Zoekresultaten 14081-14100 van de 47536 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:215 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-448

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Uit de dossierstukken blijkt niet dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:112 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-255/DB/ZWB

    Gelet op de inhoud van het door de deken aan de raad doorgezonden klachtdossier, heeft de voorzitter de klacht naar het oordeel van de raad terecht opgevat als een klacht gericht tegen verweerder en niet als een klacht (mede) gericht tegen het kantoor. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:113 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-337/DB/OB

    Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door na te laten de door klaagster aan haar toegezonden brief d.d. 27 februari 2019 in te dienen bij de rechtbank. Klacht deels gegrond. In de omstandigheden dat niet is gebleken dat klaagster van dit nalaten enig nadeel heeft ondervonden en dat verweerster niet eerder tuchtrechtelijk is veroordeeld ziet de raad aanleiding om te zien van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2020:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 19166

    Klager verwijt psychiater dat hij weigert door klager aangegeven feitelijke onjuistheden in de Pro Justitia rapportage te corrigeren. Verweerder heeft juiste toepassing gegeven aan het correctierecht. Verweerder heeft feitelijke onjuistheden aangepast en de rapportage definitief gemaakt. Voor zover klager nadien nog andere feitelijke onjuistheden heeft aangedragen, is hij daarmee te laat. Verweerder heeft terecht geweigerd gestelde onjuistheden in rapportages van derden aan te passen. Het correctierecht ziet niet op gegevens afkomstig van derden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:154 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/143

    Klaagster verwijt verweerder dat hij een medische verklaring heeft verstrekt aan de ex-partner van klaagster en daarbij onvoldoende oog heeft gehad voor de voor klaagster gevoelige materie. Verder verwijt klaagster verweerder ongefundeerde diagnostiek en onheuse bejegening. Verweerder betwist dat het bewuste schrijven als een medische verklaring dient te worden opgevat. Achteraf betreurt verweerder wel dat hij duidelijk had moeten maken dat het slechts ging om verstrekte informatie uit de S-regel uit het patiëntendossier van de ex-partner van klaagster. Verweerder heeft wel lering uit deze zaak getrokken, in die zin dat hij meer waakzaam is ten aanzien van het gebruik van een verstrekt afschrift en dat het de levenssfeer van een ander (klaagster) kan raken. Verweerder heeft verder zijn overwegingen opgetekend zonder daarmee een concrete diagnose te willen stellen. Hij kan ook geen diagnose stellen over iemand die geen patiënt is. Verweerder zal in het vervolg wel er voor waken dat met een dergelijke overweging de schijn van een diagnose wordt gewekt. Verweerder betwist tot slot dat hij klaagster onheus heeft bejegend. Verweerder concludeert dat hij de gang van zaken als buitengewoon ongelukkig beschouwt en lering uit deze zaak heeft getrokken. Verweerder refereert aan het oordeel van het college in hoeverre hij buiten de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening is getreden. Deels gegrond, waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:114 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 19-680/DB/LI

    Nu klager zelf heeft besloten om af te zien van het instellen van hoger beroep en verweerder aan klagers besluit gevolg heeft gegeven door geen appel in te stellen, valt niet in te zien welk tuchtrechtelijk verwijt verweerder kan worden gemaakt van zijn optreden. Dat verweerder het hoger beroep opzettelijk de grond in heeft geboord is naar het oordeel van de raad geenszins gebleken. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:155 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/066

    Klager verwijt huisarts niet adequaat te hebben gehandeld bij klachten, die uiteindelijk lymfeklierkanker bleken te zijn. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:115 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 19-679/DB/LI

    Niet gebleken dat de kwaliteit van verweerders dienstverlening gebrekkig is geweest. Wel heeft verweerder onvoldoende voortvarendheid betracht bij het opstellen en indienen van het klaagschrift ex artikel 12 Sv. Verweerder kan niet tuchtrechtelijk worden verweten dat hij klager niet heeft bijgestaan in de kwestie van de ontbinding van de VOF en in de kwestie van de gestelde malversatie door de curatoren van zijn zus, nu van een concreet verzoek tot rechtsbijstand in deze zaken niet is gebleken. Klacht deels gegrond. Waarschuwing. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:245 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190206H

    Kennelijk niet-ontvankelijk herzieningsverzoek. Verzoeker is geen advocaat is ten aanzien van wie een maatregel is opgelegd.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:243 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200166

