Zoekresultaten 20461-20470 van de 47227 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:81 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-090/DB/OB

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:83 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-1033/DB/OB

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:84 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-175/DB/ZWB

    Niet gebleken dat verweerster zaak heeft gerekt, noch dat zij klaagster tijdens de comparitie zodanig dringen heeft toegesproken dat deze zich gedwongen voelde om in te stemmen met een regeling. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klagers te wijzen op de zwakke kanten van de zaak. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/152

    Klacht tegen huisarts. Klager heeft op straat zijn scheenbeen gebroken, waarop verweerder werd gebeld. Verweerder heeft klager bezocht op straat en is vervolgens terug naar zijn praktijk gegaan om een ambulance en het ziekenhuis te bellen. De moeder van klager wendde zich eveneens tot de praktijk om met verweerder te spreken, maar verweerder gaf prioriteit aan andere zaken en wilde niet met haar in gesprek. Klager verwijt verweerder onder meer dat hij onvoldoende met klager en zijn moeder heeft gecommuniceerd toen hij ter plekke kwam respectievelijk toen klagers moeder verweerder in de praktijk bezocht. Daarnaast verwijt klager verweerder dat hij onvoldoende empathie heeft getoond op verschillende momenten. Voorts verwijt klager verweerder dat hij onvoldoende voorbereid was doordat hij zijn spoedkoffer niet bij zich had toen hij klager op straat bezocht. Wat verweerder wel of niet heeft gezegd tegen klager toen verweerder hem ter plekke bezocht, kan niet worden vastgesteld nu verweerder klagers weergave van het gesprek gemotiveerd betwist en de dossierstukken hierover geen uitsluitsel bieden. Dit gedeelte van de klacht kan dan ook niet gegrond worden verklaard. Wat betreft de communicatie met moeder geldt dat daar geen medische noodzaak toe was en verweerder op dat moment terecht andere zaken, namelijk overleg met de meldkamer ambulancezorg en het ziekenhuis waar klager zou worden opgenomen, urgenter achtte. Ook dit kan verweerder niet worden verweten. Het verwijt dat verweerder onvoldoende empathie heeft gehad, is voorts eveneens ongegrond omdat dit niet is gebleken. Het college verwijt verweerder echter wel dat hij na de oproep ter plaatse is gegaan zonder spoedkoffer. Nu klager zich vlakbij de praktijk bevond, wordt hiervoor evenwel geen maatregel opgelegd. De spoedkoffer kon namelijk heel snel opgehaald worden. Gedeeltelijk gegrond zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen VP2018/01

    Klagers zijn de ouders van een minderjarige met een chromosoomafwijking. Het kind heeft 24 uur per dag zorg nodig. Om voeding tot zich te krijgen, heeft het kind een Tummy-voedingsbutton, een voedingssonde. Gedurende de dagdienst van een collega van verweerster is de situatie van het kind achteruit gegaan hetgeen uiteindelijk heeft geleid tot een levensbedreigende situatie en een ziekenhuisopname. Tijdens de nachtdienst van verweerster raakt de sonde los en verweerster probeert tevergeefs de sonde weer terug te plaatsen. Klagers verwijten verweerster onder meer dat zij niet bekwaam was om deze voorbehouden handeling te verrichten. Verweerster heeft enige jaren geleden een training in sondezorg gevolgd en met succes afgerond. Daarna heeft zij echter de handeling niet meer in de praktijk verricht. Wel heeft zij YouTube-filmpjes bekeken waarin de betreffende handeling werd vertoond. Het college oordeelt dat verweerster zich, nu zij de betreffende handeling enkel in een onderwijssetting heeft verricht c.q. geoefend, terwijl zij in de jaren daarna de handeling niet meer heeft verricht, niet bekwaam heeft mogen achten. Het kijken van filmpjes waarin de handeling wordt vertoond, is niet voldoende om dit bekwaamheidsgebrek te repareren. Dit klachtonderdeel wordt gegrond verklaard. Het college volstaat met een waarschuwing, omdat verweerster inzicht heeft getoond in het feit dat zij voor deze handeling nadere scholing nodig had. Zij heeft ook het initiatief genomen tot deze scholing voor de groep verpleegkundigen die bij de zorg voor het kind betrokken zijn.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:63 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/381AP

