Zoekresultaten 39481-39490 van de 48204 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2465 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.055
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 04-12-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2465
Klaagster is op verwijzing van haar psychotherapeut in contact gekomen met verweerder, een psychiatrisch verpleegkundige. Verweerder heeft klaagster psychiatrische begeleiding aan huis op maat aangeboden. Klaagster verwijt verweerder: 1) sexueel misbruik, 2) grensoverschrijdend gedrag op diverse gebieden waarbij klaagster psychisch onder druk is gezet door verweerster, 3) misbruik van klaagsters afhankelijke positie, 4) verzuim om volledig en zorgvuldig een dossier bij te houden, 5) dat verweerder de behandeling niet heeft overgedragen toen de relatie tussen klaagster en verweerder te intiem werd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht wat betreft de onderdelen 2 tot en met 5 gegrond verklaard en bij wijze van voorlopige voorziening met onmiddellijke ingang de doorhaling bevolen van de inschrijving van verweerder in het BIG-register en tevens is bepaald dat de beslissing zal worden gepubliceerd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door verweerder ingestelde beroep en handhaaft de door het Regionaal Tuchtcollege opgelegde maatregel van doorhaling van de registratie in het BIG-register.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2473 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1258
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 05-12-2012
- ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2473
Klacht tegen huisarts die dienst deed als visite-arts bij huisartsenpost ongegrond. Op grond van ter beschikking zijnde gegevens was telefonisch advies om evolutie te volgen en zo nodig opnieuw contact op te nemen niet onzorgvuldig.
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3532 Raad van Discipline Arnhem 12-194
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 09-11-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3532
Dat verweerder ter zitting van de raad zou hebben gedreigd dat hij de FIOD op klagers af zou sturen is niet voldoende aannemelijk geworden. Daarom is de klacht kennelijk ongegrond
-
ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3565 Raad van Discipline Amsterdam 12-331A
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 03-12-2012
- ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3565
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat in BOPZ-zaak. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond respectievelijk van onvoldoende gewicht.
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3526 Raad van Discipline Arnhem 12-189
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 09-11-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3526
Klacht tegen advocaat wederpartij. Klager verwijt verweerster een echtscheidingsprocedure aanhangig te hebben gemaakt en daarbij een ongetekend ouderschapsplan te hebben gevoegd, waarmee verweerder het niets eens was. Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3539 Raad van Discipline Arnhem 12-196
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 14-11-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3539
Klacht over feit dat advocaat klager bij aanvang van de rechtsbijstand niet had meegedeeld dat zij nog advocaat stagiaire was. Informatie over beëdigingsdatum van advocaten is voor iedereen kenbaar te vinden op website NOVA. Deze zaak was niet zodanig ingewikkeld of juridisch complex dat verweerster dat spontaan had moeten melden. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2466 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.102
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 04-12-2012
- ECLI:NL:TGZCTG:2012:YG2466
De echtgenoot respectievelijk vader van klagers, hierna de patiënt, is na een verblijf van enkele maanden in het ziekenhuis in verband met een CVA, overgeplaatst naar een revalidatiecentrum, alwaar verweerster als verpleegkundige werkzaam is in de nachtdienst. De patiënt had een tracheacanule om door te ademen die op de dag voorafgaande aan de nachtdienst van de verpleegkundige verwijderd was. Tijdens de nachtdienst heeft de verpleegkundige bemerkt dat de patiënt stervende was. De reanimatieprocedure is in gang gezet en de patiënt is met de ambulance naar het ziekenhuis vervoerd, alwaar hij na 10 dagen op de intensive care verpleegd te zijn geweest, is overleden. De klacht van klagers bestaat uit zes onderdelen en de kern van de klacht betreft de vraag of de verpleegkundige terecht heeft aangenomen, zoals zij stelt dat de patiënt wel onrustig maar niet benauwd is geweest. Het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat het bestaan van benauwdheid niet aannemelijk is geworden en dat de verpleegkundige de instructies van de arts heeft opgevolgd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klagers.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2474 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1265
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 05-12-2012
- ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2474
Klacht tegen arts betreffende onder meer advies en informatie over kosten en declareerbaarheid van injecties en laboratoriumonderzoek ongegrond. Klachtonderdeel over persoonlijke en financiële betrokkenheid van arts bij geadviseerde aanvullende therapie en bejegening. klacht gegrond: berisping.
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3533 Raad van Discipline Arnhem 12-195
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 09-11-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3533
Klagers klagen voor de tweede keer dat verweerders hen niet hebben gewezen op de mogelijkheid van door de overheid gefinancierde rechtsbijstand. Op grond van het ‘ne bis in idem’ beginsel zijn klagers niet ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3527 Raad van Discipline Arnhem 12-67
- Datum publicatie: 05-12-2012
- Datum uitspraak: 19-11-2012
- ECLI:NL:TADRARN:2012:YA3527
Verweerder heeft in letselzaak bij tussentijdse overname van de zaak door andere gemachtigde zekerheid voor betaling werkzaamheden door middel van akte van cessie waarin klager erkende een bedrag van bijna € 50.000,00 schuldig te zijn willen bedingen als voorwaarde voor overdracht dossier. Tuchtrechtelijk verwijtbaar. Berisping. Advocaat mag zich op retentierecht beroepen, maar dient van die mogelijkheid terughoudend gebruik te maken. Bovendien niet geoorloofd voor betaling declaratie andere zekerheid te aanvaarden dan een voorschot in geld, behoudens in bijzondere gevallen en dan nog slechts na overleg met de deken. Van die terughoudendheid was hier geen sprake, overleg met de deken heeft verweerder niet gezocht. Voor die terughoudendheid en dat overleg bestond alle aanleiding gezien het ontbreken van opdrachtbevestigingen met alle onduidelijkheden omtrent honorering werkzaamheden van dien, alsmede het al veel eerder aan verweerder gebleken gebrek aan bereidheid bij de verzekeraars om hem te honoreren volgens het door hem gehanteerde specialisatietarief, alsmede volstrekte onduidelijkheid tot welk bedrag de verzekeraars dan wel tot verdere vergoeding bereid zouden zijn.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 3948
- Pagina: 3949
- Pagina: 3950
- ...
- Pagina: 4821
- Volgende pagina zoekresultaten