Zoekresultaten 20291-20300 van de 47599 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:180 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-969/DH/DH

    Verzet ongegrond. Klacht naar aanleiding van een klager onwelgevallig, negatief cassatieadvies.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:174 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-040/DH/DH

    Klaagster en verweerder zijn zus en broer. De broer is tevens advocaat. Tussen beiden wordt al jarenlang geprocedeerd. Verweerder treedt daarbij de ene keer op als advocaat en de andere keer in privé-hoedanigheid. Daardoor is het niet altijd goed mogelijk zijn hoedanigheid in het specifieke geval te onderscheiden. Deze vermenging brengt met zich dat twee klachtonderdelen gegrond worden verklaard. Allereerst heeft verweerder onzorgvuldig gehandeld door aan een door hem ingeschakelde advocaat een ten name van de moeder van partijen gestelde volmacht ter beschikking te stellen. De moeder was namelijk niet meer in staat een volmacht af te geven. Daarnaast heeft die advocaat een valse factuur in het geding gebracht. En verweerder moet worden geacht daarmee te hebben ingestemd. In beide gevallen is de handelwijze van verweerder schadelijk voor het vertrouwen in de advocatuur en in zijn eigen beroepsuitoefening. Voor het overige is de klacht ongegrond. Mede gelet op het tuchtrechtelijk verleden van verweerder legt de raad een onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van 2 weken op.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-241

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Hoewel er door verweerster vanwege een levensbedreigende ziekte geen verweerschrift is ingediend, is het College na bestudering van het dossier tot de conclusie gekomen zich voldoende voorgelicht te achten om in deze zaak thans tot een beslissing te kunnen komen. Niet gebleken dat de verzekeringsarts op niet onafhankelijke wijze tot haar oordeel is gekomen. Niet kan haar worden verweten dat zij geen eigen audiologisch onderzoek heeft verricht bij klager, omdat zij bij een behandelend kno-arts informatie heeft ingewonnen. Klacht voor het overige ook ongegrond. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:238 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.405

    Klacht tegen psychiater. Klaagster is (ongeveer) vijftien jaar lang door verweerder (psychiater) behandeld voor (ernstige) psychiatrische problematiek, waaronder ernstige depressies waarbij zij ook suïcidepogingen heeft gedaan. Op enig moment wordt klaagster in het ziekenhuis opgenomen vanwege een combinatie van een delier en trombocytopenie met hematomen. De klacht houdt in dat verweerder: 1) is tekortgeschoten in de zorg aan klaagster door niet eerder te handelen bij de verhoogde lithiumspiegel; 2) is tekortgeschoten in de zorg aan klaagster door haar niet eerder te behandelen voor de afwijkende trombocytenwaarde; 3) zijn zorgplicht niet is nagekomen door stelselmatig zijn regierol als hoofdbehandelaar niet uit te voeren; 4) onzorgvuldig heeft gehandeld door klaagster niet te behandelen ten aanzien van het delier dat zij doormaakte, als ook door klaagster, haar echtgenoot, de huisarts of zijn team niet te informeren over zijn vermoeden dat klaagster een delier had; 5) niet competent was en/of onvoldoende ervaring had om EMDR bij patiënten met complexe PTSS toe te passen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klachtonderdelen 1 tot en met 4 gegrond en klachtonderdeel 5 ongegrond verklaard. Aan de psychiater is de maatregel van berisping opgelegd. De psychiater stelt principaal beroep in tegen de gegrondverklaring van klachtonderdelen 1 tot en met 4 maar legt zich in zijn beroepschrift neer bij het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege dat hij, gegeven de omstandigheden, onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld in de periode van 13 oktober 2016 tot 24 oktober 2016. Voor zover het beroep van de psychiater is gericht tegen de hoogte van de aan hem opgelegde maatregel slaagt het beroep. Het Centraal Tuchtcollege acht in het onderhavige geval de maatregel van waarschuwing passend en geboden. Het door klaagster ingestelde incidenteel beroep tegen de ongegrondverklaring van klachtonderdeel 5 wordt verworpen. Het Centraal Tuchtcollege onderschrijft het ten aanzien van dat klachtonderdeel gegeven oordeel van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:135 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-070

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De zoon van klager is een dag na het bezoeken van de huisarts overleden aan Acuut Coronair Syndroom. Niet is gebleken dat de huisartsonvoldoende acht heeft geslagen op de voorgeschiedenis van de zoon van klager. Er bestonden, ook volgens de NHG-standaard ACS, onvoldoende aanwijzingen voor cardiale problematiek. Daarom was er geen aanleiding voor het maken van een ECG of insturen van de zoon naar een ziekenhuis. De huisarts kon op basis van de voorgeschiedenis, de (hetero)anamnese en de niet alarmerende resultaten van het lichamelijk onderzoek in redelijkheid tot haar differentiaaldiagnose en beleid komen. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:144 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180066

    Klacht over advocaat wederpartij ook in hoger beroep deels gegrond. Verweerder heeft zich in de dagvaarding onnodig grievend over de wederpartij uit te laten door gebruik te maken van zeer persoonlijke brieven met gevoelige inhoud om daaraan vervolgens vergaande conclusies te verbinden betreffende de relatie tussen klager en zijn ouders. Het hof ziet in hetgeen verweerder heeft aangevoerd geen aanleiding om de door de raad opgelegde maatregel van waarschuwing te verlichten. Kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:181 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-136/DH/RO

    Klacht over de kwaliteit van dienstverlening is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:175 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-810/DH/RO

    Verweerder heeft de betaling van een (gering) bedrag door klager op zijn derdenrekening over het hoofd gezien en vervolgens beslag gelegd ten laste van klager. Dit is onzorgvuldig en tuchtrechtelijk verwijtbaar. Er wordt geen maatregel opgelegd, omdat klager heeft verzuimd om verweerder er naar aanleiding van herhaalde betalingsverzoeken op te wijzen dat hij al betaald had.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:136 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-022

    Gegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Klager kwam op consult bij de verzekeringsarts voor een expertiserapport van een onafhankelijke verzekeringsgeneeskundige in het kader van een beroepsprocedure. De verzekeringsarts had volgens de normen van de beroepsgroep kennis moeten nemen van het dossier van klager, in ieder geval voor zover dit nodig was om zich ervan te vergewissen dat zij de opdracht kon verrichten, ook voor wat betreft haar onafhankelijkheid ten opzichte van de arts op wiens beoordeling de bestreden beslissing gebaseerd was. Zij heeft klager noch tijdens het consult, noch op enig moment (kort) nadien, op de hoogte gebracht van haar positie in deze opdracht en heeft de kwestie aan haar werkgever overgelaten, met als ongewenst gevolg dat haar werkgever het onderzoeksverslag van haar heeft gebruikt om mede op basis daarvan alsnog een expertiserapport te doen opstellen. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:145 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180074

    Klacht tegen advocaat van de wederpartij, dat hij een kansloze zaak heeft aangenomen met als doel zichzelf te verrijken en klager en zijn echtgenote daardoor onnodig op kosten heeft gejaagd, is ook in hoger beroep ongegrond. Bekrachtiging.