Zoekresultaten 21021-21030 van de 47844 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:130 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-594
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:130
Verweerder heeft als advocaat van de wederpartij van klagers in strijd gehandeld met gedragsregel 15 lid 1 (oud) door processtukken in twee (gevoegd behandelde) zaken niet gelijktijdig naar de kantonrechter en de advocaat van de wederpartij te (laten) sturen. Een advocaat is immers verantwoordelijk voor zijn medewerkers. Dat verweerder over die gelijktijdige verzending van de stukken de kantonrechter bewust onjuist heeft geïnformeerd tijdens de comparitie - en aldus in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 30 - is de raad niet gebleken. Daarnaast mocht verweerder als partijdige belangenbehartiger namens zijn cliënten de stellingen en feiten aanvoeren zoals hij dat heeft gedaan, zonder daarbij de belangen van klagers te schaden. Voorwaardelijke schorsing voor drie maanden, mede vanwege bekendheid van de raad met acht gelijktijdig lopende klachtzaken jegens deze verweerder met hetzelfde patroon, waarvan 7 eveneens op 11 juni 2018 (grotendeels) gegrond zijn geoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:137 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-688
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:137
Twee advocaten klagen over de handelwijze van verweerder, waarbij klaagster niet-ontvankelijk wordt verklaard in haar klachten wegens ontbreken van een eigen belang daarbij. Wat betreft klager is de raad van oordeel dat verweerder jegens hem in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 15 lid 1 (oud) door niet gelijktijdig verschillende stukken aan de rechter als ook aan klager toe te sturen, alsmede heeft verweerder in strijd gehandeld met gedragsregel 12 (oud) door confraternele correspondentie, zonder toestemming van klager, in het geding te (laten) brengen. De gestelde persoonlijke omstandigheden aan de zijde van verweerder kunnen geen rechtvaardiging zijn dat hij onvoldoende toezicht heeft kunnen houden of zijn medewerkers de hun opgedragen taken tijdens zijn afwezigheid op juiste wijze hebben verricht. Verweerder had in die omstandigheden de noodzakelijke maatregelen tot vervanging moeten nemen als verantwoordelijk advocaat. Van spreken van onwaarheid door verweerder, waardoor de rechter is misleid, is de raad niet gebleken. Voorwaardelijke schorsing voor drie maanden, mede vanwege bekendheid van de raad met acht gelijktijdig lopende klachtzaken jegens deze verweerder met hetzelfde patroon, waarvan 7 eveneens op 11 juni 2018 (grotendeels) gegrond zijn geoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:88 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-892/DB/OB
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 28-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:88
Advocaat heeft tijdens een comparitie van partijen een niet onaannemelijk standpunt van haar cliënte verwoord. Advocaat heeft gehandeld binnen de grens die haar als advocaat van de wederpartij toekwam. Klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:131 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-682
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:131
Gelet op de aard van een conservatoire maatregel, behoefde verweerder klager niet op voorhand te informeren alvorens tot betekening van het beslagrekest over te gaan, zodat hij niet in strijd heeft gehandeld met gedragsregel 19 (oud). Evenmin sprake van rauwelijks dagvaarden door verweerder, omdat klager nog voldoende tijd voor beraad had, alhoewel sprake was van weinig welwillendheid van verweerder. Verweerder heeft naar het oordeel van de raad met de door hem gekozen bewoordingen in het beslagrekest en in de dagvaarding diverse onjuiste feiten geponeerd, waardoor de (voorzieningen)rechter mogelijk op het verkeerde been is gezet Dat een collega daarin werkzaamheden voor verweerder heeft gedaan, disculpeert verweerder niet. Verweerder heeft naar het oordeel van de raad ook het vereiste van extra zorgvuldigheid bij het verstrekken van juiste informatie in het beslagrekest geschonden (gedragsregel 30 oud). Het niet meebetekenen van producties bij een dagvaarding is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar, maar verweerder had die producties daarna gelijktijdig aan de rechter en aan de advocaat van klager moeten sturen, omdat hij wist, dan wel had kunnen weten, dat klager werd bijgestaan door een gemachtigde. Daarmee heeft verweerder in strijd gehandeld met gedragsregel 15 lid 1 (oud) en onnodig de belangen van klager geschaad. Voorwaardelijke schorsing voor drie maanden, mede vanwege bekendheid van de raad met acht gelijktijdig lopende klachtzaken jegens deze verweerder met hetzelfde patroon, waarvan 7 eveneens op 11 juni 2018 (grotendeels) gegrond zijn geoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:132 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-683
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:132
