Zoekresultaten 20281-20290 van de 46424 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:63 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-888
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 12-03-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:63
Verweerder heeft naar het oordeel van de deken zijn mobiele telefoon met geheimhoudernummer ter beschikking heeft gesteld aan zijn inverzekeringgestelde cliënt. Dit is strijd met artikel 6.11 VODA waarin staat dat een advocaat ervoor moet zorgen dat een persoon zonder een verschoningsrecht of zonder een van een advocaat afgeleid verschoningsrecht, geen gebruikmaakt van een dergelijke telefoon. Het feit dat verweerder bij het door zijn cliënt gevoerde telefoongesprek aanwezig was en de regie had van het gesprek doet daar naar het oordeel van de raad niet aan af. de raad verklaart het bezwaar gegrond zonder oplegging van een maatregel omdat verweerder er blijk van heeft gegeven de juistheid van het bezwaar van de deken in te zien.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:57 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-492
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 15-01-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:57
Klacht tegen advocaat wederpartij. Klager is niet-ontvankelijk voor zover hij het bestaan van een rechtsgeldige opdracht van de wedepartij aan verweerster betwist. Klager heeft daarbij onvoldoende persoonlijk belang. Daarnaast is niet gebleken dat verweerster onwaarheden heeft verkondigd of klager heeft aangezet tot fiscale fraude door het doen van bepaalde voorstellen tijdens de onderhandelingen. Klacht in zoverre ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:64 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-710
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 12-03-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:64
Verweerder heeft blijkens de klacht van klager tijdens de behandeling van een strafzaak tegen klager achtergrondinformatie over klager niet naar voren gebracht. Hij heeft klager geadviseerd niets te vertellen over zijn nare levensloop. Verweerder erkent dat hij dat gedaan heeft omdat een dergelijk verweer niet paste in het overige – vrijspraak- verweer dat verweerder in overleg met klager voerde. Overigens is bedoelde achtergrondinformatie tijdens de strafzitting wel degelijk aan de orde geweest. Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is aannemelijk geworden dat klager instemde met de aanpak van verweerder. De klacht is daarom ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:58 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-374
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 15-01-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:58
Klacht tegen eigen advocaat gegrond. Verweerder heeft nagelaten namens klagers een conclusie van dupliek in te dienen waarna vonnis is gewezen. Verweerder heeft weliswaar gesteld wel een conclusie te hebben geschreven maar deze stelling is met geen enkel bewijsstuk onderbouwd. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:65 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-465
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 26-03-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:65
Klacht tegen eigen advocaat. Verweerster wilde aanvullend betaald worden na het maken van een fixed fee afspraak omdat de zaak tegenviel. Door zich te onttrekken aan de zaak nadat haar duidelijk was dat klaagster geen andere betalingsafspraak wilde, heeft verweerster ten onrechte het financiële risico op haar cliënt afgewenteld. Daarnaast heeft verweerster, tegen de uitdrukkelijke wens van klaagster in, onvoldoende gecommuniceerd over een conceptprocesstuk. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:59 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-392
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 15-01-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:59
Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerder heeft tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld door zijn berichten aan de rechtbank niet ook in kopie en per gelijke post aan de gemachtigde van klaagster te richten, nu hem bekend kon zijn dat klaagster zich door een gemachtigde liet bijstaan. Daarnaast heeft verweerder nagelaten om in het verzoekschrift te vermelden dat klaagster werd bijgestaan door een gemachtigde. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:220 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-880
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:220
Wraking. Verzoeker heeft tijdens de behandeling van zijn verzetzaak de behandelende raad verzocht om aangifte wegens meineed te doen tegen een met name genoemd persoon. Dit is door de behandelende raad geweigerd, waarna de raad is gewraakt. Het wrakingsverzoek is eerst buiten behandeling gesteld en na de zitting alsnog door de wrakingskamer schriftelijk afgedaan, zonder zitting (art.4 wrakingsprotocol). Het door verzoeker tegen verweerders aangevoerde bezwaar faalt. De bevoegdheid om aangifte te doen is geregeld in artikel 161 van het Wetboek van Strafvordering. In verband met dit wetsartikel heeft de Hoge Raad bepaald in zijn arrest van 30 maart 1998, NJ 1998, 554, dat het de rechter niet vrijstaat om aangifte te doen naar aanleiding van een mondelinge behandeling op een openbare zitting. Naar het oordeel van de wrakingskamer is dit voor de tuchtrechter niet anders. Overigens bestaat er alleen een bevoegdheid tot het doen van aangifte als men kennis draagt van een strafbaar feit. Of er sprake was van tuchtrechtelijk verwijt, en daarmee mogelijk van een strafbaar feit, diende nu juist door verweerders onderzocht te worden, waarmee aangifte “op voorhand” natuurlijk niet te verenigen is, nog daargelaten het feit dat de tuchtrechter, zoals hiervoor overwogen, daartoe geen bevoegdheid heeft. Wrakingsverzoek afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:53 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1046
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 03-04-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:53
Voorzittersbeslissing: klacht tegen eigen advocaat. Klacht deels niet-ontvankelijk nu daarover al eerder en onherroepelijk door de raad is beslist. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond wegens het ontbreken van een feitelijke grondslag.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:66 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-354
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 03-04-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:66
Klaagster die langdurig ziek was is in een arbeidsgeschil verwikkeld geraakt met haar werkgever, cliënte van verweerder. De vraag die tuchtrechtelijk ter beoordeling voor lag is of verweerster, ongeacht wat het UWV daarover heeft geschreven, zich er zelf van had moeten vergewissen of zij de door haar ontvangen medische en daarmee privacygevoelige gegevens van klaagster in de bezwaarprocedure bij het UWV wel mocht gebruiken en als producties mocht overleggen bij het verweerschrift in de andere procedure – arbeidsgeschil - tussen partijen bij het gerechtshof. De raad beantwoordt dit bevestigend. Klaagster heeft daarvoor geen toestemming gegeven. Weliswaar heeft verweerster kort daarna de bewuste producties alsnog teruggetrokken, maar tijdens de zitting bij het hof heeft verweerster, zoals blijkt uit haar pleitnota, naar het oordeel van de raad te veel informatie over de medische situatie van klaagster met het hof gedeeld, daarmee haar – door de deken geadviseerde - terugtrekking van de gewraakte bijlagen weer ontkrachtend. Daarnaast wordt verweerster tuchtrechtelijk verweten dat zij in de procedure bij het hof feitelijke onwaarheden heeft geponeerd over de ziekte van klaagster. Het standpunt daarover in deze procedure van verweerster valt niet te rijmen met het door haar in de procedure bij het hof ingenomen standpunt. Klachten in zoverre gegrond. Maatregel van waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:221 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-415
- Datum publicatie: 04-04-2018
- Datum uitspraak: 26-03-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:221
Klacht tegen advocaat wederpartij ongegrond. Naar het oordeel van de raad mocht verweerster als partijdig belangenbehartiger de stellingen en feiten namens haar cliënt in de procedure aanvoeren zoals zij dat heeft gedaan. Niet gebleken dat verweerster klaagster (onnodig) heeft beledigd, bewust onwaarheden heeft verkondigd of de procedure heeft willen blokkeren.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2028
- Pagina: 2029
- Pagina: 2030
- ...
- Pagina: 4643
- Volgende pagina zoekresultaten