Zoekresultaten 14001-14050 van de 48197 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:45 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 210051

    Artikel 13 beklag. De kantonrechter is de aangewezen rechter om de herroepingsprocedure die klager wenst in te stellen te behandelen. De deken heeft in dat verband terecht aangevoerd dat voor een kantonprocedure geen advocatenbijstand verplicht is. Het beklag wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:20 Kamer voor het notariaat Den Haag 19-76

    Klaagster stelt dat de notaris niet heeft gehandeld zoals een goed notaris betaamt. Dit blijkt uit het volgende: 1. van de notaris mag verwacht worden dat hij dan wel zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekering eerder inhoudelijk reageert op de aansprakelijkheidstelling. Er wordt een onnodig lange termijn voor een inhoudelijke reactie genomen; 2. bij de overdracht van de onroerende zaken had de notaris bij gerede twijfel aan de bedoelingen van de cliënt zijn dienst moeten weigeren of nader onderzoek moeten verrichten.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:46 Raad van Discipline Amsterdam 21-056/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Geen sprake van onjuiste feiten.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:27 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-10

    De klacht heeft betrekking op het optreden van de notaris tijdens de extra [vergadering]. Tijdens deze [vergadering] heeft de notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door als notaris onderdeel uit te maken van het stembureau, terwijl hij zelf ook heeft meegestemd en een belang had bij de uitslag van de stemming.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:40 Raad van Discipline Amsterdam 21-006/A/A

    Klacht over de eigen advocaat is kennelijk ongegrond. Er bestaat geen aanleiding om verweerder ten aanzien van de kwaliteit van de dienstverlening of het tijdstip van de beëindiging van zijn werkzaamheden een tuchtrechtelijk verwijt te maken.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:21 Kamer voor het notariaat Den Haag 19-81

    Klagers hebben gesteld dat de notaris onzorgvuldig en onrechtmatig heeft gehandeld, maar ook in strijd gehandeld met de statuten door: a. zonder rechtsgrond klager in het handelsregister uit te schrijven als bestuurder van de Stichting, nota bene zonder enig overleg hierover met klager te hebben gehad; b. zonder rechtsgrond [D] in het handelsregister in te schrijven als bestuurder van de Stichting; c. zonder rechtsgrond het hypotheekrecht dat ten behoeve van de Stichting was gevestigd ter zekerheid van haar vordering op de BV op een tweetal registergoederen “om niet” door te halen.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:15 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-17, 20-18, 20-19, 20-20, 20-21, 20-22

    Klager verwijt de notarissen dat het [naam onroerend goed] is verkocht zonder toestemming van klager. De statuten van de Stichting zijn overtreden waardoor de rechten van klager zijn geschonden.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:47 Raad van Discipline Amsterdam 21-058/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Anders dan klager stelt hebben zijn adresgegevens geen rol gespeeld bij de keuze van verweerster om een datum voor een kort geding aan te vragen bij de rechtbank Midden-Nederland. Verweerster heeft verder onbetwist gesteld dat zij de dagvaarding tijdig heeft betekend nadat zij op het allerlaatste moment van de rechtbank Midden-Nederland bericht had gekregen dat een nieuwe datum en/of tijdstip voor het kort geding niet mogelijk was. Het enkele feit dat verweerster in de dagvaarding niet tot in detail het standpunt van klager heeft beschreven, is onvoldoende voor de conclusie dat zij tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Verweerster mocht, gegeven de aard van de zaak, in de dagvaarding volstaan met een korte weergave van het standpunt van klager.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:28 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-15

    Klaagster verwijt de notaris het volgende: 1. de notaris heeft in strijd met de waarheid in de akte opgeschreven dat klaagster maritaal beslag zou hebben gelegd op het appartementsrecht; 2. de notaris heeft zonder medeweten/toestemming van klaagster geen rekening gehouden met het door klaagster gelegd beslag op het erfdeel van de man; 3. de notaris heeft het in de hand gewerkt of mogelijk gemaakt of geadviseerd of goedgevonden dat de man over zijn erfdeel heeft beschikt ondanks het gelegde beslag wat het strafbare feit van onttrekking aan beslag inhoudt.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:40 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190189

