Zoekresultaten 20311-20320 van de 46847 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:69 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-871/DB/ZWB
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 14-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:69
Verweerster heeft de grenzen van de aan haar, in haar hoedanigheid van advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid overschreden door de geheimhoudingsclausule uit de mediationovereenkomst waaraan haar cliënte jegens klager was gebonden te schenden. Gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:138 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.467
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:138
Klacht tegen huisarts. Klager is zeven jaar lang patiënt geweest in de praktijk van verweerder (huisarts). Op enig moment heeft een arts van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verweerder benaderd met (medisch specialistische) vragen over klager in verband met zijn aanvraag bij het CIZ om huishoudelijke hulp. Verweerder heeft bij brief de vragen van het CIZ beantwoord en het CIZ geadviseerd de aanvraag van klager af te wijzen. Klager verwijt verweerder dat hij: 1) destijds onjuiste en grievende uitlatingen over klager heeft gedaan richting derden in reactie op een verzoek om informatie van en instantie inzake een aanvraag van klager om huishoudelijke ondersteuning. Door deze valse beschuldigingen en smadelijke uitlatingen is klager aangetast is zijn persoonlijke levenssfeer en integriteit. Door de conclusies van verweerder in zijn brief aan het CIZ zijn voorzieningen en faciliteiten op grond van sociale- en zekerheidswetgeving voor klager gefrustreerd. Ter zitting heeft de gemachtigde van klager hier nog aan toegevoegd dat verweerder destijds bovendien had moeten weten dat zijn conclusie omtrent klager onjuist waren, nu drs. G. en prof. H. in hun rapportages heel anders over de gezondheidstoestand van klager verklaarden. Klager meent bovendien dat hem ten onrechte niet de kans is geboden zijn blokkeringsrecht uit te oefenen; en 2) hij opzettelijk door hem geschreven (smadelijke) documenten uit het medisch dossier van klager heeft verwijderd. Ter zitting heeft de gemachtigde van klager toegelicht dat klager met zijn verwijt doelt op de brieven die verweerder destijds aan het CIZ heeft geschreven. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klachtonderdeel 1 (deels) gegrond verklaard zonder oplegging van een maatregel en klachtonderdeel 2 ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door klager ingestelde beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:119 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.217
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:119
De man die de dochter van klaagster heeft erkend, heeft bij de bedrijven, waarvan de zoon van de huisarts eigenaar is, een DNA-vaderschapstest gekocht en laten uitvoeren. De huisarts is als medisch adviseur aan die bedrijven verbonden. Klaagster verwijt de huisarts dat hij in het kader van de DNA-vaderschapstest op alle fronten in gebreke is gebleven. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat het handelen van de huisarts niet kan worden getoetst aan de in artikel 47 lid 1 WET BIG vastgelegde tuchtnormen. Tussen de huisarts en klaagster was geen sprake van een directe zorgrelatie en het handelen van de arts heeft niet het belang van een goede uitoefening de individuele gezondheidszorg geraakt. De beslissing, waarvan beroep, wordt vernietigd en klaagster wordt alsnog in haar klacht niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17211a
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 16-05-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:53
Verwijt aan huisarts (justitieel geneeskundige) dat hij klager voor zijn slaapproblemen wegens een vergrote huig niet heeft doorverwezen naar een KNO-arts. Bij verdenking op OSAS kan verwezen worden naar een longarts of een KNO arts. Gezien de bij klager aanwezige astma heeft verweerder de voorkeur gegeven aan de longarts. Verweerder heeft zorgvuldig en adequaat gehandeld en klager naar de juiste specialist verwezen. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:132 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.366
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:132
Klaagster is langdurig arbeidsongeschikt geraakt en heeft in dat kader verweerder, bedrijfsarts, op het arbeidsomstandighedenspreekuur bezocht, waarna verschillende spreekuren hebben plaatsgevonden met verweerder en twee collega’s van verweerder in het kader van verzuimbegeleiding. Na een mislukte re-integratiepoging is klaagster volledig ziek gemeld en volledig arbeidsongeschikt verklaard. Klaagster heeft 15 klachtonderdelen geformuleerd en verwijt verweerder samengevat dat hij 1) niet zorgvuldig heeft gehandeld jegens klaagster, 2) niet zorgvuldig is omgegaan met het beroepsgeheim, 3) in strijd heeft gehandeld met het belang van een goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg, en 4) niet onafhankelijk heeft gehandeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Klaagster heeft beroep ingesteld tegen die beslissing. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:126 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.420
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:126
