23
Verzetzaak. Het feit dat de voorzitter niet heeft beslist op de stellingen van klager over het door verweerster niet verzekeren van in- en uitloop risico, kan niet leiden tot een gegrond verzet nu klager deze stellingen voor het eerst in zijn verzetschrift heeft ingenomen en de voorzitter daarop dus niet had kunnen beslissen. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:24 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-637/DB/ZWB
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 07-02-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:24
Klacht tegen advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft potentiële getuigen benaderd. De door verweerder gekozen bewoordingen zijn dusdanig dat die zouden kunnen leiden tot ongeoorloofde beïnvloeding van getuigen. Verweerder heeft derhalve in strijd met gedragsregel 22 gehandeld. Daarnaast heeft verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in het verzoekschrift tot het leggen van conservatoir beslag de verweren van klager niet op te nemen, maar te volstaan met verwijzing naar de producties die aan het verzoekschrift waren gehecht. Verweerder had er immers op bedacht moeten zijn dat een verzoekschrift tot het leggen van beslag slechts marginaal wordt getoetst en had derhalve de verweren van klager in de tekst van het verzoekschrift op moeten nemen. Klager is voor het overige niet ontvankelijk omdat de overige klachten betrekking hebben op gedragingen jegens de advocaat van klager, die daar desgewenst zelf over kan klagen. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:32 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.272
- Datum publicatie: 14-02-2022
- Datum uitspraak: 14-02-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:32
C2020.272 Klacht: Klacht tegen (vaat)chirurg. Klager is in verband met een wond aan zijn rechtervoet verwezen naar het multidisciplinaire voetenteam in de diabetische voetenpoli van het ziekenhuis. De beklaagde vaatchirurg maakt deel uit van dit voetenteam, naast een internist, dermatoloog, revalidatiearts, orthopedisch schoenmaker, podotherapeut, gipsverbandmeester en andere disciplines. Klager verwijt de vaatchirurg dat hij gedurende ruim vier maanden heeft verzuimd de juiste behandeling van de voetwond in te zetten. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1165
- Pagina: 1166
- Pagina: 1167
- ...
- Pagina: 4821
- Volgende pagina zoekresultaten