    Klacht tegen kantoor eigen advocaat. Verweerder zou onduidelijkheid hebben laten bestaan over de hoedanigheid van de bij klaagsters zaak betrokken letselschadejurist en er geen zorg voor hebben gedragen dat de opdracht tussen klaagster en verweerder door deze letselschadejurist werd uitgevoerd en dat er met klaagster werd gecommuniceerd. Klaagster heeft tegen het advocatenkantoor en de advocaat onder wiens verantwoordelijkheid de zaak is behandeld gelijkluidende klachten ingediend. Het hof verwijst naar zijn uitspraak van dezelfde datum met zaaknummer 190188. Anders dan de raad is het hof van oordeel dat de klacht van klaagster niet op de organisatie van het advocatenkantoor ziet, maar op het handelen en nalaten van de advocaat en de bij het advocatenkantoor werkzame letselschadejurist, die beiden haar zaak hebben behandeld. De klachtonderdelen zien niet op gedragingen van een of meer leden van het bestuur in die hoedanigheid. Zoals de raad zelf ook heeft overwogen diende de advocaat de opdracht uit te voeren dan wel klaagster duidelijk mede te delen dat hij onvoldoende grond zag voor aansprakelijkstelling. Voor het niet uitvoeren van de werkzaamheden en het niet communiceren met klaagster door de letselschadejurist is de advocaat verantwoordelijk. Het in hoger beroep nog aangevoerde voorbeeld dat de zaak van klaagster kennelijk niet was geagendeerd, hetgeen op een gebrekkige kantoororganisatie zou wijzen, kan het hof niet volgen. De agendering van een zaak valt onder de behandeling van de zaak en aldus onder de verantwoordelijkheid van de behandelend advocaat. Gelet op het voorgaande geldt dat klaagster in haar klacht tegen het advocatenkantoor niet-ontvankelijk is. De gestelde gedragingen waar de klacht op ziet, kunnen niet worden toegerekend aan de bestuurders van het advocatenkantoor. De bestuursleden zijn niet verantwoordelijk voor het gedrag van de advocaat die de opdracht van de cliënt uitvoert. De beroepsgrond van het advocatenkantoor slaagt. Vernietiging beslissing van de raad. Niet-ontvankelijkverklaring.

  • Dekenbezwaar over de Uitvraag financiële kengetallen ongegrond. De raad is van oordeel dat het niet volledig voldoen aan de vordering tot medewerking in deze specifieke situatie niet onbetamelijk is. Gezien de door verweerders aangevoerde bezwaren over de redelijkheid van het dekenbeleid is de weigering van verweerders om volledig aan de vordering te voldoen niet onredelijk en daarmee naar het oordeel van de raad niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Daarbij komt dat zij de gevraagde financiële gegevens niet bot hebben geweigerd; verweerders hebben in hoofdlijnen de door de deken verzochte informatie verstrekt, aangevuld met het aanbod aan de deken om de jaarcijfers te komen inzien.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:22 Kamer voor het notariaat Den Haag 19-83

    Klager verwijt de notaris het volgende: 1. de notaris heeft zich zodanig gedragen dat het vertrouwen in het notariaat en in zijn beroepsuitoefening is geschaad. De notaris heeft onder zijn verantwoordelijkheid werkzaamheden uitbesteed aan de notarisklerk, zonder dat hij de regie, zeggenschap en het toezicht daarop volledig heeft behouden. De notaris heeft niet alle partijen die bij de rechtshandeling betrokken waren voorgelicht over de gevolgen van de handeling; 2. bij een kennelijke schrijffout moet er sprake zijn van een fout die zodanig moet zijn, dat die voor iedereen direct kenbaar en duidelijk is. Verder moet door de akte van verbetering de akte geen andere inhoud krijgen.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:16 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-24

    De notaris heeft niet de benodigde zorgvuldigheid in acht genomen door het geld ten titel van schenking vanaf de derdengeldenrekening naar klager en de man over te maken. De notaris heeft niet getoetst bij moeder of zij een schenking aan klager wenste te doen en onder welke voorwaarden. Verder heeft de notaris verzuimd te toetsen of klager de schenking van moeder onder de gestelde voorwaarden wel accepteerde. Ook heeft de notaris zowel moeder als klager niet vooraf toegelicht wat de (financiële) gevolgen waren van haar handelingen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:48 Raad van Discipline Amsterdam 21-169/A/A/W

    Wrakingsverzoek naar aanleiding van procesbeslissingen en gebaseerd op vermoedens van vooringenomenheid. Geen ‘echte’ wrakingsgronden aangevoerd. Geen sprake van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden. Verzoek is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:41 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190188

    Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder zou onduidelijkheid hebben laten bestaan over de hoedanigheid van de bij klaagsters zaak betrokken letselschadejurist en er geen zorg voor hebben gedragen dat de opdracht tussen klaagster en verweerder door deze letselschadejurist werd uitgevoerd en dat er met klaagster werd gecommuniceerd. Het hof overweegt dat verweerder een opdracht van klaagster heeft aanvaard en deze onder zijn verantwoordelijkheid heeft laten uitvoeren door een letselschadejurist. Verweerder heeft er echter niet op toegezien dat deze letselschadejurist aan klaagster heeft medegedeeld dat hij het dossier sloot omdat hij geen grond zag voor aansprakelijkstelling, noch heeft hij dit klaagster zelf medegedeeld. Het hof is van oordeel dat dit verweerder in ernstige mate valt aan te rekenen, zeker gezien de belangen van klaagster. Verweerder heeft laakbaar gehandeld en bij de behandeling van de zaak van klaagster de kernwaarde van deskundigheid geschonden. Het hof ziet dan ook geen aanleiding voor verlichting van de maatregel. Daarbij heeft het hof er rekening mee gehouden dat verweerder geen tuchtrechtelijk verleden heeft. Of klaagster nadeel ondervindt/heeft ondervonden van verweerders handelen is irrelevant; het gaat er immers om dat het gedrag van verweerder laakbaar is. Bekrachtiging beslissing van de raad. Berisping. Proceskostenveroordeling. Het hof verwijst tevens naar zijn uitspraak van dezelfde datum met zaaknummer 190189.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:42 Raad van Discipline Amsterdam 20-685/A/A 20-686/A/A

    Klacht over de eigen advocaat deels gegrond. Verweerder 1 heeft onvoldoende zorgvuldigheid betracht in financiële aangelegenheden en de - in het bijzonder financiële - afspraken met klagers onvoldoende schriftelijk vastgelegd. Hiermee heeft verweerder 1 de kernwaarde integriteit geschonden. De raad is van oordeel dat voor de vijf gegrond verklaarde klachtonderdelen, gelet op de ernst daarvan en het gebleken gebrek aan voortschrijdend inzicht over de juistheid van zijn handelwijze, in beginsel de maatregel van een voorwaardelijke schorsing aan de orde is. Aan de andere kant weegt de raad ten gunste van verweerder 1 mee dat hij al sinds 1999 advocaat is, met een blanco tuchtrechtelijk verleden. Rekening houdende met alle omstandigheden zal de raad een berisping als passende maatregel opleggen. Klacht over kantoorgenoot van de eigen advocaat die tot inning van de openstaande declaraties is overgegaan deels gegrond. Verweerder 2 heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door voorafgaand aan het indienen van het verzoekschrift tot het leggen van conservatoir beslag geen overleg te voeren met de deken. De raad acht hiervoor de oplegging van een waarschuwing passend en geboden.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:23 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-01

    Klagers voelen zich absoluut niet gehoord door de notaris. Op een notaris rust een zorgplicht. Een notaris dient met de belangen van alle erfgenamen rekening te houden. Op een notaris rust ook een onderzoeksplicht. Het is een tijd lang onduidelijk geweest of de woning kon worden overgedragen zonder toestemming van de erfgenamen die beneficiair aanvaard hadden.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:17 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-25

    Klaagster verwijt de notaris dat hij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht en onvoldoende onderzoek heeft gedaan bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van erflater. Er was voldoende aanleiding om ernstig te twijfelen of erflater wel in staat was zijn eigen belangen zelfstandig te behartigen en zich te realiseren wat de aard en strekking van het testament was.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:42 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200203D