    Klager, die in het kader van een samenwerkingsproject met klagers huisarts ter verbetering van de farmacotherapeutische zorg is uitgenodigd voor een gesprek, verwijt de apotheker dat deze hem in dit gesprek heeft misleid. Voorts verwijt klager de apotheker dat deze beschikte over zijn telefoonnummer. Verweerder voert verweer. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen VP2018/02

    Klagers zijn de ouders van een minderjarige met een chromosoomafwijking. Daardoor heeft het kind 24 uur per dag zorg nodig. Om voeding tot zich te krijgen, heeft het kind een Tummy-voedingsbutton, een voedingssonde. Op enig moment is de voedingssonde ’s nachts losgeraakt en door een MDL-arts in het ziekenhuis teruggeplaatst. Daarbij is, zo is eerst de volgende dag gebleken, de maagwand van het kind geperforeerd. Gedurende de dagdienst van verweerster is de situatie van het kind achteruit gegaan hetgeen uiteindelijk heeft geleid tot een levensbedreigende situatie en een ziekenhuisopname. Het college komt tot het oordeel dat niet gezegd kan worden dat verweerster de signalen omrent de achteruitgang van het kind niet tijdig zou hebben opgemerkt. Voor wat betreft de door verweerster ondernomen acties nadat was vastgesteld dat de situatie van het kind achteruit ging, lopen de lezingen van betrokkenen uiteen. Klagers voeren aan dat verweerster niet adequaat zou hebben gereageerd, terwijl verweerster dit gemotiveerd bestrijdt. Een dergelijk verschil van inzicht kan niet leiden tot een gegrondverklaring van het betreffende klachtonderdeel, nu hetgeen klagers aanvoeren niet nader is onderbouwd, waarbij het college aan een achteraf opgestelde verklaring van een van de betrokkenen geen doorslaggevende betekenis toekent, te meer niet, omdat deze verklaring niet wordt gesteund door hetgeen in de rapportage is vermeld. Ten slotte kan naar het oordeel van het college evenmin worden gesteld dat verweerster geen inzicht in haar eigen handelen zou hebben getoond. De klacht wordt in alle onderdelen ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:82 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-968/DB/ZWB/D

    Tuchtrechtelijk verwijtbaar en in strijd met kernwaarden van de advocatuur gehandeld. Betrokkenheid bij handel in wapens en verdovende middelen. Strafrechtelijke kwalificatie niet vereist voor tuchtrechtelijk oordeel. Kantoor administratie en praktijkvoering niet in orde. Deken bezwaar gegrond. Gelet op aard en ernst verwijten en gelet op tuchtrechtelijk verleden schrapping. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:64 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/088T

    Klaagster dient een klacht in tegen de tandarts vanwege een onjuiste behandeling van een gebroken voortand. Klaagster verwijt verweerder dat hij haar pijnklacht heeft genegeerd en verder is gegaan met de behandelingen, terwijl hij wist dat het een onjuiste behandeling was. Tevens heeft de tandarts haar niet geïnformeerd over de mislukte wortelkanaalbehandeling en heeft hij verzuimd haar door te verwijzen. Gegrond, berisping

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/06

    Klacht tegen chirurg. Klager is onderzocht op verdenking appendicitis en verwijt verweerder dat hij geen nader onderzoek heeft laten verrichten, maar hem naar huis heeft gestuurd ondanks dat hij heftige buikpijn had. Resultaten onderzoeken waren normaal, geen urgente diagnose. Vangnet afgedicht. Klacht ongegrond.