Zoekresultaten 39221-39230 van de 46281 resultaten

  • ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2013 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 11124

    Chirurg wordt verweten dat hij het mammacarcinoom bij klaagster niet eerder heeft ontdekt omdat hij heeft geweigerd palpabele afwijkingen nader te onderzoeken met beeldvormende technieken en zijn bevindingen bij lichamelijk onderzoek onvoldoende heeft neergelegd. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2012:YG2020 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 144/2011

    Klacht tegen huisarts over niet tijdig doorverwijzen. Patiënt wordt opgenomen in ziekenhuis met parapharyngeaal abces. Het college oordeelt dat er voldoende alarmsignalen waren die verweerder, niet alleen achteraf maar ook op dat moment hadden moeten doen inzien dat nader onderzoek nodig was. Klacht gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG2014 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 11139

    Psychiater wordt verweten dat zij een ondeugdelijk rapport heeft opgesteld; ongeoorloofd overleg heeft gehad; de ernstige gevolgen van haar rapportage niet goed heeft ingeschat; een diagnose heeft gesteld zonder voldoende gronden en argumentatie; het door klaagster geblokkeerde rapport toch aan haar opdrachtgever heeft verstrekt zonder klaagster daarvan in kennis te stellen. Deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2012:YG2021 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 307/2010

    Klacht tegen huisarts. Klacht houdt in dat verweerder heeft gemist dat klaagster verklevingen van de darmen had. Voorts klacht over bejegening. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2012:YG2015 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 156/2011

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen oogarts betreffende de behandeling van visusproblemen bij staar en een macula pucker met maculaoedeem. Off-label use Avastin. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2012:YG2012 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2011/101

    Klacht tegen huisarts. Hoever mag een patiënt met een chronische ziekte gaan bij het opeisen van een regierol over zijn behandeling en de communicatie daarover? Heeft deze huisarts onzorgvuldig gehandeld bij het beëindigen van de behandelrelatie? Artsen hebben ten aanzien van de regie een eigen professionele afweging te maken. Als voortzetting van de behandelrelatie niet meer verantwoord is, is het professioneel en verantwoord deze te beëindigen. Het College verklaart de klacht ongegrond en wijst deze af.

  • ECLI:NL:TNOKSHE:2011:YC0787 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch Kln.11.12

    Notaris heeft in strijd met de opdracht van de gevolmachtigde een passage gewijzigd. De klacht is op dit punt gegrond. Ten aanzien van de overige verwijten is de klacht ongegrond. De kamer volstaat met gegrondverklaring in zoverre zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TNOKSHE:2012:YC0793 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch Kln.11.22

    Notaris wordt verweten niet met bekwame spoed een boedelbeschrijving te hebben opgemaakt. De kamer van toezicht acht de kwestie dermate complex dat de notaris genoodzaakt was om drie jaar te doen over een deel van de beschrijving van de boedel. Nu verwacht wordt dat deze beschrijving over ongeveer een half jaar gereed lijkt te zijn is de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKSHE:2012:YC0788 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch Kln.11.24

    Notaris wordt verweten een testament te hebben opgemaakt en gepasseerd, terwijl testatrice volgens klager hiertoe niet wilsbekwaam was. De klacht is ongegrond omdat klager eerder heeft geklaagd over het opstellen van het testament door de notaris. Daarbij had klager alle feiten en omstandigheden van belang moeten aanvoeren. Nu komt klager alsnog met nieuwe argumenten met betrekking tot hetzelfde testament. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2012:YG2011 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2010/31

    Bij ziekenhuisopname van patiënte wordt de diagnose ‘niet geperforeerde diverticulitis’ (uitstulping in de darmwand, niet geopend) gesteld. Verweerder (chirurg) besluit tot een conservatieve behandeling (geen operatie). Ruim een week later overlijdt de patiënte. Het tuchtcollege onderschrijft de diagnose alsmede de behandeling, die in overeenstemming is met de richtlijn. Een behandeling als toegepast biedt (vanzelfsprekend) geen zekerheid omtrent een goede afloop, zo overweegt het college; het dramatische verloop, na een knik in de toestand van de patiënte op de zesde dag van opname, kan niet aan verweerder worden tegengeworpen. Klacht ongegrond.