Zoekresultaten 20521-20530 van de 48210 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:223 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-388

    Klacht over advocatenkantoor deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:139 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-512/DB/ZWB/D 18-513/DB/ZWB

    Verweerder stond zichzelf bij in echtscheidingszaak en heeft daarbij onvoldoende professionele distantie in acht genomen. Inhoud en toonzetting van verweerders correspondentie aan de rechtbank, de deken, klaagsters advocaat en klaagster passen een behoorlijk handelend advocaat niet en zijn onnodig grievend. Voorwaardelijke schorsing van vier weken. Proceskostenveroordeling. Verkorting termijn ex art. 8a lid 3 tot twee jaar.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:77 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1822

    Bedrijfsarts wordt onder meer verweten dat hij klaagster binnen enkele minuten arbeidsgeschikt heeft verklaard zonder haar op het spreekuur te hebben gezien en zijn beroepsgeheim heeft geschonden. College: verschil arbeidsomstandighedenspreekuur en verzuimspreekuur. De bedrijfsarts heeft nagelaten zich te vergewissen of de status van het spreekuur duidelijk was voor klaagster. Klaagster dacht dat zij op het arbeidsomstandighedenspreekuur kwam; in dat geval mocht de bedrijfsarts geen informatie delen met klaagsters werkgever. Nu de bedrijfsarts wel informatie heeft gedeeld, zal hij gehandeld hebben in het kader van verzuimbegeleiding. De door de bedrijfsarts richting de werkgever gebruikte kwalificaties ‘scherp’ en ‘persoonlijk’ vallen niet onder gegevens die de bedrijfsarts mocht doorgeven aan de werkgever: er is dus sprake van een schending van de geheimhoudingsplicht. De bedrijfsarts plaatste klaagsters verzuim in het kader van een arbeidsconflict. Ook dan had hij éérst klaagsters gezondheidssituatie medisch moeten beoordelen (zie ook STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten, versie 6, oktober 2014). Niet gebleken is dat de bedrijfsarts dat in voldoende mate heeft gedaan. Gedeeltelijk gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:78 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1857

    Bedrijfsarts wordt onder meer verweten dat hij 1) de benadering van klagers leidinggevenden en de beleidskeuze niet als belemmerende factor wilde benoemen in de FML, 2) in het deskundigenoordeel van UWV expliciet heeft laten opnemen dat klager bij het derde consult na 5 minuten is opgestapt en 3) aan de arbeidsdeskundige heeft aangegeven dat bij klagers inzetbaarheid en plaatsing geen rekening behoeft te worden gehouden met zijn cognitief niveau. College: 1) In een FML worden beperkingen en mogelijkheden van de werknemer weergegeven en niet het gedrag of het beleid van de werkgever. 2) De informatie in het deskundigenoordeel over het weglopen van klager uit het gesprek was hoe dan ook afkomstig van verweerder (zij het wellicht niet rechtstreeks). Die informatie valt niet onder gegevens die de bedrijfsarts in de terugkoppeling met derden mocht delen (zie ook de ‘KNMG-code Gegevensverkeer’ en de ‘Leidraad bedrijfsarts en privacy’). 3) Dat de bedrijfsarts deze uitlating heeft gedaan, is niet komen vast te staan. Gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:140 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-406/DB/OB

    Niet gebleken dat door optreden van verweerder het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:141 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-423/DB/OB

    Niet gebleken dat door optreden van verweerder het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2002:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1841

    KNO arts wordt verweten door zoon overleden patiënt: 1. niet (tijdig) stellen van juiste diagnose, 2. niet onderkennen van urgente situatie, 3. onvoldoende informeren, klachten niet serieus genomen, 4. 12 weken lang second opinion afgewezen, 5. niet reageren op verzoek huisarts tot gesprek. 1+ 2 gegrond, missen juiste diagnose (maligne otitis externa) is niet doorslaggevend, wel onvoldoende nemen van regie, verantwoordelijkheid als hoofdbehandelaar niet waar gemaakt zeker nu arts zelf al eerder aan diagnose dacht, onvoldoende stevige professionele rol, 3+4 op onderdelen gegrond, onvoldoende, onduidelijke verslaglegging waardoor handelen niet kan worden beoordeeld voor wat betreft geven informatie en overleg in MDO, second opinion op medisch inhoudelijke gronden onjuiste en zinloze verwijzing, 5. ongegrond. Berisping, onvoldoende inzicht en reflectie.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:142 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-432/DB/ZWB

    Zaak inzake herberekening kinderalimentatie onvoldoende voortvarend behandeld door deze pas twee maanden na het eerste gesprek door te geleiden naar de behandelende kantoorgenoot. Ten onrechte niet gewezen op de mogelijkheid van gefinancierde rechtsbijstand en de mogelijkheid van peiljaarverlegging. Gelet op het geringe belang van de zaak en de te verwachten (hoge) (advocaat)kosten had van de advocaat mogen worden verwacht dat hij zijn cliënt had voorgehouden dat het wellicht verstandiger was een schikking te betrachten dan wel te voldoen aan de vordering. Dat, zoals de advocaat stelt, een schikking met de wederpartij is betracht, is niet gebleken. Declaraties van de advocaat staan niet in verhouding tot het belang van de zaak en mede op grond daarvan excessief.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:138 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-495/DB/OB/D

    Voortdurende en hinderlijke gedragingen van verweerder in de privésfeer die absoluut ongeoorloofd zijn. In het midden kan blijven hoe deze feiten strafrechtelijk kunnen worden gekwalificeerd. Vertrouwen in de advocatuur en in de eigen beroepsuitoefening geschaad en gehandeld in strijd met de kernwaarden van de advocatuur. Toezegging niet nagekomen. Dekenbezwaar gegrond. Voorwaardelijke schorsing 12 weken. Proceskostenveroordeling. Verkorting termijn ex art. 8a lid 3 tot twee jaar.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/206VP

    Klager vindt dat verweerster, diabetesverpleegkundige, zijn diabetes onvoldoende heeft begeleid tijdens zijn chemokuur, waardoor een gevaarlijks situatie is ontstaan. Verweerster heeft de klachtonderdelen betwist. Ongegrond