Zoekresultaten 20231-20240 van de 47372 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:175 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-300

    Tussenbeslissing waarin de raad de klacht terugverwijst naar de deken voor nader onderzoek. Om te kunnen beoordelen of sprake is geweest van het ontijdig en/of ten onrechte treffen van rechtsmaatregelen tegen klaagster (als voormalig cliënt) moet worden onderzocht wanneer volgens verweerder sprake was van opeisbaarheid van de vordering en of verweerder mocht overgaan tot het incasseren hiervan. Terugverwijzing naar een andere deken dan de deken die de klacht heeft onderzocht om elke schijn van partijdigheid uit te sluiten.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:147 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 127/2018

    Klacht van de inspectie tegen een verloskundige met betrekking door de verloskundige verleende zorg inzake een zorgvraag vallend onder de Leidraad ‘Verloskundige zorg buiten richtlijnen’ (een stuitbevalling in de thuissituatie). De klacht wordt in alle onderdelen gegrond verklaard. Volgt ontzegging van het recht wederom in het BIG-register te worden ingeschreven.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:172 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-889

    Dekenbezwaar betreft handelen van advocaat in hoedanigheid van curator. In verband daarmee loopt tegen de advocaat een strafrechtelijk onderzoek. Verweerder verweert zich tegen de dekenbezwaren maar wil niet inhoudelijk op de dekenbezwaren ingaan. Als verweerder zaken naar voren brengt kan hij zich incrimineren. Ter zitting doet verweerder de toezegging om afspraken te maken met als thema dat hij zich voorlopig niet op het tableau laat inschrijven. Om deze zaak goed te kunnen beoordelen en daaraan het tuchtrechtelijk gevolg te kunnen geven dat bij de zaak past, oordeelt de raad van belang om over zoveel mogelijk feiten te kunnen beschikken. De raad geeft een tussenbeschikking en verwijst de zaak voor aanvullend onderzoek terug naar de deken met verzoek over enige tijd te rapporteren over de verdere ontwikkelingen en het standpunt van partijen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:165 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-033

    Gegronde klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde. De IGJ heeft geklaagd over euthanasie bij een demente patiënte in een verpleeghuis. Aanleiding hiervoor was het oordeel van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) dat de euthanasie op onderdelen niet zorgvuldig was geweest. Het College is het hier grotendeels mee eens. De schriftelijke wilsverklaring was in dit geval niet in orde en de arts had moeten proberen om de uitvoering van de levensbeëindiging tevoren met patiënte te bespreken. Aan de arts, die zich open en toetsbaar heeft opgesteld, is een berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:160 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-958

    Klacht van geschrapte oud-advocaat tegen verweerster, in haar hoedanigheid van (voormalig) lid van de Raad van de Orde, ongegrond. Dat verweerster zich tijdens een kantoorbezoek aan klager (toen nog advocaat) heeft misdragen en onder meer dit tot de schrapping van klager heeft geleid, heeft de raad niet kunnen vaststellen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:167 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-280

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerster heeft geen feiten geponeerd waarvan zij de onwaarheid kende of redelijkerwijs had moeten kennen. Voorts is zij niet onzorgvuldig met de belangen van klaagster omgegaan.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:148 Raad van Discipline Amsterdam 18-083/A/A

    Klacht van Kamer in Eerste Aanleg binnen internationaal tribunaal over advocaat. Verweerder treedt op als advocaat van de heer C die, als één van de verdachten, terecht staat voor tijdens het regime van Democratisch Kampuchea (de Rode Khmer) begane misdrijven tegen de menselijkheid, genocide, oorlogsmisdrijven en schendingen van het internationaal humanitair recht. Klaagster is de Trial Chamber (in het Nederlands: Kamer in Eerste Aanleg) van het internationale tribunaal waar de zaak tegen de heer C wordt behandeld. Aangezien verweerder vanaf 1 januari 2016 niet langer in Nederland is ingeschreven als advocaat en evenmin de hoedanigheid bezit van een bezoekende advocaat zoals bedoeld in artikel 16b Advocatenwet, is de raad voor zover de klacht ziet op een handelen en/of nalaten van verweerder vanaf 1 januari 2016 niet bevoegd om van de klacht kennis te nemen. Klacht ziet voor het overige in de kern op opmerkingen van verweerder met betrekking tot twee internationale rechters die deel uitmaken van de Trial Chamber. De Trial Chamber bestaat daarnaast evenwel ook nog uit drie Cambodjaanse rechters, zodat klaagster hierbij naar het oordeel van de raad onvoldoende eigen en rechtstreeks belang heeft. De raad verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van gedeelte van klacht, klaagster voor het overige niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:56 Accountantskamer Zwolle 18/129 Wtra AK

    Betrokkene heeft een verklaring gegeven, waarbij op vele punten de voorschriften uit paragraaf 18 van Standaard 4400 zijn geschonden, en daarmee ook het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid (artikel 2 onder d VGBA). Daarnaast heeft hij ontoelaatbare druk uitgeoefend op klager om geen klacht in te dienen. Maatregel: waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2016:268 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 150066

    De klacht dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door de rechter te misleiden, te trachten klager weg te houden bij zijn cliënt en niet met klager te willen spreken maar uitsluitend rechtstreeks met zijn cliënt, wordt in hoger beroep alsnog ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:161 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-284

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij deels kennelijk ongegrond en deels kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen sprake van onnodig grievende uitlatingen. Klager heeft voorts geen belang bij klacht over het – volgens hem – door verweerster op basis van onjuiste informatie aanvragen van een toevoeging.