    Dekenbezwaar. Verweerder zou in strijd met het tuchtrecht hebben gedeclareerd door facturen op naam van een vennootschap te zetten, terwijl de gefactureerde werkzaamheden geen betrekking hadden op voor deze vennootschap verrichte werkzaamheden, maar op werkzaamheden verricht voor een derde. Het hof overweegt dat uitgangspunt is dat een declaratie op naam wordt gesteld van de cliënt/opdrachtgever ten behoeve van wie de werkzaamheden zijn verricht. Wanneer de cliënt en een derde een advocaat verzoeken om de declaratie te richten aan de derde, dan dient de declaratie nog steeds op naam van de cliënt gesteld te worden. Desgewenst kan deze wel “ter attentie” of “per adres” van de derde aan de derde verzonden worden. Een juiste inrichting van de declaratie brengt mee dat de declaratie op naam van de cliënt/opdrachtgever moet staan, ook al wordt deze voldaan door een derde. Voor zover dat niet het geval is moet uit de inrichting van de declaratie blijken wie de cliënt is, welke werkzaamheden voor die cliënt zijn verricht en op welke grond de declaratie aan de derde is gericht. Verweerder heeft zijn declaraties niet op de juiste wijze ingericht. Vernietiging beslissing van de raad, gegrondverklaring dekenbezwaar. Gelet op het principiële karakter van het dekenbezwaar en het feit dat verweerder erkent dat de declaraties ten onrechte zijn gericht aan de vennootschap, ziet het hof aanleiding om af te zien van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:43 Raad van Discipline Amsterdam 20-581/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:24 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-03

    Klager verwijt de notaris dat hij een volmacht en een testament heeft gepasseerd zonder dat hij overtuigd was van de wilsbekwaamheid van erflater.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:37 Raad van Discipline Amsterdam 20-572/A/OV

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:18 Kamer voor het notariaat Den Haag 19-65

    Klager verwijt de notaris dat er na veertien maanden nauwelijks voortgang was geboekt in de vereffening.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:40 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-868/DB/ZWB

    Advocaat heeft de toevoeging voor klaagster niet tijdig aangevraagd, waardoor deze aanvraag is afgewezen. Advocaat heeft zijn fout erkend en zijn verantwoordelijkheid genomen door zijn honorarium te beperken tot de eigen bijdrage die klaagster bij toekenning van een toevoeging aan hem verschuldigd zou zijn geweest. Verweerder heeft zich voorts ook bereid verklaard om het te veel in rekening gebrachte griffiegeld aan klaagster terug te betalen. Toezegging na afwijzing van de toevoeging om de zaak “pro deo” te doen, moet worden gezien als een toezegging om voor klaagster de financiële situatie te creëren als ware een toevoeging verleend. Eigen bijdrage terecht in rekening gebracht. Verzoek tot benoeming vereffenaar niet bij voorbaat kansloos. Klacht ged. gegrond, geen maatregel.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:43 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200234D

    Dekenbezwaar. Verweerster zou gedurende langere tijd onbereikbaar zijn geweest. Naar het oordeel van het hof heeft verweerster niet voldaan aan de professionele standaard, door herhaaldelijk en gedurende een lange periode onbereikbaar te zijn geweest. Meerdere cliënten hebben tevergeefs contact met verweerster gezocht en verweerster was evenmin bereikbaar voor de Raad voor Rechtsbijstand en het Juridisch Loket. Pas na zeer geruime tijd reageerde zij op berichten van de deken. Nu echter niet is gebleken van een serieus en ernstig patroon, ziet het hof, anders dan de raad, geen aanleiding voor het opleggen van een voorwaardelijke schorsing en acht het een berisping passend en geboden. Voor matiging van de proceskosten ziet het hof in hetgeen verweerster heeft aangevoerd (hoge kosten in een financieel moeilijke tijd) geen aanleiding. Verweerster heeft haar financiële positie ook niet nader onderbouwd. Gedeeltelijke vernietiging. Berisping. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TACAKN:2021:21 Accountantskamer Zwolle 20/1396 Wtra AK

    Tweede klacht van klager tegen betrokkene. Betrokkene heeft volgens klager gehandeld in strijd met de voor haar geldende gedrags- en beroepsregels. Op de zitting in de eerste klachtzaak heeft zij volgens klager onjuist verklaard. Ook heeft zij volgens klager nagelaten de NV NOCLAR toe te passen en heeft zij haar leidinggevenden die door klager verantwoordelijk worden gehouden voor directiefraude, verdedigd. Zij heeft met hen samengespannen maar had van hen afstand moeten nemen volgens klager. De klacht is in alle onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:36 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-465

    Het onbevoegdheidsverweer van verweerder, dat in deze kwestie de Geschillencommissie Advocatuur bevoegd is, wordt verworpen. De raad is van oordeel dat verweerder de letselschadezaak van klager op zorgvuldige doelmatige wijze heeft gedaan. Of sprake is geweest van excessief declareren kan de raad op basis van de stukken niet vaststellen. Verweerder diende zich na de vertrouwensbreuk met klager terug te trekken en heeft dat op zorgvuldige wijze gedaan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:30 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-728

