Zoekresultaten 11291-11300 van de 48312 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:82 Hof van Discipline 's Gravenhage 210300
- Datum publicatie: 12-04-2022
- Datum uitspraak: 11-04-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:82
Wederzijds hoger beroep. Verweerder behartigde de belangen van de stichting en haar bestuurder. Klaagster is curator in het faillissement van de stichting en treedt in hoger beroep nog slechts op namens de gezamenlijke crediteuren van de stichting. Klachtonderdelen b) en f) zijn ontvankelijk. Ten aanzien van deze klachtonderdelen is sprake van een rechtstreeks tuchtrechtelijk belang en ook zijn deze klachtonderdelen tijdig ingediend. Deze klachtonderdelen zijn gegrond. Verweerder heeft naar het oordeel van het hof een faciliterende rol gespeeld bij het gedurende een periode van meerdere jaren onttrekken van aanzienlijke geldbedragen aan de stichting door de bestuurder, terwijl hij bovendien tegelijkertijd de ernstig benadeelde stichting bijstond. Verweerder heeft in strijd met de artikelen 7.1 en 7.3 van de Verordening op de advocatuur gehandeld. Gedeeltelijke vernietiging van de beslissing van de raad. Schorsing voor de duur van 24 weken, waarvan de helft voorwaardelijk en een proeftijd van twee jaar.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:89 Hof van Discipline 's Gravenhage 220046
- Datum publicatie: 12-04-2022
- Datum uitspraak: 08-04-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:89
Te laat ingediend artikel 13 beklag. Klager heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij door medische omstandigheden zijn beklag niet tijdig kon indienen. Het beklag van klager wordt niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2022:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3373
- Datum publicatie: 12-04-2022
- Datum uitspraak: 22-03-2022
- ECLI:NL:TGZRAMS:2022:33
Klacht tegen een huisarts. Klaagster had na een ongeval pijn in onder andere haar onderrug en knie. Zij verwijt de huisarts dat hij onjuist heeft gehandeld door haar ondanks haar herhaaldelijk verzoek geen verwijzing voor een MRI-scan te geven. Evenmin heeft hij haar doorverwezen naar een psycholoog in verband met het bij het ongeval opgelopen trauma. Het college stelt dat de huisarts niet is tekortgeschoten door klaagster geen verwijzing voor een MRI-scan te geven. Voor het laten maken van een MRI-scan was geen indicatie. Daarnaast is uit het dossier niet gebleken dat de huisarts klaagster niet heeft geholpen bij haar vraag om psychische hulp. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:83 Hof van Discipline 's Gravenhage 210301
- Datum publicatie: 12-04-2022
- Datum uitspraak: 25-03-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:83
Verweerder heeft zijn beroep tegen de beslissing van de raad (waarbij aan verweerder een (voorwaardelijke) schorsing met een bijzondere voorwaarde is opgelegd) ingetrokken waarmee de beslissing van de raad onherroepelijk is geworden.Op grond van art. 56 lid 5 Advocatenwet bepaalt het hof de ingangsdatum van de maatregel en legt uit wanneer verweerder aan de bijzondere voorwaarde moet voldoen.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2022:3 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-39
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 16-02-2022
- ECLI:NL:TNORDHA:2022:3
Klagers verwijten de notaris dat hij zijn zorgplicht ernstig heeft geschonden door mee te werken aan de door hem op 13 mei 2014 opgestelde en ondertekende registerverklaring retentierecht en twee akten van schuldbekentenis van 25 september 2014 en 7 november 2019 tussen schuldenaar en [K].
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:72 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/693814 / DW RK 20/599
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 28-01-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:72
Klacht ongegrond. Verrekening. Gerechtsdeurwaarder heeft fout toegegeven en excuses aangeboden en klager gecompenseerd. Onvoldoende gewicht.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:45 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-1008/DH/DH/D
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 11-04-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:45
Raadsbeslissing. Dekenbezwaar gegrond. Verweerder heeft zich, door het indienen van (grotendeels) door zijn cliënt opgestelde stukken zonder deze te controleren en door af te spreken dat zijn cliënt een deel van de pleitnota zal voordragen op de zitting bij het gerechtshof, niet gehouden aan de kernwaarde onafhankelijkheid. Daarmee heeft verweerder niet gehandeld zoals dat een behoorlijk advocaat betaamt als bedoeld in artikel 46 Advocatenwet. Verweerder heeft dit ook in zijn schriftelijke verweer en ter zitting erkend. Ter zitting heeft verweerder herhaald dat hij anders had moeten handelen waarbij hij op zijn eigen gedrag heeft gereflecteerd. Voldoende overtuiging dat verweerder bij een eventuele volgende veeleisende en/of dwingende cliënt anders zal handelen. De deken heeft dekenbezwaar vooral ingediend als signaal aan andere advocaten dat de wijze waarop verweerder heeft gehandeld ‘echt niet kan’. Gelet op deze omstandigheden en het feit dat verweerder geen tuchtrechtelijke antecenten heeft, wordt volstaan met gegrondbevinding van het dekenbezwaar zonder oplegging van een maatregel.
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:66 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/689081 / DW RK 20/437
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 26-01-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:66
Beslissing op verzet. Gegrond. Sommatieexploot niet betekend aan degene voor wie deze was bestemd, maar aan diens zoon/verzorger. Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2022:60 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/696552 / DW RK 21/35
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 29-03-2022
- ECLI:NL:TGDKG:2022:60
Klacht gegrond. De gerechtsdeurwaarder heeft geweigerd te antwoorden op een door klager verzochte specificatie van een aantal kostenposten. Maatregel: berisping.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3069
- Datum publicatie: 11-04-2022
- Datum uitspraak: 08-04-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:39
Beklaagde, werkzaam als sociaal psychiatrisch verpleegkundige bij een Bijzondere Zorg Team, is op verzoek van de wijkagent mee gegaan met een tweetal stopgesprekken met klager. Nu het doel van dit gesprek was klager ertoe te bewegen te stoppen met beweerdelijk grensoverschrijdend gedrag, heeft beklaagde zich onvoldoende afgevraagd of zijn aanwezigheid in het belang was of kon zijn van de zorg aan klager en of met zijn aanwezigheid ook een met bemoeizorg beoogd doel (bijvoorbeeld het door beklaagde genoemde ‘toeleiden naar passende zorg’) zou kunnen worden bereikt. Voor klager was kort daarvoor in het zorgafstemmingsoverleg nog geprobeerd passende zorg te vinden. Dit was echter (wederom) niet gelukt. Het klachtonderdeel dat beklaagde klager ongewenst heeft bezocht wordt gegrond geacht en een waarschuwing wordt opgelegd. De klachtonderdelen die zien op vrijheidsbelemmering en het gebruik van verbaal geweld worden afgewezen.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1129
- Pagina: 1130
- Pagina: 1131
- ...
- Pagina: 4832
- Volgende pagina zoekresultaten