Verweerder heeft de kantonrechter in zijn fax onjuist geïnformeerd door daarin te stellen dat hij namens zijn cliënte een tegenaanbod heeft gedaan aan klaagster om de zaak op de rol te laten doorhalen tegen vergoeding van het liquidatietarief, terwijl van een dergelijk aanbod tot dat moment feitelijk geen sprake is geweest. Daarmee heeft verweerder de grenzen van de hem, als advocaat van de wederpartij toekomende vrijheid, overschreden jegens klaagster en tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Gedragsregel 30 (oud). Voorwaardelijke schorsing voor drie maanden, mede vanwege bekendheid van de raad met acht gelijktijdig lopende klachtzaken jegens deze verweerder met hetzelfde patroon, waarvan 7 eveneens op 11 juni 2018 (grotendeels) gegrond zijn geoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:133 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-684
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:133
Klager verwijt verweerder documenten bij het gerechtshof te hebben ingediend waarvan hij wist, dan wel had kunnen weten, dat het gerechtshof daarmee op het verkeerde been gezet zou worden en dat tot een onjuiste voorstelling van zaken zou leiden. Niet is komen vast te staan wat tijdens de zitting bij het gerechtshof tussen partijen is besproken en afgesproken. Evenmin is komen vast te staan dat verweerder door het zwartmaken van passages in zijn nagezonden documenten van zijn cliënte het gerechtshof op het verkeerde been heeft gezet, nu voor de raad onduidelijk is gebleven of het gerechtshof aandacht had voor de situatie met de paarden zoals die was ten tijde van de beslaglegging of juist voor de situatie van de paarden ten tijde van de zitting in hoger beroep. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2018:41 Accountantskamer Zwolle 17/1437 Wtra AK
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 18-06-2018
- ECLI:NL:TACAKN:2018:41
Nu het ging om een ingehuurde, bijna fulltime in de onderneming werkende directeur, met een bij die functie behorend salaris, had betrokkene moeten nagaan of een VAR-verklaring was verstrekt. Door dit na te laten heeft betrokkene in strijd gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid als bedoeld in artikel 12 VGBA. Het enkele feit dat volgens de jaarrekening (slechts) aan een van de aandeelhouders een deel van het beoogde dividend is uitgekeerd, had voor betrokkene reden moeten zijn om aan het management nadere vragen te stellen. Door dit na te laten heeft betrokkene in strijd gehandeld met het bepaalde in paragraaf 32 van Standaard 4410H en daarmee eveneens met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Maatregel: waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:134 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-685
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 11-06-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:134
Klagers verwijten verweerder dat hij op zijn H2-formulier aan het gerechtshof mededelingen heeft gedaan, waarvan hij wist, althans behoorde te weten, dat die onjuist waren, waardoor het verzoek van klagers om spoedappel te mogen instellen, is afgewezen. Volgens de raad is met de door verweerder gebruikte bewoordingen sprake geweest van een misleidende formulering richting het gerechtshof, waardoor klagers onnodig in hun belangen zijn geschaad. Beroep van verweerder op overmacht gaat niet op. Voorwaardelijke schorsing voor drie maanden, mede vanwege bekendheid van de raad met acht gelijktijdig lopende klachtzaken jegens deze verweerder met hetzelfde patroon, waarvan 7 eveneens op 11 juni 2018 (grotendeels) gegrond zijn geoordeeld.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17253e
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 18-06-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:56
Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde na overlijden patiënt die ter revalidatie was opgenomen ongegrond. Verweerder werd verweten patiënt niet goed onderzocht te hebben en ten onrechte geen actie te hebben ondernomen. Er waren echter geen aanknopingspunten voor verder onderzoek dan door verweerder gedaan, in het bijzonder niet voor het door klaagster gestelde acuut nierfalen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:173 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.552
- Datum publicatie: 18-06-2018
- Datum uitspraak: 05-06-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:173
Klacht tegen bedrijfsarts. Klager heeft zich vanwege ziekmakende omstandigheden op de werkplek ziek gemeld en is vervolgens gezien door de bedrijfsarts. Klagers klaagt erover dat 1) de bedrijfsarts na de ziekmelding ten onrechte het bestaan van een arbeidsconflict heeft ontkend, 2) in strijd met de STECR heeft gehandeld in verband met dit arbeidsconflict, en 3) in strijd met het Standpunt Claimbeoordeling heeft gehandeld in verband met de klachten als gevolg van de gebrekkige ventilatie en de opstelling van de werkgever, alsmede in verband met eerder bestaande RSI-klachten. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep verworpen.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2102
- Pagina: 2103
- Pagina: 2104
- ...
- Pagina: 4785
- Volgende pagina zoekresultaten