Zoekresultaten 20281-20290 van de 46834 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/402

    Klaagster verwijt verweerder dat hij zich ten onrechte heeft uitgegeven voor bedrijfsarts. Tevens verwijt zij hem schending van het beroepsgeheim. Gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:113 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-937

    Klacht over uitlatingen van de advocaat van de wederpartij. Voor zover al zou komen vast te staan dat verweerder de gewraakte uitlatingen tijdens de comparitie van partijen heeft gedaan, dat is immers door verweerder onderbouwd met verklaringen van derden betwist, dan valt naar het oordeel van de raad niet in te zien waarom die uitlatingen als intimiderend, bedreigend of onnodig grievend door klagers konden worden ervaren. Feiten die dat onderbouwen, ontbreken. Klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:103 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 342/2017

    Klacht tegen arts over (gedwongen) opname. Uitgaande van de (beperkt) beschikbare informatie kan niet worden geoordeeld dat verweerster een tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt van de (gedwongen) opname, de gedwongen medicatie en de tijdens de opname toegepaste dwangmiddelen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/122

    De klacht gaat over de verzorging van de man van klaagster overleden in een zorginstelling. De man van klaagster was daar ter revalidatie opgenomen. Aangeklaagde was de behandelaar van de patiënt. Niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:114 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-075

    Voorzittersbeslissing. Verweerster heeft als advocaat van de wederpartij op juiste wijze en binnen de grenzen van haar vrijheid als partijdige belangenbehartiger gehandeld. De juistheid van het verwijt van klager dat verweerster - tot overlijden - zonder rechtsgeldige opdracht voor de vader van klager heeft gewerkt omdat de vader toen niet in staat was om zijn wil te bepalen, kan de voorzitter, tegenover de betwisting daarvan door verweerster dat zij destijds - toen de vader meer helder van geest was - de vader heeft bezocht, de zaak met hem heeft besproken en in zijn opdracht en met instemming van de bewindvoerder van de vader gerechtelijke procedures namens de vader aanhangig heeft gemaakt, niet vaststellen. Geen sprake van onnodig grievende uitlatingen jegens of over klager en evenmin van bedreiging door verweerster. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:115 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-068

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klachten over de kwaliteit van de werkzaamheden van verweerder voor klager kennelijk ongegrond. Verweerder heeft bij het opstellen van het echtscheidingsconvenant in overleg met en in het belang van klager gehandeld.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:72 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-282/DB/LI

    Het staat een advocaat vrij om standpunt van zijn cliënt te verwoorden. Niet gebleken dat belangen van klager nodeloos zijn geschaad noch dat advocaat zich nodeloos grievend heeft uitgelaten. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:78 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180106

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. Het beklag van klaagster is ongegrond voor wat betreft klaagsters verzoek om een advocaat te wijzen voor het aansprakelijk stellen van haar vorige advocaat, omdat het hof over dezelfde kwestie eerder een beslissing heeft genomen (ne bis in idem). Voor zover klaagster verzoekt om aanwijzing van een advocaat voor bijstand in het kort geding, is het beklag gegrond. Het enkele feit dat voor een verwerende partij in kort geding vertegenwoordiging door een advocaat niet wettelijk is voorgeschreven, is in dit geval onvoldoende reden om het verzoek af te wijzen. Rekening moet worden gehouden met de mogelijkheid dat klaagster een tegeneis wil in stellen - waarvoor ook in kort geding vertegenwoordiging door een advocaat vereist is - en/of dat de voorzieningenrechter ter zitting een schikking wil beproeven, waarbij bijstand door een advocaat dringend gewenst is, gezien de gecompliceerde situatie.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:79 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180103

    Beklag artikel 13 Advocatenwet. Verzoek om een advocaat aan te wijzen voor het instellen van cassatieberoep. Het beklag is ongegrond. De deken heeft met juistheid geoordeeld dat de voorwaarde, dat de verzoeker niet zelf een advocaat kan vinden, niet is vervuld, nu twee advocaten zich bereid hebben verklaard klager van advies te dienen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:123 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.365

    Patiënte heeft op 7 april 2016 de huisarts geconsulteerd in verband met klachten aan haar rechterschouder. De huisarts heeft patiënte doorverwezen naar een orthopeed. Op 7 juli 2016 is patiënte overleden. Klager verwijt de huisarts, voor zover in beroep van belang, dat zij de ernst van de situatie van patiënte niet heeft onderkend. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege is, evenals het Regionaal Tuchtcollege, van oordeel dat de huisarts voldoende adequaat heeft gehandeld en dat haar geen tuchtrechtelijke verwijt kan worden gemaakt. Het beroep wordt verworpen.