Zoekresultaten 421-430 van de 48100 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:126 Raad van Discipline Amsterdam 26-352/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht kennelijk ongegrond. Hoewel het beter was geweest als verweerder neutralere bewoordingen had gekozen in het bemiddelingsgesprek met klaagster, is geen sprake van onnodig grievende uitlatingen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:77 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-041/DB/OB

    Verzet. De raad is op grond van het verzetschrift van oordeel dat de verzetgronden van klager niet slagen. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8126

    Verweerder was in 2014 als huisarts betrokken bij de tweejaarlijkse cholesterol- controle van klaagster in verband met haar hoge bloeddruk. Vanaf 2016 is deze controle overgedragen aan de praktijkondersteuner somatiek. Bij een controle in oktober 2023 bleek dat het LDL cholesterol van klaagster verhoogd was. Klaagster verwijt verweerder onder meer dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld door onvoldoende rekening te houden met de risico’s van een familiair verhoogd cholesterolgehalte en dit in 2014 niet goed te noteren in het dossier. Hierdoor is klaagster te laat doorverwezen naar de afdeling cardiologie van het ziekenhuis. Na onderzoek aldaar bleek bij klaagster sprake van fors vernauwde kransslagaders waarvoor zij een dotterbehandeling heeft ondergaan. Het college komt tot het oordeel dat een deel van de klacht niet-ontvankelijk en dat de huisarts voor het overige niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:120 Raad van Discipline Amsterdam 26-311/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Verweerster heeft een brief van klager, de advocaat van de wederpartij, in een procedure overgelegd. Geen sprake van schending gedragsregel 26; klager had vertrouwelijkheid niet bedongen. Ook geen sprake van schending van gedragsregel 27, omdat de brief van klager niet kan worden gezien als onderdeel van schikkingsonderhandelingen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:184 Hof van Discipline 's Gravenhage 250451

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. Niet-ontvankelijk. Klager heeft in zijn verzoek tot aanwijzing van een advocaat op 17 december 2025 aangegeven dat hij een kort geding-procedure wil starten om een omgangsregeling te bewerkstelligen in de kerstperiode 2025. Nu de kerstperiode 2025 is verstreken heeft klager geen belang meer bij de behandeling van zijn beklag. De beklaggronden behoeven daarom geen verdere bespreking.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:95 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8127

    Klaagster heeft een klacht ingediend over de behandeling van haar verhoogde cholesterol in de huisartsenpraktijk van verweerder. Ze verwijt de huisarts dat zij bij het opvragen van haar medisch dossier is tegengewerkt en dat de huisarts het dossier onbeveiligd heeft laten versturen door de assistente via de praktijke-mail. Het college komt tot het oordeel dat alhoewel het dossier niet onbeveiligd had mogen worden verstuurd, de huisarts er in dit geval geen verwijt van kan worden gemaakt, omdat de assistente dit heeft gedaan zonder medeweten van de huisarts en in strijd met de geldende afspraken hierover in de praktijk, ook is niet duidelijk onder welke omstandigheden de assistente het dossier via de praktijke-mail heeft verzonden. Van tegenwerking bij het verstrekken van het dossier is het college niet gebleken. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:121 Raad van Discipline Amsterdam 26-333/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij over de aankondiging van incassomaatregelen, waaronder de mogelijkheid van een faillissementsverzoek, kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:185 Hof van Discipline 's Gravenhage 260067

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. Gegrond. In tegenstelling tot de deken is het hof van oordeel dat op basis van de stukken in het dossier niet zonder meer als vaststaand aan te nemen valt dat de vordering van klager is verjaard. Onduidelijk is of de deken onder kennisneming van de juiste informatie van de door klager benaderde advocaten op goede gronden tot de conclusie kon komen dat sprake was van een kansloze zaak. Verder heeft de deken aan zijn beslissing ten grondslag gelegd dat het gebrek aan kans van slagen van de zaak zou blijken uit de uitspraak van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam. Gezien het feit dat deze tuchtrechter een waarschuwing heeft opgelegd is het standpunt van de deken zonder toelichting, die ontbreekt, niet begrijpelijk.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:96 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8129

    Klaagster heeft een klacht ingediend over de behandeling van haar verhoogde cholesterol in de huisartsenpraktijk waar de huisarts, als waarnemer werkzaam was. De waarnemend huisarts was alleen betrokken bij de doorverwijzing naar de afdeling cardiologie, die diezelfde dag door de huisarts is veranderd in een verwijzing naar het ziekenhuis dat klaagsters voorkeur had. Klaagster verwijt de huisarts kortgezegd dat zij een onzorgvuldige en onlogische doorverwijzing heeft gedaan en hiervoor aantoonbaar en bewust onjuiste redenen heeft opgegeven. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is, omdat de verwijzing niet onjuist was en van het opgeven van onjuiste redenen hiervoor niet gebleken is.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:122 Raad van Discipline Amsterdam 26-334/A/A 26-335/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaten van de wederpartij in een civiele procedure. Van onnodig grievende uitlatingen of het verkondigen van onwaarheden is niet gebleken.