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond. Geen concrete handelingen vermeld die tuchtrechtelijk laakbaar zouden zijn.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:24 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-656

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Verweerder heeft zich als klachtenfunctionaris niet zodanig heeft gedragen dat hij daardoor het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad. Verweerder heeft de klacht van klager in behandeling genomen en is met klager in gesprek gegaan. Dat klager het niet eens is met het oordeel van verweerder over de klacht betekent niet dat verweerder het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:37 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-097

    Klacht van een bewindvoerder over het zonder toestemming van haar cliënte instellen van hoger beroep tegen de beschikking tot ontslag van de voorgaande bewindvoerder. Voor de beoordeling van de klacht kan de raad in het midden laten of verweerster voor het instellen van appel namens de cliënt de toestemming van klaagster, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van de cliënt, nodig had. Wanneer een advocaat van een derde (de voorgaande bewindvoerder) het verzoek ontvangt om voor een ander op te treden dient de advocaat zich ervan te vergewissen dat dit met instemming van die ander (zijn cliënt) gebeurt. De raad moet er van uitgaan dat verweerster zonder opdracht van de cliënte van klaagster namens die cliënte appel heeft ingesteld. Daarmee heeft verweerster niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Klacht gegrond. Ernstige tekortkoming. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:31 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-729

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond, deels geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen, deels sprake van onvoldoende onderbouwing.  

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:25 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-689

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in de hoedanigheid van adviseur. Geen onduidelijkheid over de rol van verweerster. Niet gebleken dat handelen van verweerster het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:38 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-183

    Klacht tegen eigen advocaat over het uiteindelijk niet willen behandelen van een zaak op basis van een toevoeging. Ter zitting heeft verweerster verklaard dat zij veronderstelde dat er op de toevoeging nog uren te besteden waren, dat zij de zaak wilde overnemen en dat haar toen bleek dat de toevoeging op was. In dit alles leest de raad een concrete aan klager gegeven toezegging dat zij de zaak op basis van de bestaande toevoeging overnam, althans een gerechtvaardigde verwachting dat dit zou gebeuren. Klacht gegrond. Daarbij neemt de raad ook in ogenschouw dat het wel degelijk mogelijk was om op basis van de bestaande toevoeging aan de slag te gaan omdat er naar rato van uren met de voorganger kon worden afgerekend. Op zich kan de raad zich voorstellen dat verweerster niet bereid was om de zaak op basis van de toevoeging over te nemen, maar nu zij dat had toegezegd, althans een dergelijke verwachting had gewekt, kon zij niet meer eenzijdig op haar toezegging, althans op de opgewekte verwachting, terugkomen.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2020:14 Kamer voor het notariaat Den Haag 20-16

    De opdracht tot oprichting van de BV is niet nagekomen door de notaris. De akte is niet gepasseerd, terwijl dit ongeveer vijf werkdagen zou duren. Ook zou het gaan om een vast tarief, maar door het notariskantoor zijn er diverse extra kosten in rekening gebracht bovenop het bedrag dat klager aan [B] heeft betaald.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:32 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-885

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond. Het kenbaar maken van slechts de overweging tot het aanvragen van het faillissement van klager is onder deze omstandigheden niet te bestempelen als gedrag dat een advocaat niet betaamt.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:26 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-692

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een huurgeschil kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:39 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-972

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een geschil over de omgang met een kind kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2019:329 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-097

    In afwachting van het aanvullend onderzoek van de deken houdt de raad de beslissing over beide klachtonderdelen aan tot een nader te bepalen zitting.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:33 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-886

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de deken in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:27 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-721

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerster onvoldoende voortvarend is geweest en niet te bereiken was. Ook bij onttrekking geen tuchtrechtelijk verwijt te maken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:40 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-184