    Verzoek tot aanwijzing van een advocaat ex artikel 13 Advocatenwet afgewezen. Beklag ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:244 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200196, 200197, 200198, 200199, 200200 en 200201

    Appelverbod. Klacht tegen voorzittersbeslissing van de raad is niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:110 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-017/DB/ZWB

    Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door een verzoekschrift in te dienen zonder klager en diens advocaat daarover op voorhand te informeren. Klacht deels gegrond. De raad acht een waarschuwing een passende maatregel. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-850/DH/DH/W

    Wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk, omdat het te laat is ingediend. De wrakingskamer heeft zonder mondelinge behandeling beslist.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:178 Raad van Discipline 's-Gravenhage 19-788/DH/DH/D

    Ambtshalve voortzetting van een ingetrokken klacht. De klacht, die gaat over schending van de geheimhoudingsplicht, is gegrond. Aan verweerster wordt geen maatregel opgelegd, omdat zij aan klaagster haar excuses heeft aangeboden en omdat verweerster ten tijde van de gewraakte gedragingen te maken had met zeer ingrijpende persoonlijke omstandigheden.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:111 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-411/DB/OB

    Niet verweerster maar haar kantoorgenoten mrs. O en V hebben namens hun cliënte tegen klaagster opgetreden. Van enige betrokkenheid van verweerster bij de behandeling van dat dossier door mrs. O en V is niet gebleken. Verweerster kan niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden voor het optreden van haar kantoorgenoten tegen klaagster. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:179 Raad van Discipline 's-Gravenhage 19-794/DH/RO

    Klacht over de eigen advocaat in een letselschadezaak. Verweerder heeft klaagster, nadat zij een tuchtklacht had ingediend, niet op de hoogte gehouden van de voortgang van de letselschadezaak. Verweerder heeft onvoldoende duidelijk met klaagster gecommuniceerd wat er nodig was om het dossier overgedragen te krijgen. Hij heeft klaagster op een advocaat onwaardige wijze bejegend. Ook in de communicatie over een al dan niet voor klaagster aan te vragen toevoeging is verweerder tekortgeschoten. Dit alles is onzorgvuldig en onbetamelijk en de raad is van oordeel dat de maatregel van berisping passend is.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:180 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-280/DH/RO

    Aan deze klachtzaak ging de omvangrijke klachtzaak met nummer 18-474/DH/RO vooraf. In 18-474 is het verzet van klager ongegrond verklaard. De raad heeft de deken in de verzetsbeslissing in overweging gegeven om, zakelijk weergegeven, enkele nog niet onderzocht onderdelen van de klacht, waaronder in ieder geval de financiële integriteit van het declaratiegedrag van verweerder, nader te onderzoeken. Dit nadere onderzoek heeft geleid tot deze klacht. De raad komt tot een gedeeltelijke gegrondverklaring en legt een waarschuwing op. Uit de overwegingen bij klachtonderdeel b blijkt dat verweerder de financiële kant van de zaken die hij voor klager behandeld heeft onvoldoende schriftelijk heeft vastgelegd. Dat als gevolg daarvan misverstand, onzekerheid en geschil is ontstaan blijkt uit deze klachtzaak. De raad doelt daarbij niet alleen op de omstandigheid dat een klacht is ingediend over onzorgvuldigheid in het declaratiegedrag van verweerder, maar ook op de omstandigheid dat de informatie in het klachtdossier en de toelichting daarop van verweerder onduidelijk en lastig te doorgronden is. Verweerder heeft aldus onzorgvuldig gehandeld en dat is niet zoals het een behoorlijk handelend advocaat betaamd. De raad houdt er bij het bepalen van de hoogte van de maatregel rekening mee dat klager, volgens zijn eigen verklaring, (nog) niets heeft betaald aan verweerder voor alle verleende diensten.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:181 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-492/DH/RO

    Klacht over de eigen advocaat in een familierechtkwestie ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:175 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-591/DH/DH 20-757/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege een gebrek aan belang en voor het overige kennelijk ongegrond. Het stond verweerder vrij bedoelde kort geding procedure te voeren en van het onnodig erbij halen van politiek is geen sprake. Geen sprake van onnodig grievende uitlatingen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2020:182 Raad van Discipline 's-Gravenhage 20-693/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Aan verweerster kan niet het verwijt worden gemaakt dat zij klager meer had moeten informeren dan zij heeft gedaan.