Klacht van TBS-kliniek tegen gz-psycholoog. Gz-psycholoog werkzaam in TBS-kliniek is zes maanden na de formele beëindiging van de behandelrelatie een (persoonlijke en nadien seksuele) niet-professionele relatie aangegaan met een ex-patiënt. De tbs-kliniek verwijt de gz-psycholoog dat zij 1) tijdens de behandelrelatie met een (ex-) patiënt de grenzen heeft doen vervagen tussen professioneel en niet-professioneel handelen en 2) na het beëindigen van de behandelrelatie geen melding heeft gedaan van haar contacten met de (ex-)patiënt en aan deze contacten een vervolg heeft gegeven. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster in het eerste klachtonderdeel niet ontvankelijk verklaard omdat de gz-psycholoog toen nog geen BIG-registratie had en heeft het tweede klachtonderdeel gegrond verklaard en de gz-psycholoog daarvoor berispt. De gz-psycholoog is in beroep gekomen van het tweede klachtonderdeel. Het Centraal Tuchtcollege heeft de zorgvuldigheidseisen geformuleerd voor het aangaan van een niet-professionele relatie na beëindiging van de professionele relatie. Voorts is geoordeeld dat de gz-psycholoog niet aan deze vereisten heeft voldaan en dus onzorgvuldig heeft gehandeld. Gelet op de ernst van dit verwijt en met inachtneming van diverse omstandigheden is aan de gz-psycholoog de lichtere maatregel van waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:139 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.471
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:139
Klager heeft de Amerikaanse nationaliteit en verbleef in Nederland waar hij in zijn hotelkamer is gezien door de arts, huisarts, in verband met pijnklachten aan zijn linkerbeen. De arts heeft klager Prednisolon, Oxycodon en een maagbeschermer voorgeschreven. Klager verwijt de arts dat hij 1) klager tijdens het consult onvoldoende (lichamelijk) heeft onderzocht, 2) Prednisolon heeft voorgeschreven, klager niet heeft gewaarschuwd voor de bijwerkingen en risico’s van deze medicatie en geen afbouwschema heeft gehanteerd met betrekking tot deze medicatie, 3) onvoldoende aantekeningen van het consult heeft gemaakt, en 4) onvoldoende nazorg heeft verleend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht deels gegrond verklaard en aan de arts te dier zake de maatregel van berisping opgelegd. De arts heeft beroep ingesteld tegen deze beslissing, waarna klager incidenteel beroep heeft ingesteld. Het Centraal Tuchtcollege verklaart één van de klachtonderdelen alsnog ongegrond en vernietigd de uitspraak in eerste aanleg in zoverre. Voor het overige wordt het principaal beroep verworpen, met instandhouding van de maatregel van berisping. Het incidenteel beroep wordt eveneens verworpen.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1816
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 16-05-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:54
Tandarts. Mond- kaak- en aangezichtschirurg. Klacht: 1) onzorgvuldig gehandeld door afbreken naald niet te merken, 2) fouten niet durven toe te geven en 3) klager aan het lijntje gehouden met onderzoek naaldpunt. College: ongegrond. Tandheelkundige wegwerpnaalden zijn zeer buigbaar. Als naald afbreekt, treedt breuk op bij overgang mantel-naald. Daarnaast is uit onderzoek van de naaldpunt gebleken dat deze niet afkomstig is van naald uit kliniek verweerder. Noch komen vast te staan, noch aannemelijk geworden dat naaldpunt die op de SEH uit de kaak klager is verwijderd, is afgebroken tijdens behandeling door verweerder.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:70 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-1038 DB/ZWB/D
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 14-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:70
Gehandeld in strijd met H4 Voda door te weinig opleidingspunten te behalen en in strijd met gedragsregel 1 door met de deken gemaakte afspraken over inhalen tekort niet na te komen. Dekenbezwaar gegrond. Waarschuwing. Proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:120 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.238
- Datum publicatie: 16-05-2018
- Datum uitspraak: 15-05-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:120
Regionaal Tuchtcollege heeft klachten tegen gz-psycholoog gegrond verklaard over een tekort schietende zorgverlening en het ontbreken van een behandelplan c.q. therapieplan. Overige klachten zijn ongegrond verklaard. Aan de gz-psycholoog is een waarschuwing opgelegd. Klager komt in beroep tegen de ongegrondverklaring van zijn overige klachten: het ondanks verzoek van klager niet (voldoende) aanpassen van de rapportage, het medisch dossier en de ontslagbrief, het onnodig en voortijdig stoppen van de cognitieve gedragstherapie, het niet serieus nemen van de klachten en depressiviteit en het niet willen stellen van een deugdelijke diagnose. De gz-psycholoog gaat eveneens in beroep. Hij vindt dat hij niet tuchtrechtelijk onjuist heeft gehandeld en hem ten onrechte een waarschuwing is opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt zowel het principaal als het incidenteel beroep en bekrachtigt de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege met verbetering van de motivering oplegging maatregel: op onderdelen had de gz-psycholoog betere zorg kunnen en moeten bieden. Er is sprake geweest van onvoldoende regievoering vanuit zijn verantwoordelijkheid als hoofdbehandelaar. Nu de gz-psycholoog lering heeft getrokken uit het voorgevallene en er op zich sprake is geweest van goede bedoelingen, kan volstaan worden met een waarschuwing.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2031
- Pagina: 2032
- Pagina: 2033
- ...
- Pagina: 4685
- Volgende pagina zoekresultaten