Zoekresultaten 41021-41030 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA2740 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M187-2011

    Namens cliënte aan rechtbank weergegeven waarom zij van mening was dat vervangende toestemming voor afgifte van paspoort noodzakelijk was. Niet gebleken dat advocaat de grens die hem als advocaat van de wederpartij vrijstond heeft overschreden, noch dat misleidende informatie is verstrekt. Geen nodeloos grievende mededelingen gedaan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA2734 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M42-2012

    Stelselmatig niet voldoen aan verzoeken van de deken om informatie, waardoor de deken ernstig in diens taakuitoefening wordt. Door handelwijze van verweerder –verweerder is ook niet ter zitting van de raad verschenen- maakt hij het onmogelijk om toezicht uit te oefenen op het naleven van de Verordeningen., wat een zorgwekkende situatie oplevert. Bezwaar gegrond; schorsing twee weken, openbaarmaking ex art 48 lid 3

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA2747 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M233-2011

    Verweerder heeft klaagster bijgestaan in een echtscheidingsprocedure na overname van de zaak van een kantoorgenoot. Desondanks heeft hij geen enkel contact met klaagster opgenomen totdat hij circa 4 maanden later na aanleiding van een van de wederpartij ontvangen ouderschapsplan telefonisch contact zocht met klaagster en van haar vernam dat er de daarop volgende dag een zitting zou plaatsvinden waarop verweerder toen geheel onvoorbereid is verschenen. Ook heeft verweerder in de procedure geen kinderalimentatie gevraagd hoewel klaagster haar wens daartoe aan de voorganger van verweerder had kenbaar gemaakt. Tenslotte heeft verweerder klaagster op geen enkele wijze geadviseerd omtrent een eventueel hoger beroep en heeft hij volstaan met het klaagster toezenden van een akte van berusting.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA2728 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B183-2011

    Gehandeld binnen de grens die verweerder, als advocaat van de wederpartij, vrijstond. In een klachtprocedure staat het een advocaat vrij datgene naar voren te brengen wat hij in het kader van zijn verweer tegen een tegen hem ingediende klacht noodzakelijk oordeelt, met dien verstande dat hij zich ook dan niet grievend mag uitlaten, Hiervan is niet gebleken. Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2756 Raad van Discipline Amsterdam 11-304A

    Verzetzaak. Klacht over advocaat wederpartij. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2757 Raad van Discipline Amsterdam 11-324A

    Tussenbeslissing. Klager trekt in. Voortzetting op grond van 47a Advocatenwet.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2752 Raad van Discipline Amsterdam 11-270A

    De advocaat van de wederpartij komt een grote mate van vrijheid toe de belangen van haar cliënte te behartigen op een wijze die haar goeddunkt. Verzet in al haar onderdelen ongegrond, dan wel kennelijk niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0263 Accountantskamer Zwolle 11/1864 Wtra AK

    Persoonsgericht onderzoek betreft een aan de accountant verleende opdracht waarvan het object bestaat uit het functioneren, handelen of nalaten van een (rechts)persoon, voor de uitvoering waarvan werkzaamheden met een verifierend karakter worden verricht, onder andere uit het verzamelen en analyseren van al dan niet financiele gegevens en het rapporteren van de uitkomsten. Samenhang Verordening gedragscode (VGC) en Praktijkhandreiking 1112: Praktijkhandreiking is geen bindende regelgeving maar geeft wel richting aan beantwoording van de vraag of in een concreet geval sprake is geweest van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Afwijken van de Praktijkhandreiking vergt uitleg van de accountant hoe deze dan wel aan wet- en regelgeving ter zake heeft voldaan. Uit de fundamentele beginselen van de VGC voortvloeiende eisen v.w.b. rekening houden met de belangen van de te onderzoeken persoon, het schriftelijk informeren van de te onderzoeken (rechts)persoon en het toepassen van van hoor en/of wederhoor, niet alleen voor het verkrijgen van een deugdelijke grondslag maar ook in het kader van het handhaven van de juiste omgangsvormen. In dit geval ten onrechte nagelaten een voor opdracht essentieel persoon te horen, ten onrechte nagelaten de te onderzoeken persoon een verslag voor te leggen van het besprokene, ten onrechte nagelaten in of bij zijn rapportage de feitelijke bevindingen kenbaar te maken waarop zijn rapport is gebaseerd zodat het rapport inzoverre deugdelijke grondslag ontbeert. Zeer eenzijdige benadering van feiten en het negeren van feiten die in een andere richting wijzen. Ten onrechte geven van strafrechtelijke en civielrechtelijke kwalificaties. Onvoldoende rekening houden met de belangen van de te onderzoeken persoon. Mede i .v.m. de voor betrokkene voorzienbare ernstige gevolgen voor klager (ontslag), is tijdelijke doorhaling in het register voor de duur van zes maanden een passende maatregel.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2753 Raad van Discipline Amsterdam 11-279A

    Taak van curator niet op zodanige wijze uitgeoefend dat daardoor het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0264 Accountantskamer Zwolle 11/1295 Wtra AK

    Persoonsgericht onderzoek betreft een aan de accountant verleende opdracht waarvan het object bestaat uit het functioneren, handelen of nalaten van een (rechts)persoon, voor de uitvoering waarvan werkzaamheden met een verifierend karakter worden verricht, onder andere uit het verzamelen en analyseren van al dan niet financiele gegevens en het rapporteren van de uitkomsten. Indien dergelijke rapportage, zoals meestal, zich niet beperkt tot feitelijke bevindingen, maar tevens oordelen over en conclusies ter zake gedragingen van de te onderzoeken (rechts)persoon bevat, dan is toepassing van NVCOS 4400 voor een dergelijke rapportage niet geschikt. Samenhang Verordening gedragscode (VGC) en Praktijkhandreiking 1112: Praktijkhandreiking is geen bindende regelgeving maar geeft wel richting aan beantwoording van de vraag of in een concreet geval sprake is geweest van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Afwijken van de Praktijkhandreiking vergt uitleg van de accountant hoe deze dan wel aan wet- en regelgeving ter zake heeft voldaan. Uit de fundamentele beginselen van de VGC voortvloeiende eisen v.w.b. rekening houden met de belangen van de te onderzoeken persoon, het schriftelijk informeren van de te onderzoeken (rechts)persoon en het toepassen van s van hoor en/of wederhoor niet alleen voor het verkrijgen van een deugdelijke grondslag maar ook in het kader van het handhaven van de juiste omgangsvormen. In casu ten onrechte de te onderzoeken persoon van te voren niet schriftelijk over het onderzoek ingelicht en ten onrechte geen hoor en wederhoor toegepast.