Zoekresultaten 20791-20800 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:185 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-923

    Klacht tegen eigen advocaat over het niet bespreken van toevoegingsmogelijkheden in strafzaak verzekeringsfraude. €50.000 gedeclareerd. Gedragsregel 24. Art 12 Wrb. Bedrijfsmatig belang. Strafdagvaarding op naam klager, niet op bedrijf. Geen uitzondering, geen goede gronden om aan te nemen dat cliënt niet in aanmerking kwam voor toevoeging. Klachtonderdeel gegrond. Verweerder mogelijk op verkeerde been gezet door klagers herhaalde beweringen dat hij veel, al dan niet zwart, geld had. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2018:12 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-73

    1. de notaris had geen legal opinion mogen afgegeven. 2. de notaris had de aantekeningen van het (beweerde) gesprek in 2008 onder de gegeven omstandigheden niet mogen weggooien. 3. de notaris heeft zijn geheimhoudingsplicht geschonden door [M] wel éénzijdig van informatie te voorzien en klaagster niet.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/051AP

    Klaagster heeft een klacht ingediend tegen twee apothekers. Zij verwijt beide apothekers - kort samengevat- dat zij onzorgvuldig jegens haar hebben gehandeld door aan haar verkeerde medicatie (Sotalol 80 mg in plaats van Montelukast 10 mg) te verstrekken. De klacht heeft tevens betrekking op de organisatie van de apotheek. Ongegrond

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:63 Accountantskamer Zwolle 17/2550 Wtra AK

    Betrokkene maakte deel uit van het team dat werkte aan de opdracht die onderwerp is van de klacht met nummer 17/2549. Hij was betrokken bij de formulering van de opdracht en adviseerde de accountant die eindverantwoordelijk was bij het opstellen van het rapport. Ook fungeerde hij voor hem als klankbord. Betrokkene was dan ook medeverantwoordelijk voor het uitvoeren van de opdracht en kan daarom voor deze opdracht tuchtrechtelijk worden aangesproken. Verwezen wordt naar de overwegingen in die tuchtzaak. Bij het opleggen van de maatregel van waarschuwing heeft de Accountantskamer er mede op gelet dat betrokkene niet eerder tuchtrechtelijk is veroordeeld.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:64 Accountantskamer Zwolle 17/2549 Wtra AK

    Aan betrokkene is opdracht gegeven om een standpunt in te nemen ten aanzien van het verwerken van verschillende posten in de jaarrekening 2013 van een vennootschap, waaronder de rekening-courantvordering van deze vennootschap op de StAK. In deze laatste post was een bedrag opgenomen dat de vennootschap aan de StAK ter beschikking had gesteld voor de aankoop van certificaten van aandelen in de vennootschap. De StAK beschikte zelf niet over de middelen hiervoor. Het ging om certificaten van een bestuurder die aftrad. In de beëindigingsovereenkomst tussen de vennootschap en de desbetreffende bestuurder was overeengekomen dat laatstgenoemde de helft van zijn certificaten aan de StAK zou verkopen. Ondanks betaling van verschuldigde bedrag zijn de aandelen niet aan de StAK geleverd. De Accountantskamer is van oordeel dat de conclusie van betrokkene, dat er geen aanleiding is te veronderstellen dat de jaarrekeningpost rekening-courantvordering niet correct is weergegeven, een deugdelijke grondslag ontbeert. Betrokkene heeft immers, in de wetenschap dat er ruim een jaar na de beëindigingsovereenkomst nog steeds onduidelijkheid bestond over de vraag hoe de transacties juridisch moesten worden vormgegeven, volstaan met de vaststelling dat er geen sprake was van een lening, nu een overeenkomst van lening ontbrak. Gelet op alle onduidelijkheden had het echter op de weg van betrokkene gelegen om na te gaan welke transacties precies hadden plaatsgevonden. Dan had hij kunnen vaststellen dat de certificaten niet aan de StAK waren geleverd, hetgeen in het kader van zijn opdracht zeer relevante informatie zou zijn geweest. Daar komt bij dat betrokkene ook geen onderzoek naar de financiële positie van de StAK heeft gedaan, terwijl hij zich wel heeft uitgelaten over de al dan niet inbaarheid van de vordering. Nu betrokkene bekend was met het feit dat de StAK de certificaten niet zelf kon betalen en SIG de betaling om die reden heeft gefinancierd, was er naar het oordeel van de Accountantskamer alle aanleiding om juist ook naar de financiële positie van de StAK uitgebreider onderzoek te doen. Op voorhand kon immers niet worden uitgesloten dat dit had moeten leiden tot het treffen van een voorziening of het afwaarderen van de vordering. Betrokkene heeft aldus het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid geschonden. Bij het opleggen van de maatregel van berisping heeft de Accountantskamer er mede op gelet dat betrokkene al twee keer eerder tuchtrechtelijk is veroordeeld in verband met het rapporteren van bevindingen waaraan een deugdelijke grondslag ontbreekt.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:154 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 081/2018

    Verblijf in en ontslag uit ggz-instelling. Klacht tegen onder meer niet optreden tegen bedreiging met keukenmes door medepatiënt en vernieling persoonlijke spullen, verkeerde/teveel medicatie bij ontslag en niet-nakoming toezegging.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:117 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-307/DB/ZWB/D

    Tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door meerdere malen voorwerpen het gerechtsgebouw binnen te brengen die volgens de veiligheidsvoorschriften niet zijn toegestaan. Mede gelet op tuchtrechtelijk verleden berisping. Proceskostenveroordeling

  • ECLI:NL:TNORDHA:2018:11 Kamer voor het notariaat Den Haag 18-21

    Klager verwijt de notaris dat hij de Wet op het Notarisambt (hierna: Wna) heeft geschonden alsmede eigenrichting heeft gepleegd. Verder heeft de notaris met de weigering om de gronden te passeren artikel 21 Wna geschonden. De notaris heeft bijvoorbeeld nimmer een UBO-verklaring gevraagd. Klager is de dupe van de wanprestatie van de notaris. De notaris heeft artikel 22 Wna geschonden door alle informatie te geven die hij kende.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:108 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/033AP

    Klaagster dient een klacht in tegen haar voormalig apotheker. Zij verwijt de apotheker dat zij, of het personeel waaraan zij leiding geeft, haar verkeerde medicatie heeft verstrekt. Klaagster zegt dat haar gezondheid hierdoor ernstige schade op had kunnen lopen. Volgens klaagster maakt de apotheek al jaren fouten. Gegrond, waarschuwing

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:239 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.523

    Klacht tegen een psychiater. Klager is in het kader van een vorderingsprocedure op grond van artikel 130 lid 1 van de Wegenverkeerswet 1994 door verweerder, psychiater, onderzocht met betrekking tot de vraag of hij beschikt over de psychische geschiktheid vereist voor het besturen van een motorrijtuig. De klacht houdt in dat de rapportage van verweerder onzorgvuldig tot stand is gekomen en/of dat de daarin getrokken conclusie van alcoholmisbruik onvoldoende wordt ondersteund door de bevindingen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat in het rapport op onvoldoende consistente wijze uiteengezet is waarop de conclusie steunt dat bij klager de psychiatrische diagnose alcoholmisbruik in ruime zin gesteld kan worden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de psychiater de maatregel van berisping opgelegd. Anders dan het Regionaal Tuchtcollege is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat de psychiater wel in redelijkheid tot het oordeel heeft kunnen komen dat bij klager sprake is van alcoholmisbruik in ruime zin. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de bestreden beslissing en verklaart de klacht alsnog ongegrond.