    Klacht tegen een advocatenkantoor. Verzet tegen kennelijk niet-ontvankelijk verklaring van klacht over slechte waarneming tijdens ziekte van een op het kantoor werkzame advocaat tegen wie eenzelfde klacht was ingediend. Anders dan de voorzitter is de raad van oordeel dat klager ontvankelijk is. Tijdens afwezigheid van een advocaat is de waarneming bij uitstek een dubbele verantwoordelijkheid voor zowel de eigen advocaat als het advocatenkantoor (de collega advocaten), waar de advocaat werkzaam is. Tevens verzet tegen niet-ontvankelijk verklaring van een klacht over ondeugdelijke klachtenregeling. Anders dan de voorzitter is de raad van oordeel dat de klacht tegen een advocatenkantoor ontvankelijk. Klachten kunnen tegen advocatenkantoren worden ingesteld als het gaat om een groep van advocaten waarvoor een bepaalde verantwoordelijkheid geldt en de verantwoordelijkheid voor een deugdelijke klachtenregeling is daar bij uitstek een voorbeeld van. Verzet gegrond. Klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:21 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-232

    Verzetbeslissing. De raad is van oordeel dat de voorzitter bij de beoordeling de juiste maatstaf heeft toegepast en rekening heeft gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:34 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-894

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Van te laat executeren of het niet correct uitvoeren van een vonnis is geen sprake.  

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:28 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-724

    Voorzittersbeslissing. De klacht is kennelijk niet-ontvankelijk in verband met ne bis in idem. Klager heeft al eerder geklaagd over dezelfde kwestie.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:41 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-243

    Verzetbeslissing. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:22 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-400

    Klacht tegen eigen advocaat. De raad is van oordeel dat de advocaat te weinig aandacht heeft besteed aan/met klager gecommuniceerd heeft over de mogelijkheid van een kort geding, terwijl klager van aanvang af had aangeven haast te hebben en de advocaat oorspronkelijk ook zelf over de mogelijkheid van een kort geding had gesproken en kennelijk op dat moment de spoedeisendheid geen probleem vond. Voorts had verweerder klager na het verstrijken van de beslissingstermijn niet over de uitslag van het handhavingsverzoek in het ongewisse mogen laten. Klacht ten dele gegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:35 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-464

    De raad is van oordeel dat verweerder de belangen van klaagster in haar letselschadezaak op zorgvuldige wijze en in de gegeven omstandigheden met voldoende voortvarendheid heeft behandeld. Daarbij diende verweerder binnen de door ARAG verstrekte beperkte opdracht te blijven. Van verkwanselen van het budget is de raad niet gebleken. Met instemming van ARAG en klaagster mocht verweerder zijn strategie tussentijds wijzigen zoals door hem gedaan. Na de met klaagster en haar echtgenoot in diens zaak ontstane vertrouwensbreuk diende verweerder zich verder aan de zaak te onttrekken. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:29 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-276

    Klacht van advocaat tegen advocaat van wederpartij. Klachtonderdeel over schending Gedragsregel 27: het voor schikkingsonderhandelingen kenmerkende element van het wederzijds toegeven op ingenomen stellingen ontbreekt in het onderhavige geval. Klager heeft van zijn kant namens zijn cliënt niets prijsgegeven in de aan de rechter overgelegde correspondentie. Gedragsregel 27 is gelet op de ratio daarvan, door verweerder niet geschonden. Alle klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:42 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-923

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Verweerster heeft klager voldoende geïnformeerd over de kosten. Dat zij inhoudelijk steken heeft laten vallen, is de voorzitter niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:23 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-520

    Klacht over advocaat wederpartij. Het verwijt betreft het niet gelijktijdig met verzending aan de deurwaarder toezenden van een kopie van de dagvaarding aan de advocaat van de wederpartij en het zonder voorafgaande waarschuwing uitbrengen van een dagvaarding. De raad overweegt dat een dagvaarding een procesinleiding is waarvan de aanzegging met bijzondere wettelijke waarborgen is omgeven en dat om die reden gedragsregel 25 lid 2 niet voor dagvaardingen geldt. Voorts overweegt de raad dat hoewel een advocaat daar waar mogelijk het belang van zijn cliënt om een geschil door middel van een schikking op te lossen in het oog moet houden, gedragsregel 5 geen absolute en voortdurende verplichting daartoe behelst. Een wederpartij kan niet verlangen dat een advocaat in elke situatie tracht een regeling in der minne te treffen. Dit is ter vrije beoordeling van de advocaat en zijn cliënt. Indien zij menen dat een regeling in der minne niet haalbaar is, kan de advocaat niet door de wederpartij dan wel door de gedragsregels worden verplicht alsnog een regeling in der minne te beproeven. Klacht ongegrond.